<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<?xml-stylesheet href="IMRO-PT.css" type="text/css"?>
<plantekst xsi:schemaLocation="http://www.geonovum.nl/imro/pt/2008/1 http://schemas.geonovum.nl/imro/pt/2008/1.0//IMRO-PT2008.xsd" identificatie="NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01" xmlns:xl="http://www.w3.org/1999/xlink" xmlns:imropt="http://www.geonovum.nl/imro/pt/2008/1" xmlns="http://www.geonovum.nl/imro/pt/2008/1" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance">
	<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
	<verwijzingNaarPlangebied xl:type="simple" xl:href="NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01.gml"/>
	<verwijzingNorm>IMRO2008</verwijzingNorm>
	<verwijzingNorm>PRPT2008</verwijzingNorm>
	<autonummering>true</autonummering>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s0">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>1</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer></nummer>
		<titel>International Trade Centre (ITC) 2012</titel>
		<objectType>document</objectType>
		<objectNiveau>0</objectNiveau>
		<ouderId></ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p></p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s489">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>2</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer></nummer>
		<titel>Toelichting</titel>
		<objectType>toelichting</objectType>
		<objectNiveau>1</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s0</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p></p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s490">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>3</volgnummer>
		<objectLabel>hoofdstuk</objectLabel>
		<nummer>1</nummer>
		<titel>Inleiding</titel>
		<objectType>hoofdstuk in toelichting</objectType>
		<objectNiveau>2</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s489</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s491">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>4</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.1</nummer>
		<titel>Aanleiding en doel</titel>
		<objectType>paragraaf</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s490</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Het bestemmingsplan "ITC 1996" dateert uit 1996. Op basis van de Wet ruimtelijke ordening is de gemeente verplicht om bestemmingsplannen eens in de tien jaar te herzien. Dit bestemmingsplan is ten eerste een actualisatie van het bestemmingsplan uit 1996. Ten tweede hebben de gevestigde bedrijven op het ITC terrein aangedrongen op vernieuwing van het bestemmingsplan. </p>
			<p>Het merendeel van de ondernemers heeft aangegeven knelpunten te ervaren in de bedrijfsvoering op het ITC, dit vanwege de huidige bestemmingsregels. De ondernemers pleiten voor verruiming van de vestigingseisen, in dit geval het loslaten van de sierteeltgerelateerde beperkingen in het huidige bestemmingsplan. Om de mogelijkheden en de noodzaak hiertoe te onderzoeken is in 2010 beleidsmatig onderzoek gedaan naar de toekomst van het ITC terrein. </p>
			<p>De gemeenteraad van Rijnwoude heeft op 1 juli 2010 besloten om de vigerende planologie uit het bestemmingsplan "ITC 1996" overeind te houden, waarbij de gebruiksmogelijkheden ter plaatse van de aanduiding "sierteelt" ruimer interpreteerbaar worden opgesteld. Hierbij moet tevens aansluiting worden gezocht bij de bestemmingsregeling van het nabijgelegen PCT-terrein. In het voorliggende   bestemmingsplan zal dit besluit van de gemeenteraad planologisch verankerd worden.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s492">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>5</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.2</nummer>
		<titel>Ligging en begrenzing plangebied</titel>
		<objectType>paragraaf</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s490</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Het ITC terrein is in het zuidoosten van de gemeente Rijnwoude gelegen, nabij de kern Boskoop. Het plangebied is gelegen in de 'Hazerswoudsche Droogmakerij' polder.</p>
			<p><img src="i_NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01_0001.png" width="491" height="308" alt="verplicht"/>
			</p>
			<p><em>Figuur 1.1: Globale ligging plangebied.</em>
			</p>
			<p>Aan de noord- en zuidzijde wordt het gebied begrensd door het sierteeltconcentratiegebied, respectievelijk de Hoogeveenseweg (N445). Aan de westzijde van het plangebied is het Pot- en Containerteeltterrein (PCT) in ontwikkeling. Het bedrijventerrein is ongeveer 39 hectare groot. </p>
			<p>Het terrein wordt ontsloten via de Hoogeveenseweg (N455) en de Roemer (westelijke richting). De Hoogeveenseweg sluit via de N209 aan op de A12 en via de N209 en de N11 op de A4. Via de Roemer en de Voorweg zijn eveneens de N209 en de Hoogeveenseweg te bereiken.</p>
			<p>Momenteel vindt regionaal onderzoek plaats naar een ontsluiting van het gebied in zuidelijke richting via de nieuwe  westelijke randweg via Boskoop en Waddinxveen op de A12. De provinciale structuurvisie kent de aanleg van deze nieuwe westelijke randweg een belangrijke status toe.</p>
			<p>In figuur 1.2 is de ligging van het plangebied exact weergegeven.</p>
			<p><img src="i_NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01_0002.png" width="491" height="308" alt="verplicht"/>
			</p>
			<p><em>Figuur 1.2: Exacte weergave plangebied.</em>
			</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s493">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>6</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.3</nummer>
		<titel>Vigerende plannen</titel>
		<objectType>paragraaf</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s490</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Voor het plangebied is het bestemmingsplan "ITC 1996" van kracht. Het bestemmingsplan is op 22 juli 1997 vastgesteld door de gemeenteraad en op 21 oktober 1997 goedgekeurd door Gedeputeerde Staten van de provincie Zuid-Holland. </p>
			<p>Het bestemmingsplan heeft het karakter van een globaal eindplan. Alleen het noodzakelijke is hierin vastgelegd, namelijk dat het een begrensd bedrijventerrein betreft met een bepaald karakter. De globale bestemming heeft als voordeel dat de te vestigen bedrijven zelf een optimale inrichting kunnen kiezen. </p>
			<p>Het bestemmingsplan kent twee bestemmingen, namelijk "Bedrijfsdoeleinden" en "Verkeersdoeleinden". Binnen de bestemming "Bedrijfsdoeleinden" is een subbestemming "B(s)" opgenomen voor sierteeltgerelateerde bedrijven. Ten behoeve van de ontwikkeling van het bedrijventerrein is voor een oppervlakte van 7,2 hectare geen sierteeltgerelateerde bestemming opgenomen. Hier mogen ook andere bedrijven, in de milieucategorie 1 tot en met 3, zich vestigen. </p>
			<p>Binnen de subbestemming "B(s)" zijn toegestaan: kantoren en bedrijfsruimten ten behoeve van handelaren, exporteurs en expediteuren, kantoren en bedrijfsruimten voor aanvoer, opslag, overslag, bewaring, verpakking en verzending van sierteeltproducten, koelcellen en begassingsstations daaronder begrepen, sierteeltshowtuinen, handels- en modelkwekerijen, tuincentrum, een beurs- en /of tentoonstellingshal en showrooms ten behoeve van de sierteelt, kantoren en laboratoria ten behoeve van het keuren van sierteeltproducten, producten ten behoeve van de sierteelt en de ontwikkeling daarvan, kantoren ten behoeve van handelsbedrijven en grond, mest, gewasbeschermingsmiddelen, verpakkingsmaterialen, grondbewerkingsmachines en kassen, werkplaatsen ten behoeve van de sierteelt.</p>
			<p>Ook is er binnen het plangebied een horecagelegenheid toegestaan. Dit betreft het Japanse restaurant op het perceel Frankrijklaan 2. Op één locatie is een zelfstandige kantoorvestiging toegestaan, dit is op het perceel Engelandlaan 60. Beide locaties zijn gelegen op de hoekpercelen nabij de ingang aan de zijde van de Hoogeveenseweg.</p>
			<p>Dienstwoningen bij de bedrijven zijn alleen toegestaan op gronden daar waar een aanduiding op de plankaart is opgenomen.</p>
			<p>In het bestemmingsplan wordt ook ingegaan op de ontsluiting van het bedrijventerrein. Het terrein zal worden ontsloten vanaf de Hoogeveenseweg en de Roemer. Op het bedrijventerrein is een rondgaande ontsluiting aangelegd. Verder is bepaald dat in verband met de mogelijke ontsluiting van het aangrenzende PCT-terrein via het ITC-terrein er rekening moet worden gehouden met een aansluitingsweg met een profielbreedte van 20 meter. De afwikkeling van het verkeer zal overigens tijdelijk plaatsvinden over de Frankrijklaan richting Hoogeveenseweg. Bij de realisatie van fase 2 van het PCT-terrein wordt een eigen ontsluiting met rotonde op de Hoogeveenseweg gerealiseerd. Ontsluiting via het ITC-terrein zal dan niet langer aan de orde zijn.</p>
			<p>Ten aanzien van de representativiteit van het bedrijventerrein is bepaald dat de zichtzones langs de Hoogeveenseweg representatief worden ingericht. De bedrijfsbebouwing dient daar een hoogwaardige uitstraling te hebben. Door middel van de welstandstoetsing wordt dit nagestreefd. De landschappelijke inpassing zal plaatsvinden door het aanbrengen van laanbeplantingen en realiseren van waterpartijen, waarbij uniformiteit in beplanting en bestratingsmateriaal wordt nagestreefd.</p>
			<p><img src="i_NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01_0003.png" width="491" height="308" alt="verplicht"/>
			</p>
			<p><em>Figuur 1.3: Plankaart behorende bij bestemmingsplan "ITC 1996"</em>
			</p>
			<p>Voor de dienstwoningen aan de Roemer is het bestemmingsplan "partiële herziening Landelijk Gebied, Hazerswoude" van kracht. Deze herziening is op 26 oktober 1995 door de gemeenteraad vastgesteld en op 20 februari 1996 goedgekeurd door Gedeputeerde staten van de provincie Zuid-Holland. De gronden hebben de bestemming "Dienstwoningen" en zijn bestemd voor dienstwoningen met de daarbij behorende garages, bergplaatsen, andere gebouwen ten dienste van de woningen, tuinen en erven. In totaal kunnen op basis van dit bestemmingsplan 13 dienstwoningen gerealiseerd worden. De voorwaarde is opgenomen dat een dienstwoning uitsluitend mag worden gebouwd indien is aangetoond dat de woning noodzakelijk is voor het beheer en het toezicht van een op het naastgelegen ITC-terrein gerealiseerd bedrijf. De gronden zijn gelegen op een waterkering en hebben een dubbelbestemming "Primaire waterkering".</p>
			<p><img src="i_NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01_0004.png" width="491" height="308" alt="verplicht"/>
			</p>
			<p><em>Figuur 1.4: Plankaart behorende bij "partiële herziening Landelijk Gebied, Hazerswoude"</em>
			</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s494">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>7</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.4</nummer>
		<titel>Leeswijzer</titel>
		<objectType>paragraaf</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s490</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Hoofdstuk <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s495">2</imropt:interneVerwijzing> presenteert een planbeschrijving van het gebied. Deze planbeschrijving gaat in op de ruimtelijke- en functionele structuur van het gebied in het verleden, het heden en de toekomst. Dit wordt gevolgd door een samenvatting van het actuele beleidskader dat relevant is voor de planontwikkeling in hoofdstuk <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s631">3</imropt:interneVerwijzing>. Hierbij wordt ingegaan op het ruimtelijk beleid van het Rijk, de provincie Zuid-Holland, de regio en de gemeente Rijnwoude. De gemeentelijke beleidsdocumenten komen hier beknopt aan bod. In hoofdstuk <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s504">4</imropt:interneVerwijzing> worden de relevante omgevingsaspecten behandeld. In hoofdstuk <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s521">5</imropt:interneVerwijzing> wordt een toelichting gegeven op de gekozen planvorm en de gedachten die ten grondslag liggen aan de juridische regeling. Tot slot bevat hoofdstuk <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s668">6</imropt:interneVerwijzing> de paragraaf over de economische uitvoerbaarheid respectievelijk het overleg ingevolge artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening en hoofdstuk <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s527">7</imropt:interneVerwijzing> de paragraaf over de maatschappelijke uitvoerbaarheid. </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s495">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>8</volgnummer>
		<objectLabel>hoofdstuk</objectLabel>
		<nummer>2</nummer>
		<titel>Planbeschrijving</titel>
		<objectType>hoofdstuk in toelichting</objectType>
		<objectNiveau>2</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s489</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s496">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>9</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>2.1</nummer>
		<titel>Oorsprong ITC terrein</titel>
		<objectType>paragraaf</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s495</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Het International Trade Centre (ITC) is ontwikkeld als een handels- en promotiecentrum ten behoeve van de sierteelt. Het was vooral bedoeld voor de vestiging van sierteeltondersteunende bedrijven en biedt daarnaast ruimte aan, wegens milieuhinder en grootschaligheid, uit de kom van Hazerswoude en Boskoop te verplaatsen bedrijven. In de oorspronkelijke opzet zijn de handels- en promotieactiviteiten (zoals Beurs en Plantarium) op een prominente zichtbare plaats voorzien. Bij de oorspronkelijke opzet van het terrein (in 1983) zijn de volgende doelen gesteld:</p>
			<ul>
				<li>stimuleren van de sierteelt door concentratie van op sierteelt gerichte voorzieningen en bedrijven (symbiose-effect);</li>
				<li>plaats bieden aan -wegens milieuhinder en grootschaligheid- uit de kom van Hazerswoude en Boskoop, te verplaatsen bedrijven.</li>
			</ul>
			<p>In de jaren '90 volgt een moeizame ontwikkeling van het bedrijventerrein met het specifieke sierteeltprofiel. Slechts een beperkt deel van de gevestigde bedrijven is direct verbonden aan de sierteelt, het merendeel heeft alleen bepaalde raakvlakken met de sector, met als gevolg dat alle bedrijven die op enigerlei wijze ondersteunend zijn voor de sierteelt zich ook op het terrein konden vestigen. Tevens is het beeldbepalende middengebied uit de oorspronkelijke opzet (met onder andere Beurs en Plantarium) niet volgens plan ontwikkeld. Na onderzoek van LEI (Landbouw Economisch Instituut en onderdeel van Wageningen Universiteit) in 1996 wordt geconcludeerd dat op lange termijn de vraag van sierteeltgebonden bedrijvigheid op het ITC matig blijft. Dit is dan ook de reden dat in het bestemmingsplan "ITC 1996" gekozen is om een gedeelte van het bedrijventerrein 'vrij' te geven voor wat betreft het type bedrijvigheid.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s497">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>10</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>2.2</nummer>
		<titel>Bestaande ruimtelijke structuur</titel>
		<objectType>paragraaf</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s495</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s626">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>11</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>2.2.1</nummer>
		<titel>Grondgebruik</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s497</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Het ITC-terrein heeft een bruto-oppervlakte van 39 hectare. Deze oppervlakte is inclusief wegen, groenstructuur en dergelijke. Het uitgeefbaar (netto-) oppervlak is 31,2 hectare. De verhouding netto/ bruto is 80%. Het bedrijventerrein is volledig uitgegeven. </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s627">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>12</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>2.2.2</nummer>
		<titel>Structuur</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s497</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>De stedenbouwkundige hoofdstructuur van het plangebied wordt enerzijds bepaald door de hoofdverkeersontsluiting die de rechthoekige richting van de bestaande kavels en tochten in het gebied volgt en anderzijds door een schuine ruimtelijke as die vanaf de hoofdingang aan de Hoogeveenseweg een relatie legt met het gebied ten noorden van het ITC. Het rechthoekige verkavelingspatroon is geënt op het voormalige kavelpatroon van de polder. Een in principe rechthoekige verkaveling biedt een rustige ruimtelijke opbouw waardoor bebouwingswanden of groenelementen het karakter van het beeld van de ruimte meer bepalen dan afzonderlijke bebouwing.</p>
			<p>De infrastructuur op het terrein is functioneel van aard. Het bedrijventerrein is bereikbaar via twee entrees. De hoofdentree van het terrein is gelegen aan de Hoogeveenseweg. Aan de Roemer is ook een entree gelegen. Met de ontwikkeling van de eerste fase van het Pot- en Containerteeltterrein (PCT) wordt een ontsluiting tussen het PCT-terrein en het ITC-terrein gerealiseerd. Uiteindelijk krijgt het PCT-terrein een eigen ontsluiting op de Hoogeveenseweg (N455). </p>
			<p>Aan de noordoostelijke rand van het plangebied is een perceel grond van ongeveer 2 hectare gelegen dat oorspronkelijk niet tot het bedrijventerrein behoort en ook niet opgenomen is in enig bestemmingsplan. Het perceel is deels hard en deels onverhard en wordt momenteel gebruikt voor opslag van potplanten in de buitenlucht. Op dit perceel wordt op termijn een koikarperkwekerij ontwikkeld. Deze ontwikkeling is meegenomen in dit bestemmingsplan, in paragraaf <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s893">2.7</imropt:interneVerwijzing> wordt deze ontwikkeling nader toegelicht.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s498">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>13</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>2.3</nummer>
		<titel>Bestaande functionele structuur</titel>
		<objectType>paragraaf</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s495</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s621">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>14</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>2.3.1</nummer>
		<titel>Algemeen</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s498</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Het bedrijventerrein is primair bedoeld voor de vestiging van bedrijven. In de beleidsnotitie "ITC Rijnwoude", dd. 7 mei 2010, projectnummer 186.13590.00 (zie bijlage 1) is onderzoek gedaan naar de bestaande bedrijvigheid in het plangebied. In totaal zijn er 105 bedrijfsunits aanwezig op het bedrijventerrein. Dit is inclusief het Beursgebouw, de bedrijfsunits in het Plantariumgebouw en de leegstand. Een groot deel van de units is gevestigd in bedrijfsverzamelgebouwen. In totaal zijn er tien bedrijfsverzamelgebouwen in het plangebied aanwezig. Uit de inventarisatie blijkt dat deze zowel kleine bedrijfsunits voor divers gebruik bevatten als kleine, zelfstandige kantoorunits. </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s622">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>15</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>2.3.2</nummer>
		<titel>Sierteeltgerelateerde bedrijvigheid</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s498</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Binnen het terrein met de subbestemming sierteelt ("B(s)") liggen 47 bedrijfsunits, inclusief het bedrijfsverzamelgebouw 'Plantarium'. Ongeveer driekwart van deze bedrijven pasten binnen de doelstelling voor het ITC, namelijk dat deze sierteeltgerelateerd zijn. Het andere kwart van de bedrijven is niet sierteeltgerelateerd. Dit betreft voornamelijk bedrijven die in het verleden naar het ITC verplaatst zijn van locaties elders uit de omgeving.</p>
			<p>Op het terrein is 7,5 hectare uitgegeven aan twee non-profit organisaties ten behoeve van de sierteeltsector. Het betreft het Beursgebouw en het Plantariumgebouw. Het Beursgebouw is op dit moment niet meer als zodanig in gebruik. Het Plantariumgebouw wordt gebruikt voor voorlichting, evenementen, beursen, congressen en is tevens in gebruik als bedrijfsverzamelgebouw voor sierteeltondersteunende bedrijvigheid. </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s628">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>16</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>2.3.3</nummer>
		<titel>Overige bedrijvigheid</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s498</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Op het niet-sierteeltgerelateerde bedrijventerrein zijn 58 bedrijfsunits aanwezig. In dit gedeelte van het terrein zijn een aantal zelfstandige kantoorunits gelegen. Aan de entree van het terrein aan de Hoogeveenseweg is een horecagelegenheid gesitueerd.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s624">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>17</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>2.3.4</nummer>
		<titel>Bedrijfswoningen</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s498</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Op het ITC-terrein zijn op basis van het vigerende bestemmingsplan op 13 kavels dienstwoningen toegestaan, bijna allemaal gelegen in het sierteeltgerelateerde gedeelte van het bedrijventerrein. Op deze aangewezen kavels is één dienstwoning toegestaan. Op de overige, niet aangewezen kavels, zijn géén dienstwoningen toegestaan. Van deze mogelijkheid voor het realiseren van een bedrijfswoning is in geen van de gevallen gebruik gemaakt. </p>
			<p>Toch was er vraag naar dienstwoningen op het ITC-terrein. Door middel van een partiële herziening van het bestemmingsplan "Landelijk Gebied" is in 1995 een mogelijkheid gemaakt voor het realiseren van dienstwoningen voor het ITC-terrein aan de Roemer. Er is een planlogische mogelijkheid voor dertien dienstwoningen, er zijn er nu acht gerealiseerd. In de huidige situatie is de fysieke ruimte niet aanwezig om alle dertien dienstwoningen te realiseren.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s625">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>18</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>2.3.5</nummer>
		<titel>Overige functies</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s498</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Binnen het plangebied is naast de (sierteeltgerelateerde) bedrijvigheid en bedrijfswoningen verder een tank- en wasstation gesitueerd waarvoor eind 1999 vergunning is verleend. Deze vorm van bedrijvigheid zal binnen het nieuwe bestemmingsplan "International Trade Centre (ITC) 2012" een nadere aanduiding krijgen teneinde het gebruik ter plaatse specifiek te reguleren.  </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s620">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>19</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>2.4</nummer>
		<titel>Pot- en Containerteeltterrein</titel>
		<objectType>paragraaf</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s495</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Ten westen van het ITC terrein is het Pot- en Containerteeltterrein (PCT) in ontwikkeling. Het betreft de ontwikkeling van een terrein van ongeveer 183 hectare groot wat in het verleden voornamelijk in gebruik was als bouw- en grasland. Het terrein is het meest intensieve onderdeel van de greenport Boskoop en een concentratie van kennis, handel en intensieve, niet grondgebonden productie. Doelstelling van het PCT-terrein is de duurzame ontwikkeling van de (boom)sierteelt. </p>
			<p>Hieronder wordt verstaan: </p>
			<ul>
				<li>een glastuinbouwgebied met een zodanige inrichting, dat een wezenlijke bijdrage wordt geleverd aan het samengaan van groei;</li>
				<li>de versterking van concurrentiekracht en werkgelegenheid met een beter beheer van ruimte, natuur en biodiversiteit;</li>
				<li>een daling per hectare van milieubelastende emissies ten opzichte van bestaande glastuinbouwgebieden. </li>
			</ul>
			<p>Het zwaartepunt van de maatregelen ligt voor wat betreft het PCT-terrein bij een efficiënte verkaveling en inrichting, energie en waterhuishouding. Ten behoeve van de ontwikkeling van dit bedrijventerrein is in 2000 een milieueffectrapportage opgesteld. Op 23 september 2010 is het bestemmingsplan "PCT-terrein" vastgesteld.</p>
			<p>Het PCT-terrein bestaat uit vier fasen. Inmiddels is fase 1, wat direct grenst aan het ITC-terrein, van het bedrijventerrein geheel uitgegeven en deels bebouwd.</p>
			<p><img src="i_NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01_0005.png" width="491" height="308" alt="verplicht"/>
			</p>
			<p><em>Figuur 2.1: Uitsnede bestemmingsplan "PCT-terrein" (bron:ro-online)</em>
			</p>
			<p>Tussen het ITC en het PCT-terrein ligt een relatie als het gaat om de opvang van agro-business en agro-logistieke bedrijvigheid. Het PCT-terrein biedt de mogelijkheid voor de vestiging van zeer grote sierteelt(handels)bedrijven. Deze mogelijkheid is op het ITC niet aanwezig, vanwege kleinere verkaveling. Het ITC is dan ook gericht op bedrijven met een omvang van maximaal 2 hectare, bedrijven met een grotere omvang zijn aangewezen op het PCT-terrein.   </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s655">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>20</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>2.5</nummer>
		<titel>Beleidsonderzoek</titel>
		<objectType>paragraaf</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s495</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s656">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>21</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>2.5.1</nummer>
		<titel>Verzoek om herziening bestemmingsplan</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s655</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>In april 2008 hebben 35 ITC-ondernemers de gemeenteraad verzocht het vigerende bestemmingsplan "ITC 1996" te herzien. De ondernemers op het ITC-terrein hebben toen voorgesteld om de subbestemming sierteelt om te zetten naar een algemene bedrijfsbestemming. Dit omdat de ondernemers stellen dat de vraag en aanbod ten aanzien van het ITC niet goed op elkaar aansluiten:</p>
			<ul>
				<li>de ondernemers stellen dat er nauwelijks vraag is naar ruimte vanuit sierteeltondersteunende bedrijvigheid.</li>
				<li>vanwege het gebrek aan belangstelling voor vestiging op het terrein vanuit de sierteeltondersteunende bedrijvigheid is in het verleden vrijstelling verleend aan overige bedrijven om zich te vestigen op het ITC-terrein. Het terrein is volledig uitgegeven, maar de ondernemers stellen dat slechts 15 van de in totaal circa 90 ondernemingen op het ITC sierteeltgebonden zijn.</li>
				<li>vanwege de uitgifte van het naastgelegen terrein voor Pot- en Containerteelt (PCT) zien de ondernemers de vraag naar ruimte voor sierteeltondersteunende bedrijvigheid op het ITC-terrein slinken.</li>
				<li>op het ITC-terrein is geen ruimte voor zeer grote sierteelt(handels)bedrijven, dit vanwege de kleine verkaveling. Het PCT-terrein biedt deze mogelijkheid wel. En de sierteeltsector is juist op zoek naar dergelijke grote kavels.</li>
				<li>in de regio Rijnwoude/ Boskoop is er juist vraag naar ruimte voor gemengde bedrijvigheid stellen de ondernemers. De ondernemers stellen voor om hiervoor het ITC-terrein beschikbaar te stellen. Daarmee neemt de druk op overige locaties in de gemeente Boskoop en Rijnwoude af.</li>
			</ul>
			<p>De ondernemers stellen dat in andere Greenports een ander beleid geldt dan in de Greenport Boskoop: elders zijn, naast bedrijventerreinen puur gericht op agrarische- of greenportondersteunende bedrijvigheid, ook terreinen aanwezig voor gemengde bedrijvigheid. Dit ter bevordering van het functioneren van de lokale economie.</p>
			<p>De ondernemers op het ITC-terrein vinden het vanuit het gelijkheid- en rechtszekerheidsbeginsel niet aanvaardbaar dat op eenzelfde bedrijventerrein ondernemers op verschillende manieren worden behandeld. Op basis van het vigerende bestemmingsplan gelden er voor de twee zones van het terrein verschillende voorschriften. Dit werkt onzekerheid over de vestigingsmogelijkheden voor zowel de huidige als toekomstige ondernemers in de hand, het is nadelig voor de prijs van vastgoed en de gronden op het bedrijventerrein en het belemmert de dynamiek op het ITC-terrein.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s657">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>22</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>2.5.2</nummer>
		<titel>Visie vanuit de sector</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s655</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Ook aan de sector is gevraagd wat hun visie is op het bedrijventerrein. In het kader van het onderzoek bestond de sector uit: belangenvertegenwoordigers van de Greenport Boskoop, de Kamer van Koophandel en de vastgoedeigenaren. Voor een deel kon de sector zich vinden in de argumenten van de ondernemers. Er werden wel enkele nuanceringen geplaatst. De sector geeft aan dat het uitgangspunt dat het ITC-terrein een  sierteelt ondersteunende functie moet hebben goed is. Door de bestemming vrij te geven is er te weinig ruimte voor bedrijven die de Greenport maken tot wat deze is. Bij sierteelt(ondersteunende) bedrijvigheid moet niet alleen gedacht worden aan telers, maar ook aan groothandel en logistiek en toeleverende bedrijven.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s658">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>23</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>2.5.3</nummer>
		<titel>Analyse</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s655</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>In de "Beleidsnotitie ITC" is een analyse gedaan naar het functioneren van het ITC-terrein. In paragraaf <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s497">2.2</imropt:interneVerwijzing> en <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s498">2.3</imropt:interneVerwijzing> is de bestaande ruimtelijke en functionele situatie in het plangebied beschreven. Ten aanzien van het ruimtegebruik, marktpositie en leegstand kunnen de volgende conclusies worden getrokken.</p>
			<p><em>Ruimtegebruik</em>
			</p>
			<p>Op het bedrijventerrein is sprake van een netto-/brutoverhouding van 80%. Gemiddeld in Nederland is deze verhouding 69%, hiermee lijkt het dat er op het ITC-terrein sprake is van een efficiënt ruimtegebruik. De bedrijfskavels variëren in grootte van 0,1 hectare tot 2 hectare. Deels worden de terreinen door de bedrijven aangehouden als strategische reserve, waardoor open plekken zichtbaar blijven. Hoewel het, afgaande op het percentage van 80%, lijkt alsof er sprake is van efficiënt ruimtegebruik, is dit in de huidige situatie dus niet het geval. </p>
			<p>De gemiddelde kavelgrootte op het terrein is ongeveer 0,4 hectare. Voor een bedrijventerrein dat bedoeld is als distributiepark/ agrobusinesspark is deze gemiddelde kavelgrootte (te) beperkt. Doorgaans zijn bedrijfskavels op dergelijke distributieparken gemiddeld groter dan 1 hectare.</p>
			<p><em>Marktpositie</em>
			</p>
			<p>Uit het onderzoek is gebleken dat binnen het gebied dat de subbestemming sierteelt heeft  driekwart van de bedrijven binnen de doelstelling van het ITC-terrein past en dus sierteeltgerelateerd is. Een kwart van de bedrijven past niet binnen de bestemming. De ligging van de percelen met de sierteeltbestemming, het achteraf gelegen Plantarium en de Beurs en het aantal gemengde bedrijven binnen de sierteeltaanduiding maakt dat een verkeerde beeldvorming is ontstaan, waardoor het gehele terrein geen duidelijke marktpositie en -perspectief heeft.</p>
			<p><em>Leegstand</em>
			</p>
			<p>Op het deel van het ITC met de subbestemming sierteelt staan enkele bedrijfsunits leeg, veelal in het bedrijfsverzamelgebouw aan Engelandlaan 1 tot en met 19. Het Beursgebouw staat op dit moment ook leeg en te huur voor bedrijfsruimte. In totaal staat 13% van de bedrijfsunits leeg. Dit percentage is hoog vergeleken met het gemiddelde cijfer in Nederland (6%). Het zijn met name de ruimten in de bedrijfsverzamelgebouwen die leeg staan. Geconcludeerd is dat de sierteeltsector geen grote behoefte heeft aan bedrijfsruimten met een beperkte omvang. Ook speelt de (zicht)locatie mee en al dan niet actief beheer van de bedrijfsgebouwen. </p>
			<p>Naast leegstand is een deel van de bedrijfspanden te koop of te huur. De bedrijfsactiviteiten zijn hier soms erg laag of staan al voor een deel leeg. Hiermee wordt het aantal inactieve panden groter op het terrein, namelijk 23%. En naar oppervlakte wordt dit 15%.</p>
			<p>Voor het deel van het bedrijventerrein dat niet-sierteeltgerelateerd is, staat ook 13% van de bedrijfsunits leeg. Het percentage inactieve panden, dus leegstand plus de panden die te huur of te koop staan, is hier 18%. Naar oppervlakte is dit 9%.</p>
			<p>Opvallend is dat bij zowel de sierteeltgerelateerde bedrijvigheid als de niet-sierteeltgerelateerde bedrijvigheid de leegstand zich met name manifesteert in de bedrijfsverzamelgebouwen. Geconcludeerd is dat de regio Rijnwoude/ Boskoop een vrij beperkte vraag kent naar kleinschalige bedrijfsruimten. De lokale economie is voornamelijk gericht op agrarische en logistieke bedrijvigheid die weinig behoefte hebben aan dergelijke kleinschalige bedrijfsunits.  </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s661">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>24</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>2.5.4</nummer>
		<titel>Conclusie analyse</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s655</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Uit de analyse komt een verdeeld beeld naar voren van de gewenste toekomst van het ITC-terrein:</p>
			<p>- enerzijds zijn in het verleden, na vrijstelling, ontwikkelingen toegestaan die er toe hebben geleid dat het ITC geen duidelijk sierteeltkarakter heeft. Deze constatering leidt bij de ondernemers tot een wens het terrein volledig vrij te geven voor gemengde bedrijvigheid.</p>
			<p>- anderzijds bestaat de bestuurlijke wens de ruimte te behouden voor vestiging van bedrijven die ondersteunend zijn aan de sierteeltsector, ook al blijven hierdoor de gebruiksmogelijkheden van gronden en vastgoed op het bedrijventerrein (enigszins) beperkt.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s499">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>25</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>2.6</nummer>
		<titel>Toekomstige situatie</titel>
		<objectType>paragraaf</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s495</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s654">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>26</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>2.6.1</nummer>
		<titel>Greenport</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s499</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Het ITC-terrein is van belang voor de ontwikkeling van de Greenport regio Boskoop. Wanneer het terrein een algemene bedrijfsbestemming krijgt beperkt dit de ontwikkelingsmogelijkheden voor de Greenport. De Greenport wordt veel ruimte gegeven op het PCT-terrein, maar dit terrein wordt uitsluitend uitgegeven aan grootschalige (handels)boomkwekerijen en logistieke bedrijven met een minimale kavelgrootte van 4 hectare voor de boomkwekerijen en 2 hectare voor de aan sierteelt verwante logistieke bedrijven. Voor bedrijven kleiner dan 2 hectare is geen ruimte op het PCT. Ook bestaat de groep sierteeltondersteunende bedrijven uit meer dan alleen voornoemde logistieke bedrijven. Voor deze bedrijven moet het ITC-terrein beschikbaar blijven. Het middendeel van het ITC laat gemengde bedrijvigheid toe en dat moet, samen met andere bedrijventerreinen in de gemeente Rijnwoude én in de omgeving van de Greenport, voldoende zijn voor opvang van de dynamiek in de lokale bedrijvigheid.</p>
			<p>Uitgangspunt is dan ook het ITC voor de Greenport regio Boskoop te behouden en het bestemmingsplan te actualiseren, zodanig, dat ten opzichte van de huidige situatie  sprake is van meer flexibiliteit in de planregels en maatbestemmingen voor gevestigde bedrijven die niet of niet geheel voldoen aan de vestigingseisen. </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s662">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>27</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>2.6.2</nummer>
		<titel>Uitgangspunten bestemmingsplan</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s499</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>In dit bestemmingsplan wordt de beschrijving van sierteeltondersteunende bedrijvigheid afgestemd op het huidig functioneren van de sierteeltsector. Vooral de kennisintensieve, arbeidsintensieve en/ of meer kleinschalige onderdelen van de Greenport moeten op het ITC een plaats kunnen krijgen. Deze bedrijven moeten op het ITC de fysieke en beleidsmatige ruimte worden geboden hun bedrijf optimaal te ontplooien. </p>
			<p>De vigerende bestemmingsregeling, inclusief de zonering tussen "gemengd" en "sierteelt", blijft overeind. De gebruiksmogelijkheden ter plaatse van de aanduiding "sierteelt" worden ruimer interpreteerbaar opgesteld, waarbij tevens aansluiting wordt gezocht bij de bestemmingsregeling van het PCT-terrein.</p>
			<p><em>Subbestemming sierteelt</em>
			</p>
			<p>De subbestemming "sierteelt" uit het vigerende bestemmingsplan wordt opnieuw gedefinieerd. De gronden die volgens het bestemmingsplan "ITC 1996" een dergelijke subbestemming kennen worden voorzien van de bestemming "Bedrijf - Sierteelt". De regeling past bij het huidig functioneren van de Greenport Boskoop. Er worden vijf groepen onderverdeeld:</p>
			<ol type="decimal">
				<li>(handels)kwekerijen en ondersteunende bedrijvigheid voor de landbouw;</li>
				<li>bouw/ aanleg van bedrijfsopstallen en -installaties;</li>
				<li>groothandel, bewerking en handelsbemiddeling;</li>
				<li>vervoer, opslag, overslag en dienstverlening voor vervoer;</li>
				<li>zakelijke dienstverleners en onderzoekswerk.</li>
			</ol>
			<p>Voor het Plantarium en Beursgebouw wordt een uitzonderingsregel opgenomen met behulp van de aanduiding "specifieke vorm van bedrijf-1". Binnen deze bestemming zijn toegestaan: horeca-activiteiten, boomsierteelt gerelateerd onderwijs, onderzoeksinstituut, congrescentrum en beursactiviteiten.</p>
			<p>Conform het provinciale beleid (Structuurvisie 'Visie op Zuid-Holland') zijn detailhandel, bedrijfswoningen en zelfstandige kantoren niet toegestaan. Voor reeds bestaande functies wordt een specifieke aanduiding opgenomen. Bedrijven binnen het gebied van de subbestemming "sierteelt", die niet-sierteeltgerelateerd zijn worden ook door middel van een specifieke functieaanduiding positief bestemd. Bij beëindiging van de hiervoor genoemde bedrijfsactiviteiten wordt via een wijzigingsbevoegdheid geregeld dat de aanduiding kan worden verwijderd.</p>
			<p><em>Gemengde bedrijfsbestemming</em>
			</p>
			<p>De bestemming voor gemengde bedrijvigheid in de centrale zone van het plangebied wordt ook geherdefinieerd. De gronden die in het bestemmingsplan "ITC 1996" vallen onder de gemengde bedrijfsbestemming krijgen de bestemming 'Bedrijf'. Binnen deze bestemming wordt specifieke bedrijvigheid voorzien van een nadere aanduiding om de  milieuhinder van het bedrijventerrein op de nabijgelegen woonomgeving te reguleren. Bij beëindiging van de hiervoor genoemde bedrijfsactiviteiten wordt via een wijzigingsbevoegdheid geregeld dat de aanduiding kan worden verwijderd. Er worden geen beperkingen gesteld aan de bedrijfssector waarbinnen de bedrijven actief zijn.</p>
			<p><em>Bedrijfswoningen</em>
			</p>
			<p>Het overnemen van (onbenutte) bedrijfswoningen uit het vigerend bestemmingsplan "ITC 1996" heeft gevolgen voor de milieuzonering van het bedrijventerrein. Het opnemen van mogelijkheden voor bedrijfswoningen kan beperkingen opleggen aan de bedrijfsvoering en ontwikkelingsmogelijkheden van de omliggende bedrijven. Voor de bedrijfswoningen aan de Roemer zal wel een positieve bestemming worden gegeven. Deze bedrijfswoningen zullen specifiek worden aangeduid. Qua bouwmogelijkheden wordt de regeling uit het vigerend bestemmingsplan overgenomen. Buiten de mogelijkheden op de Roemer worden er in het plangebied geen nieuwe (bedrijfs)woningen toegelaten.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s893">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>28</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>2.7</nummer>
		<titel>Ontwikkeling Edo Koi</titel>
		<objectType>paragraaf</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s495</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Zoals beschreven in paragraaf <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s627">2.2.2</imropt:interneVerwijzing> is aan de noordoostelijke rand van het plangebied een perceel grond van 5832 m<sup>2</sup> gelegen dat oorspronkelijk niet tot het bedrijventerrein behoort. Het terrein is op dit moment deels verhard en deels onverhard en wordt momenteel gebruikt voor de opslag van potplanten in de buitenlucht. Het maaiveld is grotendeels bedekt met folie, dit vanwege het voormalige gebruik van het terrein voor containerteelt.        </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s894">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>29</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>2.7.1</nummer>
		<titel>Projectbeschrijving</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s893</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>De ontwikkeling van het terrein is gericht op het uitbreiden van de bedrijfsactiviteiten op het bestaande pereel Belgiëlaan 1F, het kweken van koikarpers. Het terrein zal worden ingericht in Japanse sferen om zo een stuk Japanse cultuur aan Nederland te laten zien. Het plan is om meerdere, wisselende thema's (bijvoorbeeld: vissen, vormbomen, bonsai, tuinbeplanting en ornamenten, cultuur en architectuur) aan bod te laten komen.   Hiervoor zal het perceel worden ingericht als een Japans park met speciale vormbomen en tuinbeplanting. De huidige inrichting zal hiervoor worden opgeschoond en er zullen bekkens worden gerealiseerd voor de teelt van Koikarpers (en aanverwanten).</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s895">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>30</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>2.7.2</nummer>
		<titel>Themapaviljoens</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s893</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Er zullen op het terrein vijf thema paviljoens geplaatst worden. Maximaal twee paviljoens zullen bestemd zijn voor koikarpers. In dat geval zullen een aantal vijvers aan de binnen -en buitenzijde van het paviljoen worden gemaakt. In het paviljoen zal tevens een (geluidloze) filterbehuizing worden geplaatst. De andere paviljoens zullen voornamelijk gebruikt worden voor bonsai(vorming), tuinbeplanting, architectuur en algemene Japanse cultuur doeleinden waarbij geen sprake is van een filterbehuizing. </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s896">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>31</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>2.7.3</nummer>
		<titel>Bouwmogelijkheden</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s893</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Ieder paviljoen (onafhankelijk van het thema) zal maximaal 200 m<sup>2</sup> bedragen, met een maximale hoogte van 5 meter. De gebouwen worden op een onderlinge afstand van minimaal 15 meter in de lengterichting en minimaal 10 meter in de breedterichting van elkaar geplaatst. Omdat op het terrein de behoefte is aan voorziening voor de eigen productie van water zal eveneens een filterhuisje van 5m x 10m x 2,5m (h) geplaatst worden. Op de onderstaande overzichtstekening is de voorgenomen indeling te zien. Het totale bouwvlak wat is opgenomen op de planverbeelding mag voor 25% bebouwd worden.</p>
			<p>Tussen de perceelsgrens aan de zijde van de bedrijfswoningen aan de Roemer en de op te richten paviljoens zit een minimale afstand van 7 meter. Aan de overige zijden van het perceel is dit 3 meter. met uitzondering van de zuidzijde van het perceel daar is de grens tussen het perceel en de te realiseren parkeerplaatsen 2 meter. Benadrukt wordt dat de groene omzoming van het plangebied aan de zijde van de bedrijfswoningen aan de Roemer behouden blijft. Er is op deze manier voldoende afscherming tussen het plangebied en de bedrijfswoningen. Om deze groene buffer en landschappelijke inpassing nog meer te garanderen is door de initiatiefnemer een beplantingsplan opgesteld. Het beplantingsplan is opgenomen in bijlage <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s931">2</imropt:interneVerwijzing> en juridisch vertaald in de planregels, in artikel <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s923">15</imropt:interneVerwijzing>. </p>
			<p>Het uiterlijk van de paviljoens zal, na overleg met een architect, een Japanse uitstraling krijgen. Behalve de bovengenoemde paviljoens zal bij de ingang van het terrein een Paviljoen komen waar men terecht kan voor algemene informatie.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s897">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>32</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>2.7.4</nummer>
		<titel>Bedrijfsvoering</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s893</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>De koikarperkwekerij richt zich op de kweek van koikarpers en daaraan verwante artikelen en diensten. De kwekerij zal van maandag tot en met woensdag van 8:00 uur tot 17:00 uur geopend zijn voor groothandelaren, verwacht wordt dat er dan tussen de 10 tot 20 bezoekers per dag het bedrijf zullen bezoeken. Bij het bedrijf is sprake van productiegerichte detailhandel. Van donderdag tot en met zaterdag is de kwekerij van 9:00 uur tot 17:00 uur geopend voor particuliere verkoop. Er worden dan per dag 50 bezoekers verwacht. </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s927">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>33</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>2.7.5</nummer>
		<titel>Parkeren</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s893</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Ten aanzien van het benodigd aantal parkeerplaatsen moet worden voldaan aan de gemeentelijke Parkeernota. Hierin is bepaald dat voor gebieden die vallen onder "overige functies" en waar het arbeidsextensieve en bezoekersintensieve bedrijven betreft de parkeernorm 1,7 parkeerplaats per 100 m<sup>2</sup> bruto vloeroppervlak is. Bepaald is dat het perceel voor 25% bebouwd mag worden. Het perceel is in totaal 5832 m<sup>2</sup> groot. Het bruto vloeroppervlak (25% van het totaal) is 1458 m<sup>2</sup> groot. Dit betekent dat er op het perceel in totaal 25 parkeerplaatsen aanwezig moeten zijn. Dit buiten de zes parkeerplaatsen die volgens het geldende bestemmingsplan op het huidige terrein voor de huidige activiteiten en bebouwing nodig zijn. Het realiseren van de 25 parkeerplaatsen is juridisch vertaald in de planregels, in artikel <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s950">4.5</imropt:interneVerwijzing>.</p>
			<p><img src="i_NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01_0006.jpg" width="491" height="307" alt="verplicht"/>
			</p>
			<p><em>Figuur 2.2: Overzichtstekening nieuwe situatie met situering parkeerplaatsen  </em>
			</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s898">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>34</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>2.7.6</nummer>
		<titel>Ruimtelijke onderbouwing</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s893</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Door het bedrijf Edo Koi is op 26 september 2009 bij het college van burgemeester en wethouders een principeverzoek ingediend om het bedrijf op bovenstaand perceel uit te breiden. Op 23 november 2009 is dit verzoek positief beoordeeld. Dit project zal positief bijdragen aan de verdere ontwikkeling van de Greenport regio Boskoop in het algemeen en het ITC-terrein te Rijnwoude in het bijzonder. Met de komst van een nieuwe vorm van agrarische sierteelt (bonsai(vorming) en tuinbeplanting uit de Japanse cultuur) de diversiteit van het ITC-terrein toeneemt, wordt de handels- en promotiefunctie ten behoeve van de sierteelt verstevigd. </p>
			<p>Op 24 november 2011 is een concept ruimtelijke onderbouwing opgesteld waarin is aangetoond dat de gevraagde uitbreiding van het bedrijf planologisch en milieutechnisch inpasbaar is. Op 29 november 2011 is dit planinitiatief voor direct omwonenden en belanghebbenden tijdens een informatieavond gepresenteerd. Als vervolg hierop hebben de direct omwonenden op 22 december 2011 een schriftelijk voorstel ontvangen van de planologische invulling van het perceel Edo Koi. Men heeft de gelegenheid gehad hierop te reageren, de uitkomsten zijn opgenomen in de Nota van Beantwoording inspraak en vooroverleg en wordt verder besproken in hoofdstuk <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s527">7</imropt:interneVerwijzing>.</p>
			<p>De ruimtelijke onderbouwing is om advies voorgelegd aan de Omgevingsdienst West-Holland. De Omgevingsdienst komt in haar advies van 10 februari 2012 tot de conclusie dat er vanuit bedrijven en milieuzonering geen knelpunten zijn te verwachten. De uitkomsten hiervan zijn opgenomen in hoofdstuk <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s504">4</imropt:interneVerwijzing>.</p>
			<p>Geconcludeerd kan worden dat er zowel vanuit milieu oogpunt als planologisch oogpunt geen bedenkingen zijn ten aanzien van de ontwikkeling van dit perceel. De uitbreiding is hierdoor opgenomen in dit bestemmingplan. </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s631">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>35</volgnummer>
		<objectLabel>hoofdstuk</objectLabel>
		<nummer>3</nummer>
		<titel>Beleidskader</titel>
		<objectType>hoofdstuk in toelichting</objectType>
		<objectNiveau>2</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s489</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Dit hoofdstuk gaat in op het beleidskader dat van belang is voor de functionele en ruimtelijke aspecten die worden vastgelegd in dit bestemmingsplan en waarbinnen de voorziene ontwikkelingen in het plangebied moeten passen.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s711">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>36</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>3.1</nummer>
		<titel>Rijksbeleid</titel>
		<objectType>paragraaf</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s631</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s712">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>37</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>3.1.1</nummer>
		<titel>Nota Ruimte (2006)</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s711</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Het belangrijkste ruimtelijke beleidskader op rijksniveau wordt gevormd door de Nota Ruimte. Op grond van art. 9.1.2 lid 1 van het overgangsrecht bij de Wet ruimtelijke  ordening (Wro) wordt deze planologische kernbeslissing aangemerkt als rijksstructuurvisie.</p>
			<p>De Nota Ruimte is een nota van het Rijk, waarin de principes voor de ruimtelijke inrichting van Nederland vastgelegd zijn. In de Nota Ruimte gaat het om inrichtingsvraagstukken die spelen tussen nu en 2020, met een doorkijk naar 2030. In de nota worden de hoofdlijnen van beleid aangegeven, waarbij de ruimtelijke hoofdstructuur van Nederland een belangrijke rol speelt. Onderwerpen die aan bod komen zijn: wonen, woonlocaties en verstedelijking, natuur, landschap en waterbeheer, bereikbaarheid en het ruimtelijk accommoderen van de economie.</p>
			<p>Hoofddoel van het nationaal ruimtelijk beleid is ruimte te scheppen voor de verschillende ruimtevragende functies op het beperkte oppervlak dat Nederland ter beschikking staat. Meer specifiek richt het kabinet zich hierbij op vier algemene doelen:</p>
			<ul>
				<li>versterking van de internationale concurrentiepositie van Nederland;</li>
				<li>bevordering van krachtige steden en een vitaal platteland;</li>
				<li>borging en ontwikkeling van belangrijke (inter)nationale ruimtelijke waarden;</li>
				<li>borging van de veiligheid.</li>
			</ul>
			<p>Het rijk wil zich niet meer met alles bemoeien en wil strategisch op hoofdlijnen sturen. Decentrale overheden krijgen meer ruimte om hun eigen weg te gaan. Het gaat er uiteindelijk om dat de besluitvorming over de inrichting van de ruimte dichter bij de direct belanghebbenden komt te liggen. De Nota Ruimte kenmerkt zich dan ook door:</p>
			<ul>
				<li>Ontwikkelingsplanologie: het ruimtelijk beleid moet beter gaan voldoen aan maatschappelijke wensen en sneller uitgevoerd worden. Het accent zal meer liggen op wat kan en minder op wat moet;</li>
				<li>Decentralisatie: nationale prioriteiten en decentralisatie bepalen de inhoud. De nationale ruimtelijke hoofdstructuur is daarbij een belangrijk kader; </li>
				<li>Deregulering: dit betekent minder rijkssturing. Provincies en gemeenten kunnen hun eigen verantwoordelijkheid verschillend gaan invullen;</li>
				<li>Uitvoeringsgerichtheid: het kabinet legt het accent op uitvoering met onder meer een periode die financieel gedekt is tot aan 2010. </li>
			</ul>
			<p>Voor verstedelijking, infrastructuur en vestiging van bedrijven en economische activiteiten geldt een zogenaamd bundelingsbeleid: nieuwe woongebieden en bedrijvigheid moeten zoveel mogelijk worden aangesloten op bestaande bebouwing en infrastructuur. Hierbij moet bovendien rekening worden gehouden met recreatieve voorzieningen, groen en water.</p>
			<p>De Nederlandse tuinbouwsector is uitgegroeid tot een speler van wereldformaat. Vanuit dit internationale economisch perspectief is een beperkt aantal locaties van belang, waar de primaire productie, de handel en de distributie zich ruimtelijk gebundeld hebben: de 'greenports'. Deze bundeling leidt tot economische schaalvoordelen en tot efficiëntie in de agrologistiek. </p>
			<p>Ter versterking van de internationale concurrentiekracht van Nederland geeft het rijk prioriteit aan deze greenports. Het rijk vindt het daarbij van belang dat de tuinbouwfunctie in vijf locaties van internationaal belang behouden blijft en versterkt wordt. De Greenport Boskoop voor de pot- en containerteelt is één van deze vijf locaties. </p>
			<p>Het rijksbeleid is erop gericht de ruimtelijke ontwikkeling van de greenports zodanig te sturen, dat hun functie als greenport ook op lange termijn blijft behouden en/of wordt versterkt. Belangrijke aandachtspunten hierbij zijn: de ligging ten opzichte van de mainports, de fysieke bereikbaarheid en de herstructureringsopgave als gevolg van doelstellingen op het gebied van milieu, water, energie en ruimtelijke inrichting. </p>
			<p>Het is vooral een taak van de provincies het bovenstaande mogelijk te maken. Het rijk zal de provincies ten aanzien van een dergelijke herstructurering faciliteren. In het kader van de herstructurering van de Nederlandse glastuinbouw heeft het rijk ook een stimulerende rol. Het is van belang dat decentrale overheden hiermee rekening houden bij hun ruimtelijke planvorming.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s879">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>38</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>3.1.2</nummer>
		<titel>Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR)</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s711</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Op 14 juni 2011 is de nieuwe ontwerp Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte met bijbehorende stukken aangeboden aan de Tweede Kamer. In de nieuwe Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) staan de plannen voor ruimte en mobiliteit. Zo beschrijft het kabinet in de Structuurvisie in welke infrastructuurprojecten zij de komende jaren wil investeren. En op welke manier de bestaande infrastructuur beter benut kan worden. In deze Structuurvisie laat het Rijk de ruimtelijke ordening zo dicht mogelijk bij diegene die het aangaat (burgers en bedrijven) en laat het meer over aan gemeenten en provincies. Dit betekent minder nationale belangen en eenvoudigere regelgeving.</p>
			<p>De Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte vervangt verschillende bestaande nota's, onder andere de Nota Ruimte, Structuurvisie Randstad 2040, de Nota Mobiliteit, de MobiliteitsAanpak, de structuurvisie voor de Snelwegomgeving, de agenda Landschap, de agenda Vitaal Platteland en Pieken in de Delta. </p>
			<p>Het Rijk stelt heldere ambities voor Nederland in 2040, die inspelen op de (inter)nationale ontwikkelingen die de ruimtelijke en mobiliteitsopgevan bepalen richting 2040. Het Rijk zet het ruimtelijk- en mobiliteitsbeleid in voor een concurrerend, bereikbaar, leefbaar en veilig Nederland.</p>
			<p>Het Rijk formuleert in de Structuurvisie drie hoofddoelen om Nederland concurrerend, bereikbaar, leefbaar en veilig te houden voor de middellange termijn (2028):</p>
			<ul>
				<li>Het vergroten van de concurrentiekracht van Nederland door het versterken van de ruimtelijk-economische structuur van Nederland;</li>
				<li>Het verbeteren, instandhouden en ruimtelijk zekerstellen van de bereikbaarheid waarbij de gebruiker voorop staat;</li>
				<li>Het waarborgen van een leefbare en veilige omgeving waarin unieke natuurlijke en cultuurhistorische waarden behouden zijn.</li>
			</ul>
			<p>De drie hoofddoelen van het ruimtelijk en mobiliteitsbeleid kennen nationale opgaven die regionaal neerslaan. Voor alle nationale opgaven worden rijksinstrumenten ingezet, waarbij financiering slechts één van de instrumenten is. Ook decentrale overheden en marktpartijen dragen bij aan de realisatie van nationale opgaven.</p>
			<p>Het plangebied is gelegen in het gebied Zuidvleugel/ Zuid-Holland. De Greenports in de Zuidvleugel (Greenports Westland-Oostland, Duin- en Bollenstreek en Boskoop) worden gezien als één van de vier economische pijlers in de Zuidvleugel. Een goede onderlinge verbinding tussen deze gebieden en goede achterlandverbindingen is nodig om het vestigingsklimaat van de Zuidvleugel te versterken.</p>
			<p>Door middel van dit bestemmingsplan wordt het ITC terrein behouden en de relatie met de sierteelt versterkt. Het bestaande bedrijventerrein ITC draagt bij aan de ontwikkeling en versterking van de Greenport regio Boskoop. </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s880">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>39</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>3.1.3</nummer>
		<titel>Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro)</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s711</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) geeft richtlijnen voor de inhoud van bestemmingsplannen voor zover het gaat om ruimtelijke ontwikkelingen van nationaal belang. Deze vorm van normstelling sluit aan op de vroegere pkb's met concrete beleidsbeslissingen en beslissingen van wezenlijk belang die ook van betekenis waren voor de lagere overheden. Het besluit is op 30 december 2011 in werking getreden.</p>
			<p>Het kabinet heeft een ontwerp-Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte opgesteld (SVIR) waarin een totaalbeeld van het ruimtelijk- en mobiliteitsbeleid op rijksniveau wordt gegeven. Deze SVIR zal een aantal rijksbeleidsnota's vervangen. Onder meer de Nota Ruimte, de Structuurvisie Randstad 2040 en de Nota Mobiliteit. In de ontwerp SVIR is vastgesteld dat voor een beperkt aantal onderwerpen de bevoegdheid om algemene regels te stellen zou moeten worden ingezet. het gaat om de volgende nationale belangen: Rijksvaarwegen, Project Mainportontwikkeling Rotterdam, Kustfundament, Grote Rivieren, Waddenzee en waddengebied, Defensie, Ecologische Hoofdstructuur, Erfgoederen van uitzonderlijke universele waarde, Hoofdwegen en hoofdspoorwegen, Elektriciteitsvoorziening, Buisleidingen van nationaal belang voor vervoer van gevaarlijke stoffen, Primaire waterkeringen buiten het kustfundament en IJsselmeergebied. In het SVIR wordt bepaald welke kaderstellende uitspraken zodanig zijn geformuleerd dat deze bedoeld zijn om beperkingen te stellen aan de ruimtelijke besluitvormingsmogelijkheden op lokaal niveau. Het Barro bevestigt in juridische zin die kaderstellende uitspraken.</p>
			<p>De normering uit het Barro werkt zoveel mogelijk direct door op het niveau van de lokale besluitvorming. Bij besluitvorming over bestemmingsplannen moeten de regels worden gerespecteerd. Het merendeel van de regels legt beperkingen op, daarin is een gradatie te onderkennen. Deze zijn geformuleerd als een 'ja-mits', een 'ja, voor zover', een 'nee-tenzij', een 'nee-als' of een stigente 'nee' bepaling.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s789">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>40</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>3.1.4</nummer>
		<titel>Nota mobiliteit (2004)</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s711</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>De Nota Ruimte schetst de ruimtelijke strategie om te komen tot een sterke economie, een veilige samenleving, een goed leefmilieu en aantrekkelijk land. De samenhang tussen ruimte, verkeer en vervoer en economie wordt op ieder niveau (gemeentelijk, regionaal en nationaal) vergroot. De Nota Mobiliteit werkt deze uitgangspunten nader uit. </p>
			<p>Het rijk richt zich voor de versterking van de internationale concurrentiepositie van  Nederland op gebieden en netwerken die tot de nationale ruimtelijke hoofdstructuur behoren: onder andere nationale stedelijke netwerken, de economische kerngebieden inclusief beide mainports (en de daarmee verbonden mainportregio’s, de noord- en zuidvleugel van de Randstad), de greenports en hoofdverbindingsassen. Deze structureren op nationaal niveau in belangrijke mate de (bundeling van) verstedelijking en economische activiteiten. Ze dragen ook bij aan de ruimtelijke samenhang van Nederland als geheel en de verbinding van Nederland met het omringende buitenland.</p>
			<p>Het rijksbeleid is er op gericht de ontwikkeling van de greenports zodanig te sturen dat hun functie als greenport op lange termijn behouden blijft en/of wordt versterkt. Belangrijk aspect daarbij is de wisselwerking tussen logistieke en ruimtelijke keuzes. Samen met andere overheden streeft het rijk ernaar te komen tot een agenda voor de greenports waarin bedrijfsleven en bestuurders elkaar kunnen vinden. </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s790">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>41</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>3.1.5</nummer>
		<titel>Nationaal landschap</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s711</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>De Tweede Kamer heeft bij de behandeling van de Nota Ruimte (voorjaar 2006) aangegeven het landschap te willen behouden en ‘ontwikkelen met kwaliteit'. Daarom zijn twintig 'Nationale Landschappen' aangewezen. Deze hebben elk een unieke combinatie van cultuurhistorische en natuurlijke elementen en vertellen daarmee het verhaal van het Nederlandse landschap</p>
			<p>Het ITC-terrein is gelegen binnen het Nationale Landschap “Groene Hart”. Nationale landschappen zijn gebieden met internationaal zeldzame en nationaal kenmerkende kwaliteiten op landschappelijk, cultuurhistorisch en natuurlijk gebied. Deze kwaliteiten moeten worden behouden, duurzaam beheerd en waar mogelijk versterkt. Uitgangspunt is ’behoud door ontwikkeling’: mits de kernkwaliteiten worden behouden of versterkt (ja, mits principe) zijn binnen Nationale landschappen ruimtelijke ontwikkelingen mogelijk. Er is ruimte voor ten hoogste de natuurlijke bevolkingsgroei (migratiesaldo nul) en voor regionale en lokale bedrijvigheid. Op basis hiervan maken provincies afspraken met gemeenten over de omvang en locatie van woningbouw.</p>
			<p>De begrenzing van het nationale landschap Groene Hart is door het rijk in de Nota Ruimte vastgesteld en moet door provincies worden overgenomen. Provincies zijn verantwoordelijk voor de uitwerking van het beleid voor nationale landschappen.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s714">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>42</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>3.1.6</nummer>
		<titel>Structuurvisie Randstad 2040</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s711</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>De structuurvisie is een verdere uitwerking van de Nota Ruimte. Het rijk heeft de ambitie om van de Randstad een duurzame en concurrerende Europese topregio te maken. De Structuurvisie Randstad 2040 geeft richting aan investeringen op het gebied van ruimte en infrastructuur met het doel om de Randstad te ontwikkelen tot een topregio in Europa. Veel projecten en initiatieven die daaraan bijdragen zijn al in het uitvoering of voorbereiding. In die zin is de structuurvisie geen startpunt van iets geheel nieuws.</p>
			<p>De structuurvisie kent onder meer als thema het profiteren van de internationale kracht die uitgaat van Greenports. De in de Randstad aanwezige greenports – waaronder Boskoop – behoren als hoogwaardige en innovatieve tuinbouwcentra tot de wereldtop. Door een ontwikkeling van een 'productiegedreven' sector naar een 'marktgedreven' sector, neemt het belang van kennis en innovatie toe. Een belangrijke ontwikkeling daarbij is schaalvergroting. Dit zorgt ervoor dat het aantal bedrijven afneemt, maar dat tegelijkertijd het areaal glastuinbouw stabiel blijft. </p>
			<p>Bij de uitvoering zet het Rijk in op versterking van de Greenports onder andere door middel van onderzoek naar ruimtelijk-economische dynamiek in de tuinbouwsector en door het aantonen van de ruimtebehoefte van de productiefunctie.  </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s718">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>43</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>3.1.7</nummer>
		<titel>Bestuurlijke Uitvoeringsafspraken Greenport(s) Nederland 2007-2011</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s711</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p><em>Algemeen</em>
			</p>
			<p>In juni 2005 vond de eerste conferentie van Greenport(s) Nederland plaats en is er een gezamenlijke agenda 'Manifest Greenport(s) Nederland' vastgesteld. Vervolgens werd, na  enkele tussenconferenties, in juni 2006 de visie 'Greenport(s) Nederland, Manifest in uitvoering' vastgesteld. Daarbij is afgesproken te komen tot een uitvoeringsstrategie voor de benoemde opgaven van Greenport(s) Nederland:</p>
			<ul>
				<li>kennis- en innovatieopgave;</li>
				<li>ruimtelijk-economische opgave; </li>
				<li>infrastructurele en agrologistieke opgave (bereikbaarheid);</li>
				<li>Europese agenda.</li>
			</ul>
			<p>Deze opgaven zijn gebaseerd op de strategische keuzes die gemaakt zijn in 'Greenport(s) Nederland, Manifest in uitvoering'. Andere opgaven kunnen wellicht in de toekomst aan  de orde komen naar aanleiding van de langetermijnvisie Greenport(s) Nederland 2025. De uitvoeringsstrategie van de stuurgroep Greenport(s) Nederland is verwoord in bestuurlijke uitvoeringsafspraken. Deze afspraken bepalen zowel de inhoudelijke als de investeringsagenda van Greenport(s) Nederland.</p>
			<p><em>Agrogerelateerde bedrijvigheid</em>
			</p>
			<p>Een essentieel onderdeel van het greenportcluster is de 700 ha benodigde agrogerelateerde bedrijventerreinen (inclusief de veilingterreinen) tot 2020. Als input voor de integrale visie 2020 leveren de greenportgemeenten een 'uitvoeringsplan agrogerelateerde bedrijventerreinen' op. Daar staat in welke van deze terreinen in de periode tot 2011 tot ontwikkeling worden gebracht, en waar deze bedrijvigheid kan worden geclusterd. Het uitvoeringsplan beschrijft tevens de projectorganisatie, de aanpak, de inhoudelijke, ruimtelijke (zoals areaalcompensatie voor glastransformatie) en de financiële voorwaarden voor een adequate realisatie, en de wijze van monitoren en rapporteren. </p>
			<p><em>Mobiliteit</em>
			</p>
			<p>Het succes van de greenports staat of valt met een goede bereikbaarheid. Er zijn goede verbindingen nodig, binnen de greenports en tussen de greenports onderling, met de mainports in Nederland en met de internationale afzetmarkt. Het Rijk geeft prioriteit aan het oplossen van de knelpunten op de hoofdverbindingsassen, zodat de bereikbaarheid van de mainports Rotterdam en Schiphol, de greenports en de stedelijke netwerken verbetert (Nota Mobiliteit). Belangrijk aspect daarbij is de wisselwerking tussen logistieke en ruimtelijke keuzes. Clustering in de greenports draagt bij aan dikke en efficiënte vervoersstromen, die als geheel het totale aantal transportbewegingen kunnen doen afnemen.</p>
			<p><em>Uitvoeringsplan Agrogerelateerde bedrijventerreinen 2007-2011</em>
			</p>
			<p>Het uitvoeringsplan stelt dat geen ruimtelijke opgave bestaat voor uitbreiding van het areaal agrogerelateerde bedrijventerrein in de Greenport Boskoop, want het PCT-terrein  is al als nieuwe ontwikkelruimte meegenomen in het Uitvoeringsplan. </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s730">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>44</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>3.1.8</nummer>
		<titel>Conclusie rijksbeleid</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s711</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Het Rijk zet in op het versterken van de internationale concurrentiepositie van Nederland en het voorzien in economische ontwikkelingsmogelijkheden door voldoende geschikte vestigingsplaatsen voor bedrijvigheid en voorzieningen te bieden.</p>
			<p>Bij de uitvoering acht het Rijk het van belang de Greenports te versterken omdat deze bijdragen aan een duurzame en internationaal concurrerende regio. Daarbij gaat het Rijk uit van versterking van de huidige kracht van de Greenports. Goede bereikbaarheid, innovatiemogelijkheden en onderlinge samenwerking zijn onontbeerlijk in de internationale concurrentieslag.</p>
			<p>Het bestemmingsplan ITC-terrein is dan ook in overeenstemming met het door het rijk opgestelde beleid. Het bestemmingsplan legt het gebruik als bedrijventerrein ten behoeve van de sierteelt vast en versterkt en ondersteunt hiermee het functioneren van de Greenport regio Boskoop. </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s719">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>45</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>3.2</nummer>
		<titel>Provinciaal beleid</titel>
		<objectType>paragraaf</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s631</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s722">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>46</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>3.2.1</nummer>
		<titel>Provinciale Structuurvisie, Visie op Zuid-Holland (2010)</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s719</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Op 2 juli 2010 stelden de Provinciale Staten van Zuid-Holland de Structuurvisie, de  verordening Ruimte en de Uitvoeringsagenda vast.</p>
			<p>In de Visie op Zuid-Holland beschrijft de provincie haar doelstellingen en provinciale belangen. De Structuurvisie geeft een doorkijk naar 2040 en de visie voor 2020 met bijbehorende uitvoeringsstrategie. De nieuwe integrale Structuurvisie voor de ruimtelijke ordening komt in de plaats van de vier streekplannen en de Nota Regels voor Ruimte. De kern van Visie op Zuid-Holland is het versterken van samenhang, herkenbaarheid en diversiteit binnen Zuid-Holland.</p>
			<p>Zuid-Holland wil in 2040 de goede woon-, werk- en leefomgeving voor haar inwoners verder hebben uitgebouwd. Versterken van de economische positie staat daarbij centraal en daarbij spelen de economische topclusters in Zuid-Holland een belangrijke rol, waaronder de Greenport Boskoop.</p>
			<p>De greenports moeten zich ontwikkelen tot duurzame, goed ingepaste ruimtelijke clusters waar hoogwaardige productie, logistiek, kennis, handel en innovatie elkaar onderling versterken. Deze ambitie voor de greenports in 2040 heeft effect op de ruimtelijke ontwikkeling van Zuid-Holland tot 2020. De grootste ruimtelijke opgave tot 2020 is verbetering van het bestaande greenportareaal. De samenhang in het ruimtegebruik  binnen de greenports staat hierbij centraal. Intensiveren, innoveren en herstructureren staan voorop, pas daarna volgt uitbreiding met eventuele nieuwe locaties.</p>
			<p><em>Greenport Boskoop (landelijk gebied)</em>
			</p>
			<p>De greenport Boskoop ligt in het Groene Hart op de overgang van stad en land en heeft een verdicht karakter. Op de functiekaart is deze greenport aangeduid als: Agrarisch landschap - sierteelt / Greenport. Het is een uniek landschap van sierteelt en boomteeltbedrijven (sierteelt-veenlandschap) en maakt deel uit van het Topgebied cultureel erfgoed Boskoop/Reeuwijk Dorp. Het oorspronkelijke landschap van de veenontginningen wordt hier volledig bepaald door de boom- en heesterkwekerijen.</p>
			<p>Binnen de Greenport zijn nieuwe teeltmethoden in ontwikkeling en wordt de handelsfunctie nog sterker. Een deel van de bedrijven gaat over van vollegrondsteelt naar de niet van volle grond afhankelijke (footloose) pot- en containerteelt. Er wordt gestreefd naar een aantrekkelijk werklandschap waarbinnen het internationaal belang van deze greenport zich verder duurzaam kan ontwikkelen en verrommeling van het landschap wordt tegengaan. In het oude en al karakteristieke teeltgebied wordt ingezet op de hoogwaardige gespecialiseerde productie. De greenport Boskoop clustert handel en logistiek steeds meer op het oostelijke deel van de greenport. Het meest intensieve onderdeel van de greenport is de concentratie van kennis, handel en intensieve, niet grondgebonden productie op het pot- en containerteeltterrein (PCT). Onderdeel van de herstructurering kan betekenen dat er, voor behoud van de greenportfunctie, ruimte komt voor de meer intensieve pot- en containerteelt.</p>
			<p>Het ITC is op de plankaart van de structuurvisie aangeduid als bedrijventerrein (zie figuur 3.1 ). </p>
			<p><img src="i_NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01_0007.png" width="491" height="308" alt="verplicht"/>
			</p>
			<p><em>Figuur 3.1: Uitsnede provinciale structuurvisie</em>
			</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s723">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>47</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>3.2.2</nummer>
		<titel>Provinciale verordening Ruimte, Visie op Zuid-Holland (2010)</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s719</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Om het provinciaal ruimtelijk beleid uit te voeren heeft de provincie verschillende instrumenten, waarvan een verordening er één is. In het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) van het Rijk zijn regels opgenomen waaraan provinciale verordeningen moeten voldoen. Enkele onderwerpen in de verordening van de provincie Zuid-Holland vloeien rechtstreeks voort uit het Barro zoals regels over de Ecologische Hoofdstructuur en de Nationale Landschappen. </p>
			<p>De Provinciale Verordening Ruimte stelt regels aan gemeentelijke bestemmingsplannen. De provincie heeft regels opgenomen over bebouwingscontouren, agrarische bedrijven, kantoren, bedrijventerreinen, detailhandel, waterkeringen, milieuzoneringen, lucht- en helihavens, molen - en landgoedbiotopen.</p>
			<p>De relevante bepalingen uit artikel 8 van de Verordening bepalen voor bestemmingsplannen in relatie tot bedrijventerreinen (uiteraard met uitzonderingsgevallen) onder meer dat voor gronden die zijn gelegen op bedrijventerreinen geen bestemmingen aangewezen mogen worden die nieuwe (bedrijfs)woningen mogelijk maken. Verder wordt onder meer ook gesteld dat voor gronden die zijn gelegen op bedrijventerreinen bedrijven uit de hoogst mogelijke milieucategorie van de Staat van Bedrijfsactiviteiten mogelijk moeten maken die passend zijn bij de omgeving van het bedrijventerrein, waarbij rekening wordt gehouden met toekomstige ontwikkelingen die mogelijk zijn op grond. </p>
			<p>Daarnaast zijn ook bepalingen uit andere artikelen van toepassing, zoals artikel 6 lid 3 van de Verordening dat bepaalt dat bestemmingsplannen voor gronden die zijn gelegen buiten de bebouwingscontouren of binnen maar aansluitend aan de bebouwingscontouren, zoals  aangegeven op kaart 1, een beeldkwaliteitsparagraaf moeten bevatten indien: </p>
			<ul>
				<li>de gronden zijn gelegen binnen de begrenzing van het Groene Hart (zoals aangegeven op (kaart 4) én;</li>
				<li>het bestemmingsplan voorziet in nieuwe functies of uitbreiding van bestaande functies met aanzienlijke ruimtelijke effecten.</li>
			</ul>
			<p>De Verordening stelt verder nog regels aan het opnemen van zelfstandige kantoor- en detailhandelsfuncties. Teneinde het vestigen van dergelijke functies te reguleren mogen vrijstaande kantoren bijvoorbeeld slechts op 10 minuten loopafstand van een openbare halte van het Zuidvleugelnet worden opgericht. </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s792">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>48</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>3.2.3</nummer>
		<titel>Conclusie provinciaal beleid</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s719</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>De provincie Zuid-Holland streeft voor de Greenport Boskoop naar een aantrekkelijk werklandschap waarbinnen het internationaal belang van de Greenport zich verder duurzaam kan ontwikkelen en verrommeling van het landschap wordt tegengaan. De Provinciale Verordening stelt hiervoor concrete voorschriften teneinde bij de vorming van bestemmingsplanregels tot een uniform beleid te komen. Met het bestemmingsplan ITC terrein wordt aan de voorschriften betreffende bedrijventerreinen uit de Verordening voldaan. Hieruit kan worden geconcludeerd dat het plan in overeenstemming is met het provinciaal beleid uit de Structuurvisie en de Verordening. Daarbij komt dat het opstellen van een beeldkwaliteitsparagraaf niet noodzakelijk is omdat het bestemmingsplan niet voorziet in nieuwe functies of een uitbreiding met aanzienlijke ruimtelijke effecten betreft. </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s793">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>49</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>3.3</nummer>
		<titel>Regionaal beleid</titel>
		<objectType>paragraaf</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s631</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s797">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>50</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>3.3.1</nummer>
		<titel>Intergemeentelijke Structuurvisie Greenport Regio Boskoop (2010)</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s793</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>De Intergemeentelijke Structuurvisie (ISV) is gemaakt om de ruimtelijke keuzes gezamenlijk te bepalen. Om de bestaande positie van de Greenport regio Boskoop vast te houden en uit te bouwen hebben de betrokken gemeenten gekozen om de ontwikkeling van de Greenport regio Boskoop gezamenlijk aan te pakken. Belangrijkste punten uit de ISV zijn bereikbaarheid, compactheid en duurzaamheid.</p>
			<p>Door het ruimtelijke beleid met betrekking tot het Groene Hart wordt de ontwikkeling van de Greenport Boskoop al enige tijd beperkt en is enige achterstand ontstaan. Daarnaast zijn aanzienlijke investeringen in de infrastructuur nodig. Als gevolg van de aanwijzing als Greenport zal er ook schaalvergroting moeten plaatsvinden.</p>
			<p>De ambitie van de structuurvisie ligt erin een sterke, duurzame en beleefbare Greenport in een leefbare omgeving te creeëren. Door de centrumfunctie en eigen identiteit te versterken en in een goede bereikbaarheid te voorzien kan zich een sterke Greenport ontwikkelen. Duurzaamheid ontstaat allereerst door efficiënt ruimtegebruik: bundelen, concentreren en herstructureren. Ook moet de wateropgave structureel geregeld worden met duurzaam waterbeheer en voldoende zoetwatervoorziening. </p>
			<p>De Greenport moet beleefbaar zijn, een uitstraling krijgen die aantrekkelijk is voor  inwoners en bezoekers van het Groene Hart. Op die manier vormt de Greenport een schakel tussen de stedelijke gebieden en het open veenweidegebied. De leefbaarheid van de omgeving wordt vergroot door verkeersoverlast te voorkomen, mede dankzij de voorgenomen infrastructurele verbeteringen. Het plangebied is op de plankaart van de Intergemeentelijke Structuurvisie aangeduid als PCT/ Handelsterrein.</p>
			<p><img src="i_NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01_0008.jpg" width="491" height="307" alt="verplicht"/>
			</p>
			<p><em>Afbeelding 3.1: Intergemeentelijke Structuurvisie Greenport Regio Boskoop</em>
			</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s794">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>51</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>3.3.2</nummer>
		<titel>Bomen in Beeld. Visie en Agenda Greenport Regio Boskoop (2006)</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s793</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>In de Nota Ruimte worden de direct betrokken partijen uitgenodigd de visie achter één van de cruciale groene economieën van Nederland (Greenport regio Boskoop) verder uit te werken.</p>
			<p>Daartoe is begin 2005 door overheid en bedrijfsleven in de regio Boskoop het Boomteeltpact gesloten en een programma uitgevoerd gericht op het ontwikkelen van een visie op de boomteelt. In het kader van het programma zijn een zestal projecten uitgevoerd. 'Bomen in Beeld' is onder meer bedoeld als verslaglegging van het in 2005 uitgevoerde programma en als startdocument voor vervolgactiviteiten. </p>
			<p><em>Ontwikkelingen</em>
			</p>
			<p>De belangrijkste marktontwikkelingen waar Boskoop mee wordt geconfronteerd zijn:</p>
			<ul>
				<li>toenemende en veranderende wensen van de consument; </li>
				<li>tuin wordt steeds belangrijker en verlengde woonkamer; </li>
				<li>sterke schaalvergroting bij de afnemers; tuincentra, retailers etc.; </li>
				<li>toename internationale concurrentie; </li>
				<li>veranderende rollen in arena tussen consument en producent als gevolg van ketenomkering; </li>
				<li>sterke verschuiving bij afnemers (van speciaalzaak naar supermarkt, tuincentra, bouwmarkt, park/plantsoen).</li>
			</ul>
			<p><em>Uitvoeringsagenda</em>
			</p>
			<p>Als onderdeel van het pact is op basis van de huidige situatie, scenario's en een analyse  de strategische agenda voor de Greenport Boskoop opgesteld (en vastgesteld door de stuurgroep). Deze strategische agenda is vertaald naar een actieagenda. Hieronder is de strategische agenda beknopt weergegeven. </p>
			<p>Strategische Agenda Greenport Boskoop:</p>
			<ol type="decimal">
				<li>faciliteren grotere bedrijven (ruimte, dienstverlening, knelpunten regelgeving);</li>
				<li>doorvoeren herstructurering (kavelvergroting, ontsluiting, ruimte voor water);</li>
				<li>versterken commerciële regie (nieuwe afzetconcepten, ketensamenwerking);</li>
				<li>versterken kennis en innovatie (kenniscentrum, systeeminnovatie);</li>
				<li>optimaliseren logistiek en infrastructuur (ontsluiting, aansluiting);</li>
				<li>vermarkten van 'Boskoop' (promotie, imago, naamsbekendheid, merk);</li>
				<li>samenwerken (in keten, tussen bedrijven, met boomteeltpartners, Greenports);</li>
				<li>versterken ICT-structuur (procesoptimalisatie, standaardisatie, informatie);</li>
				<li>ontwikkelen Recreatie (Tuin van Boskoop, fiets, wandel, kano routes etc.);</li>
				<li>volgen Europese agenda en regelgeving (regels, planologisch, programma's).   </li>
			</ol>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s795">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>52</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>3.3.3</nummer>
		<titel>Corridorstudie N207 (2006)</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s793</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>De corridor N207 ligt midden in het Groene Hart van de Randstad, ingeklemd tussen de Zuidvleugel en de Noordvleugel van de Randstad. Het gebied kenmerkt zich door een complexe en diverse structuur van open ruimtes, intensieve bebouwing, (zware) bedrijvigheid, waterwegen, land- en tuinbouw en verkeersinfrastructuur op verschillende schaalniveaus. Door de ligging van het gebied binnen een ring van steden en snelwegen treedt er op de wegen van de corridor ook doorgaand verkeer op. </p>
			<p>De corridorstudie is een initiatief van de provincie en de gemeenten Alphen aan den Rijn, Rijnwoude, Jacobswoude, Boskoop, Waddinxveen en Bodegraven. In de studie is de samenstelling en richting van de verkeersstromen uitgebreid onderzocht om grip te krijgen op de aard van de problematiek, mogelijke oplossingen en het verwachte effect van deze oplossingen.</p>
			<p>Met slim afgewogen investeringen in de infrastructuur kan zowel de bereikbaarheid als de leefbaarheid in de Corridor N207 worden verbeterd. Dat is kortweg de conclusie van het eindrapport. Daarmee is een stap gezet in de uitwerking van de verkeersstructuur en bijbehorende maatregelen in het gebied. Hierbij is niet alleen gekeken naar de N207 zelf, maar naar een breed gebied, dat zich uitstrekt van Leimuiden tot Waddinxveen en van Hazerswoude tot Bodegraven.</p>
			<p>De studie lanceert concrete ideeën over verhoging van de capaciteit van de N207-Noord, verbetering van de bestaande openbaar vervoersverbinding tussen Alphen aan den Rijn en Schiphol, de Maximabrug over de Oude Rijn, een omleiding van de N209 bij Hazerswoude-Dorp, een westelijke randweg bij Boskoop en Waddinxveen en de noodzaak van de Bodegravenboog tussen de N11 en A12. Inmiddels is gekozen voor de tunnelvariant bij Hazerswoude-Dorp. Een omleiding van de N209 is niet langer aan de orde.</p>
			<p>De Greenport Boskoop ligt in het zuidelijk deel van de N207 corridor. In dit deel staat het garanderen van een goede bereikbaarheid voor de toekomt, bij verdere ontwikkeling van de greenport centraal. Het gebied rond Boskoop en Hazerswoude staat daarbij niet op zichzelf. Het vormt in dit deel van de Randstad een geheel met het toekomstige glastuinbouwgebied, dat gerealiseerd wordt in de Zuidplaspolder. </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s798">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>53</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>3.3.4</nummer>
		<titel>Conclusie regionaal beleid</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s793</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Het bestemmingsplan ITC-terrein draagt bij aan een groter geheel; het ontwikkelen van de Greenportregio Boskoop. Het bestemmingsplan zal bijdragen aan de uitvoering van de actiepunten uit de uitvoeringsagenda en de kernpunten uit de Intergemeentelijke Structuurvisie. Het bedrijventerrein zal in de toekomst mede zijn ontsluiting vinden in de voorgenomen oplossingen uit de corridorstudie N207. Het plan sluit perfect aan bij de voorgestelde concrete ideeën, en vormt derhalve geen infrastructurele belemmeringen. Het bestemmingsplan ITC terrein is dan ook in overeenstemming met het regionale beleid. </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s725">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>54</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>3.4</nummer>
		<titel>Gemeentelijk beleid</titel>
		<objectType>paragraaf</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s631</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s726">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>55</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>3.4.1</nummer>
		<titel>Samengestelde structuurvisie Rijnwoude 2020 (2008)</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s725</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Op grond van de Wro zijn gemeenten verplicht om voor hun grondgebied één of meer structuurvisies vast te stellen. De gemeente Rijnwoude heeft er voor gekozen om de bestaande visies te bundelen en in één document op te nemen. Opgenomen zijn de Structuurvisie Rijnwoude 2020, Van droom naar daad (2005) en een uitsnede van gebieden uit de Transformatievisie Oude Rijnzone (2007). Aan de structuurvisie is verder een uitvoeringsparagraaf toegevoegd. De Structuurvisie Rijnwoude 2020; van droom naar daad uit 2005 is hiermee Wro- en vooral ook GREX-proof gemaakt. Deze structuurvisie is op 11 december 2008 vastgesteld. </p>
			<p>De hoofdkeuzen uit de 'Structuurvisie Rijnwoude 2020; van droom naar daad' zijn nog steeds actueel. De hoofdkeuzen voor de gemeente zijn:</p>
			<ol type="decimal">
				<li>Rijnwoude "Dorpen tussen steden" - versterken dorpse kwaliteiten en niet 			(visueel) vastgroeien aan de nabijgelegen stedelijke gebieden en Ontwikkelen 		Oude Rijnzone vanuit kwaliteiten.</li>
				<li>Rijnwoude een complete, leefbare gemeente van subregionaal niveau - versterking van het bestaande voorzieningencentrum, Hazerswoude-Rijndijk als hoofdvoorzieningencentrum Rijnwoude, versterken structuur Hazerswoude-Dorp en Benthuizen aan het Bentwoud.</li>
				<li>Verschil ontwikkelingsmogelijkheden 'grasland' en 'akkerland' - behouden en versterken graslandschap en geleidelijke transformatie akkerland.</li>
			</ol>
			<p>Het ITC is van invloed op hoofdkeuze 3. Deze locatie is immers gerealiseerd in de droogmakerij in het buitengebied van de gemeente Rijnwoude. Een van de projecten in de structuurvisie is het 'behoud (beeld)kwaliteit veenweidegebied en grasland'. De belangrijkste onderdelen van dit project zijn hierna samengevat.</p>
			<p>Ten noorden van de Oude Rijn zijn de Hondsdijkse- en Lagenwaardse Polders landschappelijk en cultuurhistorisch bijzonder waardevol en gaaf. Mede daardoor zijn deze polders aangewezen als Belvedèregebied en is het behoud van deze veenweidegebieden planologisch verankerd. Ten zuiden van de N11 ligt dat heel anders. Vooral in de Riethoornse Polder, maar ook in de Geerpolder, Polder Groenendijk, de Noordpolder en langs de Gemeneweg vindt verbouw van siergewassen plaats.</p>
			<p>Bovenstaande ontwikkeling staat echter haaks op de wens het graslandgebied en daarmee de openheid van het Groene Hart in stand te willen houden. Grote bedrijven die ook voor een groot deel glasteelt willen toepassen moeten zoveel mogelijk een plek vinden in de droogmakerij ten zuiden van Hazerswoude-Dorp: het in ontwikkeling zijnde  PCT-terrein. Dit terrein is gepland langs de Hoogeveenseweg, aangrenzend aan het ITC-bedrijventerrein, tot de Middelweg.</p>
			<p>Het PCT is een belangrijke schakel in de verdere uitwerking van de 'Greenport-gedachte'. Binnen de Boskoopse regio is grote behoefte aan uitbreiding van pot- en containerteelt. Het PCT kan in die ruimtebehoefte voorzien. Ook de Boskoopse veiling heeft aangegeven zich binnen het PCT te willen vestigen. Overigens moet daarbij niet worden gedacht aan een veiling 'oude stijl', maar aan een collectief van kwekers die fysiek binnen het PCT de producten - in de eindfase van de kweek - geschikt maakt voor de handel. De feitelijke verhandeling van de producten vindt plaats via beurzen en meer en meer via internet. Binnen de sector is een trend waarneembaar waarbij de verhandeling van producten meer en meer op afstand plaatsvindt.</p>
			<p>De ruimte op het PCT vormt een belangrijk onderdeel naar de mogelijkheden tot herschikking van de sierteelt in regionaal verband.</p>
			<p>Voor het ITC-terrein zijn in de structuurvisie geen concrete projecten opgenomen. Aangegeven wordt dat bij de ontwikkeling van het PCT-terrein een relatie zal worden gelegd met het ITC-terrein. </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s800">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>56</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>3.4.2</nummer>
		<titel>Rijnwoude ITC beleidsnotitie (2010)</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s725</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Het bedrijventerrein ITC is vooral bedoeld voor de vestiging van ondersteunende bedrijven binnen het sierteeltcluster van de Greenportregio Boskoop. </p>
			<p>Omdat een actualisatie van het vigerende bestemmingsplan voor het ITC terrein aan de orde was en vanuit het bedrijfsleven knelpunten werden gevoeld bij de bedrijfsvoering op het ITC is als startnotitie voor het opstellen van een nieuw bestemmingsplan in 2010 de beleidsnotitie ITC Rijnwoude opgesteld. Centrale vraag in de notitie is "Wat is de gewenste toekomst van het ITC?". </p>
			<p>Om te komen tot een antwoord op de centrale vraagstelling is een uigebreide analyse uitgevoerd. Uit deze analyse komt een verdeeld beeld naar voren van de gewenste toekomst van het ITC terrein:</p>
			<ul>
				<li>enerzijds zijn in het verleden ontwikkelingen die ertoe hebben geleid dat het ITC geen duidelijk sierteeltkarakter heeft. Deze constateriing leidt tot een wens het terrein volledig vrij te geven voor gemengde bedrijvigheid;</li>
				<li>anderzijds bestaat de wens ruimte te behouden voor vestiging van bedrijven die ondersteunend zijn aan de sierteeltsector. Ook al blijven hierdoor de gebruiksmogelijkheden van gronden en vastgoed op het bedrijventerrein (enigszins) beperkt.</li>
			</ul>
			<p>Geconcludeerd wordt dat de oplossing er niet in ligt om het gehele terrein een algemene bedrijfsbestemming te geven. Dit beperkt de ontwikkelingsmogelijkheden van de Greenport. Op het PCT terrein wordt veel ruimte gegeven aan de ontwikkeling van de Greenport, maar op dit terrein worden uitsluitend gronden uitgegeven aan grootschalige (handels)boomkwekerijen en logistieke bedrijven met een minimale kavelgrootte van 4 ha voor de boomkwekerijen en 2 ha voor de sierteeltgerelateerde logistieke bedrijven. Juist voor de bedrijven kleiner dan 2 ha is geen ruimte op het PCT terrein en wél op het ITC terrein. En daarnaast bestaat de groep sierteeltondersteunende bedrijven uit meer dan alleen logistieke bedrijven. De conclusie van de analyse is dan ook dat voor deze bedrijven het ITC beschikbaar moet blijven. </p>
			<p>De beleidsnotitie resulteert in twee aanbevelingen voor de toekomst van het ITC:</p>
			<ol type="decimal">
				<li>In het nieuwe bestemmingsplan moet de beschrijving van sierteelt ondersteunende bedrijvigheid afgestemd worden op het huidige functioneren van de sierteeltsector. Vooral de kennisintensieve, arbeidsintensieve en/ of meer kleinschalige onderdelen van de Greenport moeten op het ITC een plaats kunnen krijgen. Deze bedrijven moet dan op het ITC de fysieke en beleidsmatige ruimte worden geboden hun bedrijf optimaal te ontplooien.</li>
				<li>het verdient aanbeveling te kijken naar de mogelijkheden om actief te sturen op ontwikkeling en inrichting van het ITC. Daarbij valt te denken aan: herverkaveling van het ITC, (terug)koop van strategische reserves van bedrijven, aankoop Beursterrein door de gemeente, bieden van extra bouwmogelijkheden aan hen die bereid zijn kleine bedrijfsunits te saneren, het toetsen/ onderzoeken van vestigingsaanvragen op het PCT op alternatieve vestigingsmogelijkheden op het ITC.</li>
			</ol>
			<p>Op 1 juli 2010 heeft de gemeenteraad van Rijnwoude besloten om de eerste aanbeveling te verwerken in de beleidsuitgangspunten voor het nieuwe bestemmingsplan. Aanbeveling 2 wordt in dit stadium voor kennisgeving aangenomen. De gemeenteraad heeft besloten om zich nu te concentreren op de primaire mogelijkheden om het functioneren van het ITC te bevorderen, namelijk door het inzetten van planregels van het nieuwe bestemmingsplan.  </p>
			<p>De gemeenteraad heeft besloten om de vigerende bestemmingslegging (inclusief de bestaande zonering) overeind te houden, met dien verstande dat de gebruiksmogelijkheden ter plaatse van de aanduiding 'sierteelt' ruimer interpreteerbaar worden opgesteld, waarbij tevens aansluiting wordt gezocht bij de bestemmingsregeling van het PCT-terrein. In paragraaf <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s662">2.6.2</imropt:interneVerwijzing> zijn de uitgangspunten besproken.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s802">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>57</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>3.4.3</nummer>
		<titel>Duurzaamheidsagenda 2011-2014</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s725</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Het algemene kader voor het milieubeleid van de gemeente Rijnwoude is vastgelegd in de Duurzaamheidsagenda "Samenwerken en Verbinden". Dit beleid kent een directe relatie met de ruimtelijke ordening, bijvoorbeeld met betrekking tot de doelstellingen voor duurzame inrichting, voor duurzame (steden-)bouw, alsook voor het klimaat en energiebesparing.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s728">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>58</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>3.4.4</nummer>
		<titel>Conclusie gemeentelijk beleid</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s725</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Het ITC-terrein is een bestaand bedrijventerrein en is ook als zodanig opgenomen in de structuurvisie van Rijnwoude. In deze structuurvisie zijn geen directe mogelijkheden opgenomen ten behoeve van herstructurering van het bedrijventerrein. In het voorliggende bestemmingsplan zijn geen mogelijkheden opgenomen ten behoeve van grootschalige herstructurering, hergeen dus in overeenstemming is met de structuurvisie. Het nieuwe bestemmingsplan voor het ITC-terrein is een uitwerking van de gemaakte keuzes van de gemeenteraad naar aanleiding van de beleidsnotitie ITC. De vastgestelde uitgangspunten worden door middel van dit bestemmingsplan juridisch verankerd. </p>
			<p>Voor het bestemmingsplan is de Duurzaamheidsagenda, gelet op het consoliderende karakter van het bestemmingsplan, niet van primair belang. Door sierteeltgerelateerde bedrijvigheid te blijven clusteren wordt het belang van de landschappelijke en ecologische waarden en de duurzaamheid van de regio gediend.  </p>
			<p>Geconcludeerd kan worden dat het bestemmingsplan in overeenstemming is met het gemeentelijk beleid.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s729">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>59</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>3.5</nummer>
		<titel>Conclusie beleid</titel>
		<objectType>paragraaf</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s631</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Zowel het Rijks-, provinciaal-, regionaal-, als gemeentelijk beleid zet (indirect) in op het stimuleren van de sierteeltsector in de (Greenport)regio Boskoop. Het versterken van de Greenports wordt noodzakelijk geacht omdat deze bijdragen aan een duurzame en internationaal concurrerende regio. Conform het nieuwe provinciale beleid is het bedrijventerrein ITC (in eerste instantie) niet geschikt voor vestiging van bedrijfswoningen, zelfstandige kantoren en detailhandel. In de gemeentelijke structuurvisie van Rijnwoude zijn geen directe mogelijkheden opgenomen voor herstructurering van het ITC, hierbij aansluitend voorziet het voorliggende bestemmingsplan hier ook niet in. In het bestemmingsplan worden de gemaakte beleidskeuzes naar aanleiding van de beleidsnotitie ITC verankerd. Geconcludeerd kan worden dat dit bestemmingsplan in overeenstemming is met het Rijks-, provinciaal-, regionaal- en gemeentelijk beleid.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s504">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>60</volgnummer>
		<objectLabel>hoofdstuk</objectLabel>
		<nummer>4</nummer>
		<titel>Omgevingsaspecten</titel>
		<objectType>hoofdstuk in toelichting</objectType>
		<objectNiveau>2</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s489</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>De milieukwaliteit vormt een belangrijke afweging bij het vaststellen van een nieuw bestemmingsplan. Bij de afweging van het al dan niet toelaten van een bepaalde ruimtelijke ontwikkeling in het bestemmingsplan, dient onderzocht te worden welke milieuaspecten daarbij een rol kunnen spelen. Tevens is het van belang milieubelastende functies (zoals bedrijfsactiviteiten) ruimtelijk te scheiden ten opzichte van milieugevoelige functies zoals woningen. </p>
			<p>Verschillende milieuaspecten komen in dit hoofdstuk aan bod. Het gaat om bedrijven en milieuzonering, bodem, ecologie, externe veiligheid, geluid, luchtkwaliteit, water, archeologie en cultuurhistorie en duurzaamheid. Er is per milieuaspect specifieke aandacht voor de ontwikkeling van Edo Koi. In dit hoofdstuk worden de onderzoeksaspecten in relatie tot het plangebied beschreven. </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s865">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>61</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.1</nummer>
		<titel>Besluit milieueffectrapportage (m.e.r.)</titel>
		<objectType>paragraaf</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s504</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s869">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>62</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.1.1</nummer>
		<titel>Wettelijk kader</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s865</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Op 1 april 2011 is het nieuwe Besluit milieueffectrapportage in werking getreden. Een belangrijke wijziging die daarin is aangebracht, is dat voor de vraag of een m.e.r.-beoordelingsprocedure moet worden doorlopen, toetsing aan de drempelwaarden in de D-lijst niet toereikend is. Indien een activiteit een omvang heeft die onder de grenswaarden ligt, dient op grond van de selectiecriteria in de EEG-richtlijn milieu-effectbeoordeling te worden vastgesteld of belangrijke nadelige gevolgen van de activiteit voor het milieu kunnen worden uitgesloten. Pas als dat het geval is, is de activiteit niet m.e.r.-(beoordelings)plichtig. In het kader van de wijziging van het Besluit m.e.r. is een handreiking opgesteld over de vraag hoe moet worden vastgesteld of een activiteit met een omvang onder de drempelwaarde toch belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu kan hebben. In de handreiking is opgenomen dat voor elk besluit of plan dat betrekking heeft op activiteit(en) die voorkomen op de D-lijst en die een omvang hebben die beneden de drempelwaarden liggen een toets moet worden uitgevoerd of belangrijke nadelige milieugevolgen kunnen worden uitgesloten. Voor deze toets wordt de term vormvrije m.e.r.-beoordeling gebruikt. Uit deze toets kunnen twee conclusies volgen: belangrijke nadelige milieueffecten zijn uitgesloten of belangrijke nadelige milieueffecten zijn niet uitgesloten. In het eerste geval is de activiteit niet m.e.r.(-beoordelings)-plichtig in het andere geval dient een M.e.r.-beoordeling te worden uitgevoerd en de bijbehorende procedure te worden gevolgd. De toetsing in het kader van de vormvrije M.e.r.-beoordeling dient te geschieden aan de hand van de selectiecriteria in bijlage III van de EEG-richtlijn milieu-effectbeoordeling (kenmerk en plaats van het project, kenmerk van potentieel effect).</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s867">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>63</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.1.2</nummer>
		<titel>Situatie plangebied</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s865</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>In het plangebied is de ontwikkeling Edo Koi opgenomen. Dit wordt gezien als een uitbreiding van het bedrijventerrein en wordt genoemd in de D-lijst (categorie D 11.3, uitbreiding industrieterrein). De ontwikkeling van Edo Koi kan niet worden gezien als een m.e.r.-beoordelingsplichtige activiteit omdat deze pas geldt bij een plangebied met een oppervlak van 75 hectare. De kenmerken van de ontwikkeling van Edo Koi; de grootte, cumulatie met andere projecten, gebruik van natuurlijke hulpbronnen, productie van afvalstoffen, verontreiniging en hinder, en risico van ongevallen, geven geen aanleiding om alsnog een milieueffectrapportage te starten. Er zijn geen bijzondere elementen van het plan die bovenproportioneel bijdragen aan bovenstaande kenmerken. Dit is bekrachtigd in de uitgevoerde omgevingsonderzoeken.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s868">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>64</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.1.3</nummer>
		<titel>Conclusie</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s865</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Het milieubelang wordt in voldoende mate afgewogen. Er zijn geen belangrijke nadelige effecten te verwachten die een formele m.e.r. beoordeling van het plan noodzakelijk maken. De effecten op het milieu worden voldoende beschreven in de overige paragrafen van hoofdstuk <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s504">4</imropt:interneVerwijzing>.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s506">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>65</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.2</nummer>
		<titel>Bedrijven en milieuzonering</titel>
		<objectType>paragraaf</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s504</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s903">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>66</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.2.1</nummer>
		<titel>Beleidskader</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s506</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Indien nieuwe geluidgevoelige bestemmingen, zoals bijvoorbeeld een woning, mogelijk worden gemaakt in de nabijheid van bestaande bedrijven dan dient de bestaande geluidsruimte, welke vastligt in de milieuvergunning van het betreffende bedrijf, te worden gerespecteerd. Bij het toestaan van nieuwe bedrijven of andere functies dient rekening gehouden te worden met de milieuruimte die in de toekomst nodig is. Daarbij wordt getoetst aan de Wet milieubeheer en de Algemene Maatregelen van Bestuur onder de Wet milieubeheer. De richtlijnen in de VNG-handreiking Bedrijven en milieuzonering worden doorgaans gehanteerd om de afstand te bepalen tussen woningen en de verschillende bedrijfscategorieën.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s902">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>67</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.2.2</nummer>
		<titel>Edo Koi</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s506</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Voor de ontwikkeling op het perceel van Edo Koi dient te worden gekeken of er op basis van de VNG-richtlijn 'Bedrijven en Milieuzonering' (editie 2009) sprake is van hinder. In de directe nabijheid van het plangebied zijn een aantal bedrijfswoningen gelegen. </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s904">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>68</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.2.2.1</nummer>
		<titel>Omgevingstype</titel>
		<objectType>subsubparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>5</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s902</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Het betreft bedrijfswoningen aan de rand van een bedrijventerrein. Volgens de VNG handreiking 'Bedrijven en Milieuzonering' (2009) is het gerechtvaardigd om voor bedrijfswoningen kleinere richtafstanden te hanteren dan ten opzichte van een rustige woonwijk of een gemengd gebied.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s905">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>69</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.2.2.2</nummer>
		<titel>Milieuzonering</titel>
		<objectType>subsubparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>5</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s902</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>De voorgestelde bestemming maakt een activiteit mogelijk die het beste past bij SBI code 0125.6, fokken en houden van overige dieren. Dit type bedrijf valt onder milieucategorie 2, met een richtafstand van 30 meter tot een rustig woongebied, vanwege de aspecten geluid en geur. Voor de bedrijfswoningen kan minimaal één stap lager worden aangehouden; daarmee wordt de richtafstand 10 meter. De afstand van de perceelsgrens tot de achtergevel van de woningen is 18 meter.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s906">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>70</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.2.2.3</nummer>
		<titel>Melding Wet Milieubeheer</titel>
		<objectType>subsubparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>5</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s902</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Het betreft hier bedrijfsruimte waarop de Wet Milieubeheer (Wm) van toepassing is. Voor deze zogenaamde inrichting moet een melding op grond van het Activiteitenbesluit in het kader van de Wm worden gedaan. Een dergelijke melding moet vier weken voor aanvang van de bedrijfsactiviteiten bij de Omgevingsdienst West-Holland binnen zijn. </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s907">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>71</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.2.3</nummer>
		<titel>Conclusie</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s506</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Op het gebied van bedrijven en milieuzonering zijn er geen knelpunten aanwezig. Het bestemmingsplan is op basis van dit onderwerp uitvoerbaar.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s514">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>72</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.3</nummer>
		<titel>Geluid</titel>
		<objectType>paragraaf</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s504</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s841">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>73</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.3.1</nummer>
		<titel>Wettelijk kader</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s514</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>De Wet geluidhinder (Wgh) biedt een toetsingskader voor het geluidniveau op de gevels van geluidgevoelige bestemmingen, zoals woningen en scholen. De wet kent een ondergrens, de zogenaamde voorkeursgrenswaarde. Wanneer de geluidbelasting lager is dan deze waarde, zijn de voorwaarden die de Wet geluidhinder stelt aan het realiseren van geluidgevoelige bestemmingen niet van toepassing. Daarnaast is er in de wet een bovengrens opgenomen, de maximaal toelaatbare geluidbelasting. Indien de geluidbelasting hoger is dan deze waarde, is het realiseren van geluidgevoelige bestemmingen in principe niet mogelijk.</p>
			<p>Wanneer de geluidbelasting tussen de voorkeursgrenswaarde en de maximaal toelaatbare geluidbelasting ligt, is het realiseren van geluidgevoelige bestemmingen aan beperkingen gebonden en alleen onder voorwaarden mogelijk. Dit wordt een ‘hogere waarde’ genoemd (‘hoger’ in de zin van hoger dan de voorkeursgrenswaarde) en wordt via een formele procedure vastgelegd.</p>
			<p>Op basis van de Wet geluidhinder (Wgh) artikel 74 hebben alle wegen een geluidszone. Uitzondering hierop zijn woonerven en 30 km/uur gebieden. De zone is afhankelijk van het aantal rijstroken en of een weg binnen of buitenstedelijk is gelegen. Voor de bepaling van de maximale vast te stellen geluidbelasting houdt de Wet geluidhinder rekening met de ligging van de geluidgevoelige bestemmingen en wordt onderscheid gemaakt tussen stedelijk en buitenstedelijk gebied. Binnen stedelijk gebied gelden over het algemeen minder strenge normen.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s838">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>74</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.3.2</nummer>
		<titel>Situatie plangebied</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s514</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>In het bestemmingsplan worden geen nieuwe geluidgevoelige functies, zoals woningen, mogelijk gemaakt De bedrijfswoningen aan de Roemer zijn bestaande bedrijfswoningen waarvoor op grond van Wet geluidhinder geen nader onderzoek benodigd is. Bij vergunningverlening in het verleden zijn deze bedrijfswoningen al getoetst aan de Wet geluidhinder. Het ITC-terrein ligt daarnaast niet binnen de onderzoekszones van een gezoneerde (spoor)weg op grond van de Wet geluidhinder. Nader akoestisch onderzoek is niet aan de orde. </p>
			<p>De ontwikkeling van Edo Koi is geen geluidsgevoelige bestemming en ligt niet op een gezoneerd industrieterrein. De Wet geluidhinder is dus niet van toepassing.</p>
			<p>Geconcludeerd kan worden dat het bestemmingsplan op het gebied van geluid uitvoerbaar is.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s519">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>75</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.4</nummer>
		<titel>Luchtkwaliteit</titel>
		<objectType>paragraaf</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s504</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s669">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>76</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.4.1</nummer>
		<titel>Landelijke wet- en regelgeving</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s519</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p><em>Wet milieubeheer</em>
			</p>
			<p>In de Wet milieubeheer zijn kwaliteitseisen voor de buitenlucht opgenomen. Titel 5.2 Wm 'Luchtkwaliteitseisen' wordt kortweg aangeduid als de Wet luchtkwaliteit. Het doel van de wet is om mens en milieu bescherming te bieden tegen de negatieve effecten van luchtverontreiniging. Voor de gezondheid van de mens is een goede luchtkwaliteit van groot belang. Daarom zijn in bijlage 2 van de Wet milieubeheer grenswaarden opgenomen voor een aantal stoffen die als verontreiniging in de lucht voorkomen. In de praktijk richt de aandacht zich vooral op de stoffen stikstofdioxide en fijn stof. Van deze stoffen komen in Nederland concentraties voor die in de buurt van de grenswaarde liggen. De overige stoffen in bijlage 2 zijn minder kritisch.</p>
			<p><em>Het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL)</em>
			</p>
			<p>De 'Wet luchtkwaliteit' vormt de Nederlandse uitwerking van de Europese normen voor de luchtkwaliteit. Op grond van de Europese regelgeving moet vanaf 2005 overal in Europa worden voldaan aan de grenswaarde voor fijn stof. Voor stikstofdioxide geldt de grenswaarde vanaf 2010. In ons land is het niet gelukt om overal aan de grenswaarden te voldoen. Daarom heeft Nederland om uitstel verzocht. Op 7 april 2009 heeft de Europese Commissie het gevraagde uitstel gegeven. De jaargemiddelde norm voor fijn stof moet uiterlijk in juni 2011 gehaald zijn en de daggemiddelde en jaargemiddelde norm voor NO<sub>2</sub> uiterlijk 1 januari 2015. Om deze normen te halen is een maatregelenpakket opgesteld, dat in een samenwerkingsprogramma van de rijksoverheid en de lagere overheden wordt uitgevoerd. Dit pakket wordt het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL) genoemd. Het NSL is op 1 augustus 2009 van kracht geworden en vormt de kern van de Wet luchtkwaliteit. Het NSL is een bundeling van alle ruimtelijke ontwikkelingen die de luchtkwaliteit 'in betekenende mate' verslechteren en alle maatregelen die de luchtkwaliteit verbeteren. Het Rijk coördineert het programma. </p>
			<p>Specifieke onderdelen van de wet zijn uitgewerkt in besluiten (algemene maatregelen van bestuur) en ministeriële regelingen. Hiervan zijn de volgende van belang.</p>
			<p><em>Besluit en regeling 'niet in betekenende mate'.</em>
			</p>
			<p>De Wet luchtkwaliteit maakt onderscheid tussen grote en kleine ruimtelijke projecten. Een project is klein als het slechts in geringe mate, ofwel niet in betekenende mate (NIBM), leidt tot een verslechtering van de luchtkwaliteit. De grens ligt bij een verslechtering van maximaal 3% van de grenswaarden voor de luchtkwaliteit. Grotere projecten die in betekenende mate bijdrage kunnen worden opgenomen in het NSL, als is aangetoond dat de effecten van dat project worden weggenomen door de maatregelen van het NSL. Met projecten die 'niet in betekenende mate' bijdragen aan de luchtverontreiniging is rekening gehouden in de autonome ontwikkeling van de luchtkwaliteit.</p>
			<p>Het Besluit en de Regeling 'niet in betekenende mate' bevatten criteria waarmee kan worden bepaald of een bepaald project wel of niet als 'in betekenende mate' kan worden beschouwd. </p>
			<p>NIBM projecten kunnen - juridisch gezien - zonder toetsing aan de grenswaarden voor wat betreft het aspect luchtkwaliteit uitgevoerd worden. Uit het oogpunt van een goede ruimtelijke ordening moet wel worden bekeken of het realiseren van het plan met betrekking tot de luchtkwaliteit op die locatie gewenst is. Daarbij speelt de mate van blootstelling aan de luchtverontreiniging een rol. Ook de gevoeligheid van bepaalde groepen mensen voor luchtverontreiniging kan daarbij worden afgewogen. Hierbij gaat het niet alleen om de toekomstige gebruikers van de locatie maar ook om de personen in de omgeving daarvan, bijvoorbeeld om de bewoners en/of kinderen in een school/kinderdagverblijf aan de gebiedsontsluitende wegen.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s748">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>77</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.4.2</nummer>
		<titel>Regionaal beleid</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s519</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p><em>Regionaal Samenwerkingsverband Luchtkwaliteit</em>
			</p>
			<p>In het Regionale Samenwerkingsverband Luchtkwaliteit Zuid Holland is een aantal maatregelen ingebracht, dat in regio Holland Rijnland wordt uitgevoerd. Deze maatregelen zijn opgenomen in het NSL. De uitvoering van deze maatregelen worden door Milieudienst West-Holland gecoördineerd.</p>
			<p><em>Duurzaamheidsagenda 2011-2014</em>
			</p>
			<p>In de duurzaamheidsagenda zijn bij "Duurzame inrichting" geen extra doelstellingen opgenomen ten aanzien van luchtkwaliteit. </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s671">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>78</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.4.3</nummer>
		<titel>Luchtkwaliteit plangebied</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s519</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Om inzicht te geven in de mate van blootstelling aan luchtverontreiniging ter plaatse zijn de concentraties uit de digitale monitoringstool, die behoort bij het NSL (Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit) gebruikt.</p>
			<p>Hiervoor is een digitale monitoringstool  beschikbaar gesteld door het ministerie. Drukke doorgaande wegen rondom dit plangebied zijn onder andere de Hoogeveenseweg en de Roemer. Uit de monitoringstool blijkt voor 2011 voor de Hoogeveenseweg concentraties stikstofdioxide 27,4 µg/m<sup>3</sup> en voor fijn stof  18,7 µg/m<sup>3 </sup>(met zeezoutaftrek) en voor de Roemer concentraties stikstofdioxide 23,3 µg/m<sup>3</sup> en voor fijn stof  18,4 µg/m<sup>3 </sup>(met zeezoutaftrek).  In de rest van het bestemmingsplangebied zijn de concentraties lager. Het is de verwachting dat door het schoner worden van de autotechniek de concentraties van met name stikstofdioxide in de toekomst lager worden.</p>
			<p>De ontwikkeling op het perceel Edo Koi zal niet leiden tot een explosieve toename van het aantal verkeersbewegingen van en naar het perceel. De bijdrage van het verkeer als gevolg van de uitbreiding van de bedrijfsactiviteiten is niet in betekende mate.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s672">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>79</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.4.4</nummer>
		<titel>Conclusie</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s519</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Dit bestemmingsplan maakt geen ontwikkelingen mogelijk en draagt niet in betekende mate (NIBM) bij aan de verslechtering van de luchtkwaliteit. Het bestemmingsplan is op het gebied van luchtkwaliteit uitvoerbaar.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s507">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>80</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.5</nummer>
		<titel>Bodem</titel>
		<objectType>paragraaf</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s504</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Voor het bestemmingsplan "International Trade Centre (ITC)" te Hazerswoude-Dorp is door de Milieudienst een inventarisatie gemaakt van de meest relevante bodemgegevens uit het plangebied. In het gebied zijn geen locaties bekend die vanuit de Wet Bodembescherming (Wbb) relevant zijn. </p>
			<p>Over het algemeen geldt dat een bodemonderzoek noodzakelijk is bij (her)ontwikkeling, de aanvraag van een omgevingsvergunning voor geplande bouw of bij graafwerkzaamheden. Het plangebied is enigszins uitgebreid met bedrijfswoningen aan de Roemer, maar hiervoor behoeft geen bodemonderzoek te worden uitgevoerd. De bodemkwaliteit is voor het gebruik 'wonen met tuin' in het verleden reeds voldoende in beeld gebracht. </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s908">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>81</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.5.1</nummer>
		<titel>Edo Koi</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s507</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>In opdracht van Edo Koi B.V. heeft Hoste milieutechniek BV een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd ter plaatse van de locatie Belgiëlaan achter 1F. De rapportage is uitgebracht op 16 november 2011 en heeft als projectcode 11243SPH en is opgenomen in bijlage <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s909">3</imropt:interneVerwijzing> van deze toelichting. Aan de hand van dit onderzoek moet worden vastgesteld of de bodem voldoet aan de milieukundige eisen die worden gesteld aan het beoogde gebruik. Het onderzoek voldoet aan de eisen voor onderzoek bij bestemmingswijzigingen en aanvragen omgevingsvergunningen.</p>
			<p>Tijdens het plaatsen van de boringen is gebleken dat de bodem tot boordiepte veelal bestaat uit klei (met soms een veenlaag). In het opgeboorde bodemmateriaal zijn zintuigelijk geen bodemvreemde bijmengingen aangetroffen. Asbesthoudende materialen zijn eveneens niet aangetroffen. Uit het chemisch-analystisch onderzoek blijkt dat de grond en het grondwater niet- tot slechts licht verontreinigd zijn met de onderzochte parameters. </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s804">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>82</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.5.2</nummer>
		<titel>Conclusie bodem</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s507</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Ten aanzien van de ontwikkeling Edo Koi kan geconcludeerd worden dat er vanuit milieuhygiënisch oogpunt geen belemmeringen aanwezig zijn voor de beoogde ontwikkeling van de locatie. Het onderzoeksrapport dat hiervoor is opgesteld kan gebruikt worden voor de aanvraag van de omgevingsvergunning.</p>
			<p>De Milieudienst heeft geconcludeerd dat er voor de bestaande situatie in dit plangebied op dit moment geen noodzaak voor een bodemonderzoek bestaat. Bij grondverzet moet rekening worden gehouden met de richtlijnen van het Besluit bodemkwaliteit. Het bestemmingsplan houdt voldoende rekening met het bodemaspect en er is geen nader onderzoek naar de bodem noodzakelijk. Bij toekomstige werkzaamheden betreffende de grond zijn initiatiefnemers gebonden aan de richtlijnen van het Besluit Bodemkwaliteit.  </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s510">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>83</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.6</nummer>
		<titel>Externe veiligheid</titel>
		<objectType>paragraaf</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s504</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s676">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>84</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.6.1</nummer>
		<titel>Aanleiding</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s510</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Een aantal voor externe veiligheid belangrijke uitgangspunten voor het bestemmingsplan ITC-terrein Rijnwoude vloeit voort uit de 'beleidsnotitie ITC' van 7 mei 2010:</p>
			<ul>
				<li>bedrijfsbestemming mogelijk t/m milieucategorie 3.2;</li>
				<li>wijzigingsbevoegdheid voor bedrijf met maximaal 1 hogere milieucategorie mogelijk;</li>
				<li>nieuwe bedrijfswoningen worden geschrapt, behalve de bedrijfswoningen aan de Roemer;</li>
				<li>er blijft een link tussen plangebied en sierteelt.</li>
			</ul>
			<p>De gemeente Rijnwoude heeft samen met de Milieudienst West-Holland een nota Externe veiligheid opgesteld. Deze nota is op 10 november 2011 door de gemeenteraad vastgesteld. De nota stelt dat in het huidige bestemmingsplan voor ITC Bevi-bedrijven zijn toegestaan (cat. 3). Op het PCT terrein is een wijzigingsbevoegdheid opgenomen om Bevi-bedrijven mogelijk te maken. In beide bestemmingsplannen geldt dan wel dat deze verbonden moeten zijn met de agrarische functie van het gebied. Deze mogelijkheden blijven ongewijzigd. In paragraaf <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s742">4.6.2</imropt:interneVerwijzing> wordt hier verder op ingegaan.</p>
			<p><em>Inventarisatie risicobronnen</em>
			</p>
			<p>Volgens de provinciale risicokaart zijn de volgende potentiële risicobronnen op of in de omgeving van het plangebied aanwezig:</p>
			<ul>
				<li>Ammoniakkoelinstallatie (514 kg), Duitslandlaan 30;</li>
				<li>N445: transport van gevaarlijke stoffen over de weg.</li>
			</ul>
			<p></p>
			<p><img src="i_NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01_0009.png" width="491" height="308" alt="verplicht"/>
			</p>
			<p><em>Figuur 4.1: Uitsnede provinciale risicokaart  </em>
			</p>
			<p>Volgens de vigerende planologie zijn bedrijven tot en met milieucategorie 3 toelaatbaar in het plangebied. Hier kunnen risicovolle activiteiten onder vallen.</p>
			<p>In dit nieuwe bestemmingsplan worden bedrijven t/m milieucategorie 3.2 toegelaten. Hierdoor is de vestiging van risicobronnen niet uitgesloten. Daarnaast is aangegeven dat een afwijkingsmogelijkheid opgenomen wordt om maximaal bedrijven van 1 hogere milieucategorie toe te laten, mits de milieu-invloed van deze bedrijven vergelijkbaar is met milieucategorie 3.2. Door hogere categorieën toe te laten, neemt de kans op nieuwe risicobronnen ook toe.</p>
			<p>Ook op het naastgelegen PCT-terrein zijn risicovolle activiteiten volgens het geldende bestemmingsplan niet uitgesloten.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s742">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>85</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.6.2</nummer>
		<titel>Beoordeling</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s510</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p><em>Bestaande risicobronnen/kwetsbare bestemmingen </em>
			</p>
			<p>In het bestemmingsplan worden geen kwetsbare bestemmingen bestemd. Wel zijn in dit kader het Beursgebouw en het Plantarium als bijeenkomstgebouwen als kwetsbare bestemming te beschouwen. Hier kunnen volgens een herziening uit 1999 van het geldende bestemmingsplan ook activiteiten plaatsvinden waar grote groepen mensen bij aanwezig kunnen zijn.</p>
			<p>De bestaande situatie met de aanwezige risicobronnen en kwetsbare bestemmingen leidt niet tot knelpunten in het plaatsgebonden risico (PR) en/of groepsrisico (GR). Omdat er in dit bestemmingsplan geen nieuwe kwetsbare bestemmingen worden voorzien, leiden de aanwezige risicobronnen niet tot beperkingen voor het plangebied.  </p>
			<p>In het kader van het vooroverleg heeft overleg plaatsgevonden met de Veiligheidsregio Hollands Midden. De Veiligheidsregio heeft aangegeven dat gezien de aard van de risicobronnen in het plangebied het niet nodig is om het plaatsgebonden risico en het groepsrisico te berekenen. Conform het advies van de Veiligheidsregio, dd. 4 november 2011 (zie hoofdstuk 3 in bijlage <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s881">7</imropt:interneVerwijzing>) is het niet mogelijk om binnen dit bestemmingsplan verminderd redzame personen te vestigen. </p>
			<p><em>Nieuwe risicobronnen</em>
			</p>
			<p>Risicovolle bedrijven zijn in het plangebied niet expliciet uitgesloten. Ook impliciet is er niets uitgesloten, omdat bedrijven t/m milieucategorie 3.2 toelaatbaar zijn, met een afwijkingsmogelijkheid tot maximaal 1 categorie hoger. Zoals uitgesproken in de beleidsnotitie blijft er in het plangebied een zekere koppeling bestaan van de bedrijfsbestemmingen tot sierteelt. Hierdoor is het redelijk om de vestiging van risicovolle bedrijven, zoals kunstmest- of bestrijdingsmiddelenbedrijven, mogelijk te maken.</p>
			<p>Zoals opgenomen in de nota Externe Veiligheid blijft het via dit bestemmingsplan mogelijk om op het ITC-terrein risicovolle bedrijven op te richten. Dit mits deze agrogerelateerd zijn. In de planregels bij dit bestemmingsplan worden een aantal randvoorwaarden opgenomen waaraan voldaan moet worden bij vestiging van een risicovolle activiteit:</p>
			<ul>
				<li>de plaatsgebonden risicocontour PR=10<sup>-6</sup> ligt binnen de terreingrens/ perceelsgrens van het risicovolle bedrijf, dan wel over gebieden met de bestemming verkeer, groen en/ of water;</li>
				<li>risicovolle activiteiten op bijvoorbeeld 200 meter afstand van de bedrijfswoningen worden toegelaten;</li>
				<li>de vestiging van kwetsbare objecten (zoals woningen en kantoorgebouwen met een oppervlakte van meer dan 1500 m<sup>2</sup> is niet toegestaan;</li>
				<li>de gevolgen van eventuele incidenten met gevaarlijke stoffen bij bedrijven gevestigd op dit bedrijventerrein dient beperkt te blijven tot maximaal 10 dodelijke slachtoffers in de naastgelegen woongebieden;</li>
				<li>bedrijven waarvoor een calamiteitenscenario geldt van meer dan 10 dodelijke slachtoffers in omliggende woongebieden worden geweerd.</li>
			</ul>
			<p>De ontwikkeling van Edo Koi is geen risicovolle activiteit en ook geen kwetsbare bestemming. Deze ontwikkeling is dan ook op basis van externe veiligheid uitvoerbaar.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s743">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>86</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.6.3</nummer>
		<titel>Conclusie externe veiligheid</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s510</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Bestaande risicobronnen binnen het plangebied van dit bestemmingsplan leiden niet tot beperkingen voor het plangebied. Nieuwe risicovolle activiteiten (Bevi) die agrogerelateerd zijn, zijn mogelijk binnen het plangebied. Dit mits voldaan wordt aan de gestelde randvoorwaarden in de planregels van het bestemmingsplan. Het bestemmingsplan is uitvoerbaar op het gebied van externe veiligheid.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s520">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>87</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.7</nummer>
		<titel>Water</titel>
		<objectType>paragraaf</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s504</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s673">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>88</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.7.1</nummer>
		<titel>Handreiking Watertoetsproces bij Rijnland (2008)</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s520</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>De watertoets is vanaf november 2003 opgenomen in het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). In het kader van het artikel 3.1.1. Bro-overleg is de waterbeheerder overlegpartner bij het opstellen van bestemmingsplannen.</p>
			<p>Om problemen met wateroverlast te voorkomen, om een goede waterkwaliteit te waarborgen en om de beleving van water voor burgers te vergroten, is het watertoetsproces in het leven geroepen. Het doel van het watertoetsproces is om, in een zo vroeg mogelijk stadium rekening te houden met water in ruimtelijke plannen en besluiten. In de startovereenkomst Waterbeleid voor de 21e eeuw en in het Nationaal Bestuursakkoord Water hebben de gezamenlijke overheden bepaald dat water een sturend principe moet zijn in de ruimtelijke ordening. De watertoets is het proces waarbij de waterbeheerder (in dit geval het Hoogheemraadschap van Rijnland) en de initiatiefnemer van het ruimtelijke plan (bijvoorbeeld gemeente, projectontwikkelaar, particulier) samenwerken. Het samenwerkingsproces moet uiteindelijk leiden tot een zogenaamde 'waterparagraaf' die onderdeel uitmaakt van het uiteindelijke plan of besluit. Het resultaat van overleg met het Hoogheemraadschap van Rijnland is opgenomen in deze waterparagraaf.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s674">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>89</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.7.2</nummer>
		<titel>Waterbeheerplan (2009)</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s520</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Voor de planperiode 2010-2015 is het Waterbeheerplan (WBP) van Rijnland van toepassing. In dit plan geeft Rijnland aan wat haar ambities voor de komende planperiode zijn en welke maatregelen in het watersysteem worden getroffen. Het nieuwe WBP legt meer dan voorheen accent op uitvoering. De drie hoofddoelen zijn veiligheid tegen overstromingen, voldoende water en gezond water. Wat betreft veiligheid is cruciaal dat waterkeringen voldoende hoog en stevig zijn én blijven en dat rekening wordt gehouden met mogelijk toekomstige dijkverbeteringen. Wat betreft voldoende water gaat het erom het complete watersysteem goed in te richten, goed te beheren en goed te onderhouden. Daarbij wil Rijnland dat het watersysteem op orde en toekomstvast wordt gemaakt, rekening houdend met klimaatverandering. Immers, de verandering van het klimaat leidt naar verwachting tot meer lokale en heviger buien, perioden van langdurige droogte en zeespiegelrijzing. Het WBP sorteert voor op deze ontwikkelingen. Het WBP is te lezen op de <imropt:externeVerwijzing xl:type="simple" xl:href="http://www.rijnland.net/plannen/waterbeheerplan">website van het Hoogheemraadschap van </imropt:externeVerwijzing>
				<imropt:externeVerwijzing xl:type="simple" xl:href="http://www.rijnland.net/plannen/waterbeheerplan">Rijnland</imropt:externeVerwijzing>.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s675">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>90</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.7.3</nummer>
		<titel>Keur en Beleidsregels</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s520</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Op 22 december 2009 is als gevolg van de Waterwet een nieuwe Keur in werking getreden, alsmede nieuwe Beleidsregels die per 27 mei 2011 geactualiseerd zijn. Een nieuwe Keur is nodig vanwege de totstandkoming van de Waterwet en daarmee verschuivende bevoegdheden in onderdelen van het waterbeheer. Verder zijn aan deze Keur bepalingen toegevoegd over het ontrekken van grondwater en het infiltreren van water in de bodem. De "Keur en Beleidsregels" maken het mogelijk dat het Hoogheemraadschap van Rijnland haar taken als waterkwaliteits- en kwantiteitsbeheerder kan uitvoeren. De Keur is een verordening van de waterbeheerder met wettelijke regels (gebod- en verbodsbepalingen) voor:</p>
			<ul>
				<li>Waterkeringen (onder andere duinen, dijken en kaden).</li>
				<li>Watergangen (onder andere kanalen, rivieren, sloten, beken).</li>
				<li>Andere waterstaatswerken (onder andere bruggen, duikers, stuwen, sluizen en gemalen).</li>
			</ul>
			<p>De Keur bevat verbodsbepalingen voor werken en werkzaamheden in of bij de bovengenoemde waterstaatswerken. En kan een ontheffing worden aangevraagd om een bepaalde activiteit wel te mogen uitvoeren. Als Rijnland daarin toestemt, dan wordt dat geregeld in een Watervergunning op grond van de Keur. De Keur is daarmee een belangrijk middel om via vergunningverlening en handhaving het watersysteem op orde te houden of te krijgen. In de Beleidsregels, die bij de Keur horen, is het beleid van Rijnland nader uitgewerkt. De Keur en Beleidsregels van Rijnland zijn te vinden op de <imropt:externeVerwijzing xl:type="simple" xl:href="http://www.rijnland.net/regels/keur_algemene">website van het Hoogheemraadschap van Rijnland</imropt:externeVerwijzing>.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s920">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>91</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.7.4</nummer>
		<titel>Riolering en afkoppelen</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s520</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Overeenkomstig het rijksbeleid geeft Rijnland de voorkeur aan het scheiden van hemelwater en afvalwater, mits het doelmatig is. De <em>voorkeursvolgorde</em> voor de omgang met afvalwater houdt in dat het belang van de bescherming van het milieu vereist dat:</p>
			<ol type="lower-alpha">
				<li>het ontstaan van afvalwater wordt voorkomen of beperkt;</li>
				<li>verontreiniging van afvalwater wordt voorkomen of beperkt;</li>
				<li>afvalwaterstromen gescheiden worden gehouden, tenzij het niet gescheiden houden geen nadelige gevolgen heeft voor doelmatig beheer van afvalwater;</li>
				<li>huishoudelijk afvalwater en afvalwater dat daarmee wat biologische afbreekbaarheid betreft overeenkomt, worden ingezameld en naar een afvalwaterzuiveringsinrichting getransporteerd;</li>
				<li>ander afvalwater dan bedoeld in onderdeel d:<ol type="decimal">
						<li>zo nodig na zuivering bij de bron, wordt hergebruikt:</li>
						<li>lokaal, zo nodig na retentie of zuivering bij de bron, in het milieu wordt gebracht.</li>
					</ol>
				</li>
			</ol>
			<p>De gemeente kan gebruik maken van deze <em>voorkeursvolgorde</em> bij totstandkoming van het gemeentelijk rioleringsplan (GRP). Deze <em>voorkeursvolgorde</em> is echter geen dogma. De uiteindelijke afweging zal lokaal moeten worden gemaakt, waarbij doelmatigheid van de oplossing centraal moet staan. </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s921">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>92</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.7.5</nummer>
		<titel>Zorgplicht en preventieve maatregelen voor Hemelwater</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s520</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Voor de verwerking van hemelwater wijst Rijnland op de zorgplicht en op het nemen van preventieve maatregelen. Het verdient aanbeveling daar waar mogelijk aandacht te besteden aan maatregelen bij de bron. Preventie heeft de voorkeur boven 'end-of-pipe' maatregelen. Uitgangspunt is dat het te lozen hemelwater geen significante verslechtering van de kwaliteit van het ontvangende oppervlaktewater mag veroorzaken en emissie van vervuilende stoffen op het oppervlaktewater waar mogelijk wordt voorkomen door bijvoorbeeld: </p>
			<ul>
				<li>duurzaam bouwen;</li>
				<li>het toepassen van berm- of bodempassage;</li>
				<li>toezicht en controle tijdens de aanlegfase en handhaving tijdens de beheerfase ter voorkoming van verkeerde aansluitingen;</li>
				<li>het regenwaterriool uit te voeren met (straat)kolken voorzien van extra zand- slibvang of zakputten (putten met verdiepte bodem) op tactische plekken in het stelsel;</li>
				<li>adequaat beheer van straatoppervlak, straatkolken en zakputten (straatvegen en kolken/putten zuigen);</li>
				<li>het toepassen van duurzaam onkruidbeheer;</li>
				<li>de bewoners, gebruikers en beheerders voor te lichten over de werking van de riolering en een juist gebruik hiervan;</li>
				<li>het vermijden van vervuilende activiteiten op straat zoals auto's wassen en repareren en chemische onkruidbestrijding.</li>
			</ul>
			<p>Daar waar ondanks de zorgplicht en de preventieve maatregelen het te lozen hemelwater naar verwachting een aannnemelijk negatief effect heeft op de oppervlaktewaterkwaliteit, kan in overleg tussen gemeente en waterschap gekozen worden voor aanvullende voorzieningen, een verbeterd gescheiden stelsel of -als laatste keus- aansluiten op het gemengde stelsel. Ook kan de gemeente in overleg met het waterschap kiezen voor een generieke 'end-of-pipe' aanpak. Deze keuze moet dan expliciet gemaakt worden in het GRP. </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s854">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>93</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.7.6</nummer>
		<titel>Waterhuishoudkundige situatie</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s520</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p><em>Waterkwantiteit</em>
			</p>
			<p>Het plangebied is gelegen in de Polder de Noordplas te Hazerswoude. In 2009 is een peilbesluit genomen voor Polder de Noordplas. Hierbij is besloten dat het peilvak waarin het ITC terrein zich bevindt (25e) een winterpeil van NAP -6,60 meter krijgt en een zomerpeil van NAP -6,40 meter. De reden van deze peilaanpassing was een vermindering van zoute kwel uit het diepere grondwater. Waterinlaat in de polder de Noordplas gebeurt via een inlaat van Rijnland vanuit de Ambachtspolder ten noorden van de Voorweg. Daarnaast zijn er nog diverse particuliere inlaten in de polder, allen aan de kant van de Roemer. </p>
			<p><em>Waterkwaliteit</em>
			</p>
			<p>De bodem van het plangebied bestaat voornamelijk uit lichte klein op een klein/ venige onderlaag tot aan het eerste watervoerende pakket. Aan de noordzijde van het plangebied wordt deze deklaag doorsneden door een oude zandgeul die verbinding heeft met het eerste watervoerende pakket. Het gebied kent een kwelstroom van 0,2 tot 2 mm per dag, de kwelstroom is extra groot op de plaats van de oude zandgeulen. Deze 'zandbaan' loopt voor een groot deel ook door het plangebied van het ITC-terrein. Door de aanwezigheid van wellen kent de Polder de Noordplas hoge concentraties chloride. Ook de concentraties stikstof en fosfor zijn bovengemiddeld.</p>
			<p><em>Wateroverlast en - berging</em>
			</p>
			<p>Ten behoeve van de ontwikkeling van het Potplant- en Containerteelt (PCT) terrein is een Waterinrichtingsplan geschreven. Ten behoeve van de waterberging in de Polder de Noordplas zijn er afspraken gemaakt tussen gemeente, Hoogheemraadschap Rijnland en de ontwikkelaar. </p>
			<p>Eerder is berekend dat er op het ITC-terrein sprake is van een knelpunt in waterberging van 12.000 m<sup>2</sup> water. Dit is berekend aan de hand van de drooglegging in het gebied. Hier is sprake van een drooglegging van circa 1,0 meter. De benodigde waterberging is, samen met de aanvullende waterberging voor planfase I van het PCT-terrein (4.000 m<sup>2</sup>), gepland in het noodoosten van planfase II van het PCT-terrein. In het bestemmingsplan "PCT terrein" is dit gebied bestemd als 'Water'. Deze waterberging maakt ook onderdeel uit van het peilbesluit van het Hoogheemraadschap Rijnland, dd. 17 december 2008.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s913">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>94</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.7.7</nummer>
		<titel>Edo Koi</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s520</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>In de huidige situatie is het perceel deels verhard en deels onverhard en wordt het grotendeels afgebakend door een tweetal waterlopen. Het maaiveld is grotendeels bedekt met folie vanwege het voormalig gebruik van het terrein voor containerteelt. Voorts zijn er brede betonpaden aanwezig terwijl oevers van aangrenzende watergangen eveneens met folie zijn bedekt. </p>
			<p>Deze inrichting wordt geheel opgeschoond en het gebied zal worden ingericht als Japans park met onder meer speciale vormbomen en tuinbeplanting. Hierbij zullen bekkens worden gerealiseerd voor de teelt van Koikarpers (en aanverwanten). Er worden vijf kleine paviljoens en een ontvangst- en horecagelegenheid gerealiseerd, met een totale oppervlakte van circa 700 m². Maximaal twee paviljoens zullen bestemd zijn voor koikarpers. In dat geval zullen een aantal vijvers aan de binnen -en buitenzijde van het paviljoen worden gemaakt. In het paviljoen zal tevens een (geluidloze) filterbehuizing worden geplaatst. De paviljoens zullen op het gebied van milieu en energie volledig selfsupporting gaan functioneren waarbij sprake zal zijn van filtering van het oppervlaktewater. Hierdoor zal de waterkwaliteit ter plaatse verbeteren, hetgeen een positieve ontwikkeling is.  </p>
			<p>De bestaande waterpartijen welke in de praktijk dienstdoen als perceelsgrens worden instandgehouden. Wel zal de entree naar het perceel een van deze waterlopen overkruisen. De waterdoorloop blijft desondanks gegarandeerd. </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s805">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>95</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.7.8</nummer>
		<titel>Conclusie water</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s520</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Het plangebied is gelegen in de Polder de Noordplas. Uit eerdere berekeningen is gebleken dat er sprake is van een knelpunt in waterberging, er is een tekort aan 12.000 m<sup>2</sup> water. Dit oppervlak wordt gerealiseerd binnen het plangebied van het in ontwikkeling zijnde PCT-terrein en is juridisch gewaarborgd in het bestemmingsplan "PCT terrein". </p>
			<p>Voor wat betreft de ontwikkeling van Edo Koi os er sprake van enige toename van verharding en/of bebouwing ten opzichte van de bestaande planologische situatie. Door het toepassen van het systeem van filtering van het oppervlaktewater zal de waterkwaliteit verbeteren. De bestaande waterlopen om het perceel worden in stand gehouden.</p>
			<p>Voor het overige is het bestemmingsplan conserverend van aard en kent geen ontwikkelingen. Er is geen sprake van een toename van verhardingen en/ of bebouwing ten opzichte van de bestaande planologische situatie. Door het realiseren van de noodzakelijke waterberging in het nabijgelegen PCT-terrein is het bestemmingsplan op het gebied van water uitvoerbaar. </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s509">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>96</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.8</nummer>
		<titel>Ecologie</titel>
		<objectType>paragraaf</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s504</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s851">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>97</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.8.1</nummer>
		<titel>Onderzoek</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s509</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Ten behoeve van het vaststellen van het bestemmingsplan is door IDDS bv. een  flora en fauna onderzoek uitgevoerd (kenmerk 1103D046/COB/rap1, dd. 16 mei 2011, opgenomen in bijlage <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s914">4</imropt:interneVerwijzing>) teneinde mogelijk aanwezige beschermde flora- en fauna waarden in een vroeg stadium te signaleren. Toekomstige ontwikkelingen brengen mogelijk hinder met zich mee voor deze waarden. </p>
			<p>Het rapport stelt dat in het plangebied soorten aanwezig of te verwachten zijn, die in de Flora- en faunawet zijn aangemerkt als overig en streng beschermde inheemse soort en door de ingreep mogelijk schade ondervinden. Afhankelijk van de geplande ontwikkeling is aandacht vereist aan gebouwbewonende vleermuizen en broedvogels en aan de kleine modderkruiper.</p>
			<p>Tabel 1 van het onderzoeksrapport geeft de algemeen beschermde soorten. Hierbij wordt aangegeven dat voor de meeste zoogdieren geldt dat deze de mogelijkheid hebben om te vluchten. Bij het ontwikkelen van braakliggend terrein is het wel mogelijk dat sommige dieren in hun verblijfplaats begraven worden door machines. Het is echter haast onmogelijk om schade aan deze soorten te voorkomen. Voor werkzaamheden met betrekking tot de watergangen is het wel mogelijk om rekening te houden met het voorkomen van amfibieën. Dit kan gecombineerd worden met het zorgvuldig handelen voor de kleine modderkruiper waar tabel 2 over handelt.</p>
			<p>Uit tabel 2 blijkt dat gebouwen mogelijk het broedbiotoop voor soorten als gierzwaluw, zwarte roodstaart en huismus vormen. In de aanwezige boombeplantingen binnen het plangebied broeden soorten zoals de houtduif. De watergangen vormen het broedbiotoop van meerkoet en wilde eend. De geplande ontwikkeling heeft afhankelijk van de periode van uitvoer tot gevolg dat mogelijk in gebruik zijnde nesten worden verstoord en/of vernield. De kleine modderkruiper is een relatief weinig mobiele soort die schade ondervindt als werkzaamheden worden uitgevoerd in de watergangen.</p>
			<p>Daarnaast wordt voor de streng beschermde soorten in tabel 3 opgemerkt dat eventuele sloopwerkzaamheden van gebouwen mogelijk tot gevolg hebben dat een verblijfplaats van vleermuizen verloren gaat. Het rapport benoemd verplichte acties vanuit de zorgplicht en zorgvuldig handelen.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s916">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>98</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.8.2</nummer>
		<titel>Onderzoek Edo Koi</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s509</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Ten behoeve van de opruim- en inrichtingswerkzaamheden te Hazerswoude is een natuurtoets Flora- en Faunawet uitgevoerd ("Natuurtoets Flora- en Faunawet t.b.v. opruim- en inrichtingswerkzaamheden te Hazerswoude, door Groenteam, d.d. 10 november 2011", opgenomen in bijlage <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s917">5</imropt:interneVerwijzing>) teneinde te bekijken:</p>
			<ul>
				<li>in hoeverre er in het plangebied juridisch zwaarder beschermde planten en dieren voorkomen; </li>
				<li>in hoeverre deze soorten bescherming genieten in het kader van het soortenbeleid (Flora- en faunawet), gebiedenbeleid (Natuurbeschermingswet) en eventueel aan-vullend provinciaal natuurbeleid; </li>
				<li>in hoeverre de ingrepen verstorende of bedreigende effecten hebben op die flora en fauna; </li>
				<li>welke consequenties dat heeft in het kader van de regelgeving. </li>
			</ul>
			<p>Geconcludeerd is dat er in de directe omgeving van het plangebied mogelijk juridisch zwaarder beschermde soorten te verwachten zijn die bij verstoring of bedreiging ontheffing zouden vergen. Gezien de voorgenomen werkzaamheden ontstaat een dergelijke kans op verstoring of bedreiging echter niet. </p>
			<p>Voorts zijn behalve onbeschermde en beschermde soorten van tabel 1 AMvB, op het werkterrein broedende vogels als strikt beschermde groep te verwachten. Deze vergen het voorkomen van verstoring. </p>
			<p>Daarnaast zijn slechts enkele algemene soorten kleine zoogdieren en/of amfibieën te verwachten, waarbij het effect op broedende vogels kan worden voorkomen door verstorende werkzaamheden buiten het broedseizoen uit te voeren, dan wel preventieve maatregelen uit te voeren om verstoring strikt te voorkomen. Als gevolg van deze voorwaarde is een ontheffing betreffende deze soort niet vereist. </p>
			<p>Met het toepassen van de overige mitigerende maatregelen kan het grootste deel van de natuurschade aan niet-ontheffingsplichtige soorten worden voorkómen waarmee de wettelijke zorgplicht zo optimaal mogelijk wordt ingelost. Voor soorten van tabel 1 AMvB is géén toetsingsprocedure nodig. </p>
			<p>Gezien de bevindingen is er in het kader van de Flora- en faunawet geheel géén uitvoeringsrisico voor het project aan de orde. Wel dient in de uitvoering het onderstaande in acht te worden genomen:</p>
			<ul>
				<li>Bij dit project moet in de werkplanning eventueel rekening worden gehouden met de aanwezigheid van broedvogels. Werkzaamheden met gebruik van zwaar materieel in de directe omgeving van broedgevallen, vergen uitstel tijdens het broeden of preventieve maatregelen (afschermen en afstand houden): het broedseizoen loopt ongeveer van 1 maart tot half juli. </li>
				<li>Alle bij de werkzaamheden betrokkenen dienen afdoende op de hoogte te zijn van de zorgplicht en mitigerende maatregelen zoals aangegeven in het rapport.</li>
				<li>Vanaf het moment dat werkzaamheden starten dienen het rapport en een eventueel verslag met betrekking tot de vereiste preventieve maatregelen, voor controle door een daartoe bevoegde ambtenaar te allen tijde op het werk beschikbaar te zijn. </li>
			</ul>
			<p>Het rapport beschrijft verder nog de sancties op het niet naleven van bovenstaande en overige conclusies uit het rapport. Overtreding van de regelgeving wordt aangemerkt als een 'economisch delict'. </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s803">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>99</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.8.3</nummer>
		<titel>Conclusie ecologie</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s509</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Geconcludeerd kan worden dat het bestemmingsplan op basis van ecologie uitvoerbaar is. De verwachting is weliswaar dat er soorten aanwezig zijn, of te verwachten zijn die in de Flora- en faunawet zijn aangemerkt als overig of streng beschermde inheemse soorten, maar zolang er geen ingrepen in het plangebied plaatsvinden brengt dit de uitvoering van het bestemmingsplan niet in gevaar.</p>
			<p>Wanneer er binnen het plangebied voornemens bestaan om bebouwing te slopen, is het nodig om hierbij een ecoloog te betrekken. De ecoloog beoordeelt dan per gebouw of deze mogelijk geschikt is voor vleermuizen en of het nodig is om aanvullend onderzoek en/of mitigerende en compenserende maatregelen uit te voeren. Eventueel kan een ontheffingsaanvraag in dat geval nodig zijn. </p>
			<p>Geconcludeerd kan worden dat er op basis van de Natuurtoets voor de ontwikkeling Edo Koi er geen zwaarwegende bezwaren zijn tegen de voorgenomen ontwikkeling en bijbehorende planologische wijziging. Er dient in de uitvoering, bouw- en verdere oprichtingswerkzaamheden rekening te worden gehouden met de conclusie uit de Natuurtoets op straffe van onder meer het stilleggen van het werk.</p>
			<p>Het bestemmingsplan is op het gebied van ecologie uitvoerbaar.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s505">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>100</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.9</nummer>
		<titel>Archeologie en cultuurhistorie</titel>
		<objectType>paragraaf</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s504</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s852">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>101</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.9.1</nummer>
		<titel>Beleidskader</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s505</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p><em>Verdrag van Malta</em>
			</p>
			<p>Het Verdrag van Malta is in 1992 ondertekend en in 1995 in werking getreden. Doelstelling van het Verdrag van Malta is de bescherming en het behoud van archeologische waarden. Als gevolg van dit verdrag wordt in het kader van de ruimtelijke ordening het behoud van het archeologisch erfgoed meegewogen zoals alle andere belangen die bij de voorbereiding van het plan een rol spelen.</p>
			<p>De inhoud van het Verdrag van Malta is neergelegd in de Wet op de Archeologische Monumentenzorg die op 1 september 2007 van kracht is geworden en een wijziging van de Monumentenwet 1988 tot gevolg heeft gehad. Op grond van deze aangescherpte regelgeving stellen Rijk en provincie zich op het standpunt dat in het ruimtelijk beleid zorgvuldig met het archeologische erfgoed moet worden omgegaan. Voor gebieden waar archeologische waarden voorkomen of waar reële verwachtingen bestaan dat ter plaatse archeologische waarden aanwezig zijn, dient voorafgaand aan bodemingrepen archeologisch onderzoek te worden uitgevoerd. De uitkomsten van het archeologisch onderzoek dienen vervolgens volwaardig in de belangenafweging te worden betrokken. </p>
			<p>Het Rijk heeft deze beleidsuitgangspunten neergelegd in onder meer de Cultuurnota 2005 - 2008, de Nota Belvedère, het Structuurschema Groene Ruimte 2, de Nota Ruimte, de Wijziging van de Monumentenwet 1988 en diverse publicaties van het Ministerie ven OC&amp;W</p>
			<p><em>Cultuurhistorische atlas Zuid-Holland</em>
			</p>
			<p>De Cultuurhistorische atlas Zuid-Holland laat zien dat binnen een voornaam deel van het plangebied een redelijke tot grote kans op het vinden van archeologische sporen bestaat. Het gebied is gelegen op een stroomgordel waarop bewoning vanaf de Bronstijd, IJzertijd of Romeinse tijd en plaatselijk vanaf het Neolithicum mogelijk is. Voor het aantreffen van archeologische sporen uit genoemde perioden geldt volgens de Cultuurhistorische atlas een redelijk tot grote kans. </p>
			<p><img src="i_NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01_0010.png" width="491" height="308" alt="verplicht"/>
			</p>
			<p><em>Figuur 4.2: Uitsnede Cultuurhistorische atlas Zuid-Holland</em>
			</p>
			<p><em>Archeologiebeleid gemeente Rijnwoude</em>
			</p>
			<p>De verantwoordelijkheid voor het archeologie beleid is van de provincie verschoven naar de gemeenten. De gemeente Rijnwoude is bezig met het opstellen van gemeentelijk archeologiebeleid. In samenwerking mat de gemeenten Zoeterwoude en Leiden is gezocht naar een goede regionale aanpak. Er wordt archeologiebeleid en een archeologische waardenkaart opgesteld. Naar verwachting worden deze in 2012 door de gemeenteraad vastgesteld.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s942">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>102</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.9.2</nummer>
		<titel>Bureau- en inventariserend veldonderzoek Edo Koi</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s505</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Ten behoeve voor de ontwikkeling Edo Koi is door RAAP in november 2011 een archeologisch vooronderzoek in de vorm van een bureau- en inventariserend veldonderzoek (karterende fase) uitgevoerd (ARCHIS-onderzoeksmeldingsnummer/CIS-code: 49112).</p>
			<p>Op grond van de onderzoeksresultaten wordt de kans dat er door de geplande werkzaamheden archeologische resten worden verstoord zeer klein geacht.</p>
			<p><em>Bureauonderzoek</em>
			</p>
			<p>Op basis van het bureauonderzoek gold een middelhoge archeologische verwachting voor het aantreffen van vindplaatsen indien oeverwallen van de Waddinxveen stroomgordel aanwezig zouden zijn. Daarnaast gold een lage archeologische verwachting voor vindplaatsen uit het Neolithicum en de Late Middeleeuwen. Vindplaatsen uit de Bronstijd t/m de Vroege Middeleeuwen en de Nieuwe tijd werden eveneens niet verwacht. Archeologische resten kunnen direct onder de bouwvoor in een ‘vuile’ laag in het veen of op een dieper niveau in de afzettingen van het Laagpakket van Wormer of in de oeverwallen van de Waddinxveen stroomgordel verwacht worden.</p>
			<p><em>Veldonderzoek</em>
			</p>
			<p>Tijdens het veldonderzoek is gebleken het restveen in het plangebied is verstoord. Eventuele archeologische resten zullen verstoord zijn waardoor deze waarschijnlijk niet meer in situ aanwezig zijn, en de informatiewaarde gering is. Verder werden de verwachte afzettingen van het Laagpakket van Wormer daadwerkelijk aangetroffen. De afzettingen bestaan uit wadafzettingen. In de wadafzettingen zijn geen aanwijzingen voor de aanwezigheid van een vindplaats in het plangebied aangetroffen.</p>
			<p>Verder zijn kom- en geulafzettingen behorend tot de Waddinxveen stroomgordel aangetroffen. Voor deze afzettingen geldt een lage archeologische verwachting voor het aantreffen van vindplaatsen uit het Mesolithicum tot en met het Vroeg-Neolithicum.</p>
			<p>Op basis van de resultaten van dit onderzoek worden in het plangebied in het kader van de voorgenomen bodemingrepen geen vervolgstap uit het proces van de Archeologische Monumentenzorg (AMZ) noodzakelijk geacht. Indien bij de uitvoering van de werkzaamheden onverwacht toch archeologische resten worden aangetroffen, dan is conform artikel 53 en 54 van de Monumentenwet 1988 (herzien in 2007) aanmelding van de desbetreffende vondsten bij de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap c.q. de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed verplicht (vondstmelding via ARCHIS).</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s853">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>103</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.9.3</nummer>
		<titel>Conclusie</titel>
		<objectType>subparagraaf</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s505</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Vanwege het nu nog ontbreken van gemeentelijk archeologisch beleid wordt voor dit bestemmingsplan uitgegaan van het provinciale beleid. Overeenkomstig de verwachtingswaarde uit de Cultuurhistorische atlas van de provincie Zuid-Holand wordt op de planverbeelding behorende bij dit bestemmingsplan de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie' opgenomen. Voor de ontwikkeling Edo koi geldt dat er op basis van het uitgevoerde archeologisch onderzoek sprake is van een verstoorde ondergrond en een lage archeologische waarde. </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s521">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>104</volgnummer>
		<objectLabel>hoofdstuk</objectLabel>
		<nummer>5</nummer>
		<titel>Juridische planbeschrijving</titel>
		<objectType>hoofdstuk in toelichting</objectType>
		<objectNiveau>2</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s489</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s664">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>105</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>5.1</nummer>
		<titel>Inleidende regels</titel>
		<objectType>paragraaf</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s521</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Hoofdstuk 1 (artikelen <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s534">1</imropt:interneVerwijzing> en <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s585">2</imropt:interneVerwijzing>) bevat inleidende regels. In de inleidende regels worden de in het bestemmingsplan voorkomende begrippen beschreven en wordt de wijze van meten uitgelegd. </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s665">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>106</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>5.2</nummer>
		<titel>Bestemmingen</titel>
		<objectType>paragraaf</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s521</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Hoofdstuk 2 (artikel <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s685">3</imropt:interneVerwijzing> tot en met <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s761">11</imropt:interneVerwijzing>) bevat de bestemmingsregels. In deze regels wordt de bestemming omschreven en worden de bouw- en gebruiksregels verwoord.</p>
			<p>Het bestemmingsplan kent in totaal zes bestemmingen en drie dubbelbestemmingen. Er worden twee bedrijfsbestemmingen onderscheiden, namelijk "Bedrijf" en "Bedrijf - Sierteelt". Daarnaast zijn de bestemmingen 'Groen', 'Horeca', 'Verkeer' en 'Water' binnen het plangebied aanwezig. </p>
			<p>Artikel <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s685">3 Bedrijf</imropt:interneVerwijzing>
			</p>
			<p>De bedrijven in het middengebied van het bedrijventerrein zijn bestemd als "Bedrijf". Het betreft hier een zogenaamde gemengde bedrijvenbestemming waarbinnen maximaal 80% van het bouwperceel mag worden bebouwd en geen restricties zijn opgenomen ten aanzien van de aard van de bedrijfsactiviteiten. Wél is bepaald wat de maximale toelaatbare bedrijfscategorie is op deze percelen. De hoogst maximale toelaatbare bedrijfscategorie is categorie 3.2. Bedrijfswoningen zijn alleen toegestaan daar waar deze als zodanig zijn aangeduid. Nieuwe bedrijfswoningen zijn niet mogelijk.</p>
			<p>Artikel <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s683">4 Bedrijf - Sierteelt</imropt:interneVerwijzing>
			</p>
			<p>De bedrijven die binnen deze bestemming zijn toegestaan zijn gerelateerd aan de sierteeltsector. De gronden zijn bestemd voor het uitoefenen van sierteeltbedrijven en sierteeltondersteunende bedrijven. Hieronder wordt verstaan: (handels)kwekerijen en ondersteunende bedrijvigheid voor de landbouw; bouw/ aanleg van bedrijfsopstallen en -installaties;  groothandel, bewerking en handelsbemiddeling; vervoer, opslag, overslag en dienstverlening voor vervoer; zakelijke dienstverleners en onderzoekswerk. Ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf – koikarperkwekerij (sb-kkw)' is een koikarperkwekerij toegestaan. Bij deze koikarperkwekerij is via de gebruiksregels bepaald dat er in totaal 25 parkeerplaatsen op het terrein moeten worden gerealiseerd.</p>
			<p>Binnen deze bestemming zijn detailhandel en zelfstandige kantoren niet toegestaan, tenzij dit nader op de planverbeelding is aangeduid. Nieuwe bedrijfswoningen zijn niet mogelijk. De percelen mogen voor maximaal 80% bebouwd worden, met uitzondering van het perceel dat aangeduid is als koikarperkwekerij, daarvoor geldt een afwijkend bebouwingspercentage. </p>
			<p>Artikel <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s686">5 Groen</imropt:interneVerwijzing>
			</p>
			<p>Deze bestemming is bedoeld voor de aanwezige hoofdgroenstructuur in het plangebied. Binnen deze bestemming mag niet worden gebouwd. </p>
			<p>Artikel <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s814">6 Horeca</imropt:interneVerwijzing>
			</p>
			<p>Er bevindt zich binnen het plangebied één horecagelegenheid. De bestemming Horeca regelt de specifieke mogelijkheden van dit bedrijf, hier zijn horecabedrijven toegestaan die vallen onder de categorie 'lichte horeca' en een hotel mogelijk. De mogelijkheden van het hotel zijn gemaximaliseerd tot 20 hotelkamers van maximaal 30 m<sup>2</sup> groot. Deze kamers mogen op de eerste en tweede verdieping gerealiseerd worden.</p>
			<p>Artikel <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s687">7 Verkeer</imropt:interneVerwijzing>
			</p>
			<p>De bestaande wegen in het plangebied zijn bestemd als 'Verkeer'. </p>
			<p>Artikel <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s689">8 Water</imropt:interneVerwijzing>
			</p>
			<p>De waterpartijen binnen het plangebied zijn als zodanig bestemd teneinde de waterkwaliteit en -kwantiteit binnen het plangebied op peil te kunnen houden. </p>
			<p>Artikel <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s762">9 Leiding - Water</imropt:interneVerwijzing>
			</p>
			<p>De voor 'Leiding - Water' aangewezen gronden zijn - behalve voor de andere aldaar voorkomende bestemming(en) - mede bestemd voor een waterleiding. Het artikel benoemt de overige regels ter bescherming van de aanwezige leiding. </p>
			<p>Artikel <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s731">10 Waarde - Archeologie</imropt:interneVerwijzing>
			</p>
			<p>De voor Waarde - Archeologie aangewezen gronden zijn - behalve voor de andere aldaar voorkomende bestemming(en) - mede bestemd voor de bescherming en veiligstelling van archeologische waarden. Aan ingrepen in de bodem worden in dit artikel restricties opgelegd. </p>
			<p>Artikel <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s761">11 Waterstaat - Waterkering</imropt:interneVerwijzing>
			</p>
			<p>De voor Waterstaat - Waterkering aangewezen gronden zijn - behalve voor de andere aldaar geldende bestemming(en) - tevens bestemd voor het behoud van de daar gelegen waterkering.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s666">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>107</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>5.3</nummer>
		<titel>Algemene regels</titel>
		<objectType>paragraaf</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s521</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Hoofdstuk 3 (artikelen <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s596">12</imropt:interneVerwijzing> tot en met <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s820">17</imropt:interneVerwijzing>) bevat de algemene regels, zoals de antidubbeltelregel, algemene aanduidingsregels, de algemene bouwregels en de algemene afwijkingsregels. </p>
			<p>In artikel <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s923">15</imropt:interneVerwijzing> zijn de algemene aanduidingsregels opgenomen. Ter plaatse van de aanduiding <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s925">Overig - beplantingszone</imropt:interneVerwijzing> zijn aanvullende bepalingen opgenomen waarbij is bepaald dat de beplantingszone opgenomen bij het perceel Edo Koi voor 31 december 2013 moet zijn aangelegd overeenkomstig het beplantingsplan.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s667">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>108</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>5.4</nummer>
		<titel>Overgangs- en slotregels</titel>
		<objectType>paragraaf</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s521</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Hoofdstuk 4 (artikel <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s614">18</imropt:interneVerwijzing> en <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s618">19</imropt:interneVerwijzing>) bevat de overgangs- en slotregels. </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s668">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>109</volgnummer>
		<objectLabel>hoofdstuk</objectLabel>
		<nummer>6</nummer>
		<titel>Economische uitvoerbaarheid</titel>
		<objectType>hoofdstuk in toelichting</objectType>
		<objectNiveau>2</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s489</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>In dit hoofdstuk wordt de economische uitvoerbaarheid beschreven. Indien het bestemmingsplan voorziet in de uitvoering van werken door de gemeente moet de financieel-economische uitvoerbaarheid hiervan worden aangetoond.</p>
			<p>Bij de voorbereiding van een ontwerp voor een bestemmingsplan dient op grond van artikel 3.1.6, lid 1, sub f van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) onderzoek plaats te vinden naar de uitvoerbaarheid van het plan.</p>
			<p>Dit bestemmingsplan is met uitzondering van de ontwikkeling op het perceel Belgiëlaan 1F (Edo Koi) conserverend van aard en bevat verder geen ontwikkelingsmogelijkheden. Aan de verwezenlijking van dit plan zijn geen kosten verbonden, artikel 6.12 van de Wet ruimtelijke ordening is niet van toepassing. </p>
			<p>De economische uitvoerbaarheid voor de ontwikkeling Edo Koi is voldoende verzekerd, omdat met initiatiefnemer een exploitatieovereenkomst is gesloten.  </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s527">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>110</volgnummer>
		<objectLabel>hoofdstuk</objectLabel>
		<nummer>7</nummer>
		<titel>Maatschappelijke uitvoerbaarheid</titel>
		<objectType>hoofdstuk in toelichting</objectType>
		<objectNiveau>2</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s489</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s530">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>111</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>7.1</nummer>
		<titel>Inspraak</titel>
		<objectType>paragraaf</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s527</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Het voorontwerpbestemmingsplan heeft met ingang van donderdag 15 september 2011 tot en met woensdag 26 oktober 2011 gedurende zes weken ter inzage gelegen. In deze periode is een ieder in de gelegenheid gesteld om te reageren op de inhoud van het voorontwerpbestemmingsplan. Op 10 oktober 2011 is er een inloopbijeenkomst georganiseerd. In totaal zijn er 7 inspraakreacties op het voorontwerpbestemmingsplan ingediend. Alle 7 ingediende inspraakreacties zijn ontvankelijk. De inspraakreacties zijn beantwoord in de Nota van beantwoording. Deze nota is opgenomen in bijlage <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s881">7</imropt:interneVerwijzing>.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s807">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>112</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>7.2</nummer>
		<titel>Vooroverleg</titel>
		<objectType>paragraaf</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s527</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Het voorontwerpbestemmingsplan is aan wettelijke vooroverleg partners toegezonden in het kader van het vooroverleg ex artikel 3.1.1. Bro. In totaal hebben 7 instanties een vooroverlegreactie ingediend. De vooroverlegreacties zijn beantwoord in de Nota van beantwoording, opgenomen in bijlage <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s881">7</imropt:interneVerwijzing>. </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s872">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>113</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>7.3</nummer>
		<titel>Edo Koi</titel>
		<objectType>paragraaf</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s527</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Voor dit planinitiatief heeft na afloop van de inspraak van het voorontwerpbestemmingsplan op 29 november 2011 een informatieavond plaatsgevonden om direct omwonenden te informeren over de planvorming. Als vervolg hierop hebben de direct omwonenden op 22 december 2011 een schriftelijk voorstel ontvangen van de planologische invulling van het perceel Edo Koi. Zij zijn in de gelegenheid gesteld om tot uiterlijk 9 januari 2012 hierop te reageren. In totaal zijn er twee inspraakreacties binnengekomen op het voorstel van 22 december 2011. Deze inspraakreacties zijn samengevat en beantwoord in hoofdstuk 4 van de Nota van beantwoording (opgenomen in bijlage <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s881">7</imropt:interneVerwijzing>). </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s949">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>114</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>7.4</nummer>
		<titel>Zienswijzen</titel>
		<objectType>paragraaf</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s527</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Het ontwerpbestemmingsplan heeft met ingang van donderdag 12 april 2012 tot en met 23 mei 2012 gedurende zes weken ter inzage gelegen. Een ieder is daarbij in de gelegenheid gesteld om naar aanleiding van het ontwerpbestemmingsplan - mondeling of schriftelijk - een zienswijze in te dienen. In totaal zijn er 4 zienswijzen ingediend. Drie zienswijzen zijn ontvankelijk, één zienswijze is niet ontvankelijk omdat deze buiten de termijn van ternzagelegging is ingediend. Deze zienswijze is ambtshalve meegenomen bij de beantwoording hiervan. Eén zienswijze heeft geleid tot aanpassing van het bestemmingsplan. De zienswijzen zijn opgenomen in de Nota van beantwoording. De nota is opgenomen in bijlage <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s946">8</imropt:interneVerwijzing>. </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s531">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>115</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer></nummer>
		<titel>Bijlagen</titel>
		<objectType>bijlagen bij toelichting</objectType>
		<objectNiveau>2</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s489</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s861">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>116</volgnummer>
		<objectLabel>bijlage</objectLabel>
		<nummer>1</nummer>
		<titel>Beleidsnotitie ITC-terrein</titel>
		<objectType>bijlage bij toelichting</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s531</ouderId>
		<externeVerwijzingLink>tb_NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01_1.pdf</externeVerwijzingLink>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s931">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>117</volgnummer>
		<objectLabel>bijlage</objectLabel>
		<nummer>2</nummer>
		<titel>Beplantingsplan Edo Koi</titel>
		<objectType>bijlage bij toelichting</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s531</ouderId>
		<externeVerwijzingLink>tb_NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01_2.pdf</externeVerwijzingLink>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s909">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>118</volgnummer>
		<objectLabel>bijlage</objectLabel>
		<nummer>3</nummer>
		<titel>Bodemonderzoek Edo Koi</titel>
		<objectType>bijlage bij toelichting</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s531</ouderId>
		<externeVerwijzingLink>tb_NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01_3.pdf</externeVerwijzingLink>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s914">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>119</volgnummer>
		<objectLabel>bijlage</objectLabel>
		<nummer>4</nummer>
		<titel>Quick scan flora en fauna</titel>
		<objectType>bijlage bij toelichting</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s531</ouderId>
		<externeVerwijzingLink>tb_NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01_4.pdf</externeVerwijzingLink>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s917">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>120</volgnummer>
		<objectLabel>bijlage</objectLabel>
		<nummer>5</nummer>
		<titel>Natuurtoets Edo Koi</titel>
		<objectType>bijlage bij toelichting</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s531</ouderId>
		<externeVerwijzingLink>tb_NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01_5.pdf</externeVerwijzingLink>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s940">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>121</volgnummer>
		<objectLabel>bijlage</objectLabel>
		<nummer>6</nummer>
		<titel>Archeologisch onderzoek Edo Koi</titel>
		<objectType>bijlage bij toelichting</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s531</ouderId>
		<externeVerwijzingLink>tb_NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01_6.pdf</externeVerwijzingLink>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s881">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>122</volgnummer>
		<objectLabel>bijlage</objectLabel>
		<nummer>7</nummer>
		<titel>Nota van beantwoording inspraak en vooroverleg</titel>
		<objectType>bijlage bij toelichting</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s531</ouderId>
		<externeVerwijzingLink>tb_NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01_7.pdf</externeVerwijzingLink>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s946">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>123</volgnummer>
		<objectLabel>bijlage</objectLabel>
		<nummer>8</nummer>
		<titel>Nota van beantwoording zienswijzen</titel>
		<objectType>bijlage bij toelichting</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s531</ouderId>
		<externeVerwijzingLink>tb_NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01_8.pdf</externeVerwijzingLink>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s532">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>124</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer></nummer>
		<titel>Regels</titel>
		<objectType>regels</objectType>
		<objectNiveau>1</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s0</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p></p>
			<p></p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s533">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>125</volgnummer>
		<objectLabel>hoofdstuk</objectLabel>
		<nummer>1</nummer>
		<titel>Inleidende regels</titel>
		<objectType>inleidende regels</objectType>
		<objectNiveau>2</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s532</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s534">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>126</volgnummer>
		<objectLabel>artikel</objectLabel>
		<nummer>1</nummer>
		<titel>Begrippen</titel>
		<objectType>begrippen</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s533</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s535">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>127</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.1</nummer>
		<titel>plan:</titel>
		<objectType>lid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>het bestemmingsplan International Trade Centre (ITC) 2012 van de gemeente Rijnwoude;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s536">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>128</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.2</nummer>
		<titel>bestemmingsplan:</titel>
		<objectType>lid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>de geometrisch bepaalde planobjecten als vervat in het GML-bestand NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01 met de bijbehorende regels (en eventuele bijlagen);</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s537">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>129</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.3</nummer>
		<titel>aanbouw:</titel>
		<objectType>begripsbepaling</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>een toevoeging van een (afzonderlijke) ruimte aan het hoofdgebouw, welke vanuit het hoofdgebouw toegankelijk is en functioneel deel uitmaakt van het hoofdgebouw;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s538">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>130</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.4</nummer>
		<titel>aanduiding:</titel>
		<objectType>lid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s539">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>131</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.5</nummer>
		<titel>aanduidingsgrens:</titel>
		<objectType>begripsbepaling</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s542">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>132</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.6</nummer>
		<titel>archeologische waarde:</titel>
		<objectType>lid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>vindplaats of vondst met een oudheidkundige waarde, met name archeologische relicten in hun oorspronkelijke context;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s543">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>133</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.7</nummer>
		<titel>bebouwing:</titel>
		<objectType>lid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>één of meer gebouwen en/of bouwwerken geen gebouwen zijnde;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s545">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>134</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.8</nummer>
		<titel>bebouwingspercentage:</titel>
		<objectType>lid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>een binnen een bij het plan behorend geometrisch bepaald vlak of in de regels aangegeven percentage, dat de grootte aangeeft van een deel van het bouwperceel, dan wel bouwvlak of bestemmingsvlak dat ten hoogste mag worden bebouwd; dit percentage heeft geen betrekking op ondergrondse parkeergarages;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s546">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>135</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.9</nummer>
		<titel>bedrijf:</titel>
		<objectType>begripsbepaling</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>een onderneming waarbij het accent ligt op het vervaardigen, bewerken, installeren of verhandelen van goederen dan wel op het bedrijfsmatig verlenen van diensten, waarbij detailhandel uitsluitend plaatsvindt als niet zelfstandig onderdeel van de onderneming in de vorm van verkoop c.q. levering van ter plaatse vervaardigde, bewerkte of herstelde goederen, dan wel goederen die in rechtstreeks verband staan met de uitgeoefende handelingen;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s808">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>136</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.10</nummer>
		<titel>bedrijfswoning/dienstwoning:</titel>
		<objectType>begripsbepaling</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>een woning in of bij een gebouw of op een terrein, die slechts is bedoeld voor de huisvesting van (het huishouden van) een persoon wiens huisvesting daar, gelet op de bestemming van de grond ter plaatse van het gebouw of het terrein, noodzakelijk moet worden geacht; </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s547">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>137</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.11</nummer>
		<titel>beperkt kwetsbaar object:</titel>
		<objectType>begripsbepaling</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>een object waarvoor ingevolge het Besluit externe veiligheid inrichtingen een richtwaarde voor het risico c.q. een risicoafstand is bepaald, waarmee rekening moet worden gehouden;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s548">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>138</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.12</nummer>
		<titel>bestaand:</titel>
		<objectType>lid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>bij bouwwerken: een bouwwerk dat op het moment van terinzagelegging van het ontwerp van het plan bestaat of wordt gebouwd, dan wel nadien kan worden gebouwd krachtens een omgevingsvergunning, waarvoor de aanvraag voor het tijdstip van terinzagelegging is ingediend. Tenzij in de regels anders is bepaald; bij gebruik: het gebruik van grond en opstallen, zoals aanwezig op het tijdstip dat het plan rechtskracht heeft verkregen;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s549">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>139</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.13</nummer>
		<titel>bestemmingsgrens:</titel>
		<objectType>lid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>de grens van een bestemmingsvlak;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s550">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>140</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.14</nummer>
		<titel>bestemmingsvlak:</titel>
		<objectType>lid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s551">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>141</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.15</nummer>
		<titel>bijgebouw:</titel>
		<objectType>lid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>een niet voor bewoning bestemd gebouw behorende bij een op het zelfde bouwperceel gelegen hoofdgebouw, dat architectonisch en functioneel ondergeschikt is aan het hoofdgebouw;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s552">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>142</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.16</nummer>
		<titel>bouwen:</titel>
		<objectType>lid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk, alsmede het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen van een standplaats;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s553">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>143</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.17</nummer>
		<titel>bouwgrens:</titel>
		<objectType>begripsbepaling</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>de grens van een bouwvlak;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s554">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>144</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.18</nummer>
		<titel>bouwlaag:</titel>
		<objectType>lid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>een doorlopend gedeelte van een gebouw dat door op gelijke of nagenoeg gelijke hoogte liggende vloeren of balklagen is begrensd, zulks met uitsluiting van een onderbouw, kap of kapverdieping;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s555">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>145</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.19</nummer>
		<titel>bouwperceel:</titel>
		<objectType>lid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s556">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>146</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.20</nummer>
		<titel>bouwperceelgrens:</titel>
		<objectType>lid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>een grens van een bouwperceel;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s557">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>147</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.21</nummer>
		<titel>bouwvlak:</titel>
		<objectType>lid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde zijn toegelaten;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s558">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>148</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.22</nummer>
		<titel>bouwwerk:</titel>
		<objectType>lid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s809">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>149</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.23</nummer>
		<titel>bruto-vloeroppervlakte (bvo):</titel>
		<objectType>begripsbepaling</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>de oppervlakte, gemeten op vloerniveau langs de buitenomtrek van de opgaande scheidingsconstructies, die de desbetreffende ruimte of groep van ruimten omhullen (NEN 2580, punt 4.2);</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s560">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>150</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.24</nummer>
		<titel>cultuurhistorische waarde:</titel>
		<objectType>lid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>de aan een bouwwerk of gebied toegekende waarde in verband met ouderdom en/of historische gaafheid;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s561">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>151</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.25</nummer>
		<titel>detailhandel:</titel>
		<objectType>begripsbepaling</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uistalling ten verkoop, het verkopen verhuren en/of leveren van goederen aan personen die die goederen kopen of huren voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s562">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>152</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.26</nummer>
		<titel>dienstverlening:</titel>
		<objectType>begripsbepaling</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>het bedrijfsmatig verlenen van diensten, waaronder mede begrepen publieksgerichte dienstverlening, al of niet met baliefunctie, op administratief, medisch, juridisch, therapeutisch of cosmetisch gebied, zonnebanken, kleinschalige kantoren, fotostudio's, uitzendbureaus, reisbureaus en kapsalons; onder dienstverlening wordt niet begrepen: garagebedrijven, belwinkels, internetcafé, prostitutie, een prostitutie-inrichting of seksinrichting en escortbedrijven;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s564">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>153</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.27</nummer>
		<titel>gebouw:</titel>
		<objectType>lid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s565">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>154</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.28</nummer>
		<titel>hoofdgebouw:</titel>
		<objectType>lid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>een gebouw dat, gelet op de bestemming, als het belangrijkste bouwwerk op een bouwperceel kan worden aangemerkt;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s566">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>155</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.29</nummer>
		<titel>horeca:</titel>
		<objectType>begripsbepaling</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>het bedrijfsmatig verstrekken van ter plaatse te nuttigen voedsel en dranken, het bedrijfsmatig exploiteren van zaalaccommodaties, evenwel met uitzondering van een erotisch getinte vermaaksfunctie;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s812">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>156</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.30</nummer>
		<titel>huishouden:</titel>
		<objectType>begripsbepaling</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>persoon of groep personen die een huishouding voert, waarbij sprake is van onderlinge verbondenheid enconu tinïteit in de samenstelling ervan; bedrijfsmatig kamerverhuur of kamerverhuur op een zodanige schaal dat zij als bedrijfsmatig moet worden beschouwd, wordt daaronder niet begrepen;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s570">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>157</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.31</nummer>
		<titel>kantoor:</titel>
		<objectType>begripsbepaling</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>het bedrijfsmatig verlenen van diensten waarbij het publiek niet of slechts in ondergeschikte mate rechtstreeks te woord wordt gestaan en geholpen;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s571">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>158</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.32</nummer>
		<titel>kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten:</titel>
		<objectType>begripsbepaling</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>het in een woning door de bewoner op bedrijfsmatige wijze uitoefenen van activiteiten, waarvoor geen melding- of vergunningplicht op grond van het Inrichtingen- en vergunningenbesluit milieubeheer geldt, waarbij de woning in overwegende mate haar woonfunctie behoudt en dat een ruimtelijke uitstraling heeft die met de woonfunctie in overeenstemming is;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s572">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>159</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.33</nummer>
		<titel>kwetsbaar object:</titel>
		<objectType>begripsbepaling</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>een object waarvoor ingevolge het Besluit externe veiligheid inrichtingen een grenswaarde voor het risico c.q. een risicoafstand tot een risicovolle inrichting is bepaald, die in acht moet worden genomen;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s567">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>160</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.34</nummer>
		<titel>lichte horeca:</titel>
		<objectType>begripsbepaling</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>bedrijven die in beginsel alleen overdag en 's avonds behoeven te zijn geopend (in hoofdzaak verstrekking van etenswaren en maaltijden) en daardoor slechts beperkte hinder voor omwonenden veroorzaken: restaurants, cafetaria's, ijssalons en dergelijke. Het gaat daarbij dus om bedrijven die uit een oogpunt van hinder vooral in woongebieden niet wenselijk zijn. In gemengde gebieden en weinig gevoelige gebieden dient mede in relatie tot de verkeersontsluiting een nadere afweging plaats te vinden. In deze categorie zijn de volgende subcategorieën onderscheiden:</p>
			<p>1a. qua exploitatie aan detailhandelsfunctie verwante horeca die in de praktijk nauwelijks van de eigenlijke detailhandel kunnen worden onderscheiden zoals ijssalons, cafetaria's, snackbars en dergelijke; met name in centrumgebieden kan het in verband met ruimtelijk-functionele aspecten gewenst zijn deze groep als afzonderlijke categorie te beschouwen;</p>
			<p>1b. overige lichte horeca: restaurants;     </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s938">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>161</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.35</nummer>
		<titel>middelzware horeca:</titel>
		<objectType>begripsbepaling</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>bedrijven die normaal gesproken ook 's nachts geopend zijn en die daardoor aanzienlijke hinder voor omwonenden kunnen veroorzaken: cafés, bars, biljartcentra, zalenverhuur e.d. Deze bedrijven zijn over het algemeen alleen toelaatbaar in weinig gevoelige gebieden, zoals gebieden met primair een functie voor detailhandel en voorzieningen;     </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s817">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>162</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.36</nummer>
		<titel>ondersteunende horecavoorziening:</titel>
		<objectType>begripsbepaling</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>de horeca-activiteit die de hoofdactiviteit op het perceel ondersteunt, niet zijnde de hoofdactiviteit van een ondernemer;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s577">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>163</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.37</nummer>
		<titel>peil:</titel>
		<objectType>lid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><ol type="lower-alpha">
				<li>voor bouwwerken, waarvan de hoofdtoegang onmiddellijk aan de weg grenst: de hoogte van de weg ter plaatse van de hoofdtoegang;</li>
				<li>in overige gevallen: de gemiddelde hoogte van het aansluitende, afgewerkte maaiveld;</li>
			</ol>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s935">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>164</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.38</nummer>
		<titel>perifere detailhandel:</titel>
		<objectType>begripsbepaling</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>detailhandel in woninginrichting en meubels, bouwmarkten, keukencentra, sanitaircentra, tuincentra alsmede land- en tuinbouwcentra, en daarmee vergelijkbare vormen van detailhandel, die vanwege de omvang en aard van de gevoerde artikelen een groot uitstallingsoppervlak nodig hebben.  </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s578">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>165</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.39</nummer>
		<titel>plangrens:</titel>
		<objectType>begripsbepaling</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>de geometrisch bepaalde lijn, die de grens vormt van het plan;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s928">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>166</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.40</nummer>
		<titel>productiegerichte detailhandel:</titel>
		<objectType>begripsbepaling</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>detailhandel in goederen die ter plaatse worden vervaardigd, gerepareerd en/of toegepast in het productieproces, waarbij de detailhandelsfunctie ondergeschikt is aan de productiefunctie;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s579">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>167</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.41</nummer>
		<titel>prostitutie:</titel>
		<objectType>begripsbepaling</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s858">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>168</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.42</nummer>
		<titel>risicovolle activiteit:</titel>
		<objectType>begripsbepaling</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>een activiteit binnen een bedrijf zoals bedoeld in artikel 2 lid 1 van het Besluit externe veiligheid inrichtingen;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s810">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>169</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.43</nummer>
		<titel>sexinrichting:</titel>
		<objectType>begripsbepaling</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>een inrichting , bestaande uit een of meer voor publiek toegankelijke, besloten ruimten, waarin bedrijfsmatig of op een daarmee vergelijkbare wijze, seksuele handelingen worden verricht, of vertoningen van erotisch/pornografische aard plaatsvinden; onder  seksinrichting wordt in elk geval verstaan: een prostitutiebedrijf, waaronder begrepen een erotische massagesalon, een seksbioscoop, seksautomatenhal, sekstheater of parenclub, al dan niet in combinatie met elkaar;  </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s775">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>170</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.44</nummer>
		<titel>sierteelt:</titel>
		<objectType>begripsbepaling</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>de teelt van tuin- en potplanten en/of bomen, al dan niet gecombineerd met de handel in deze gewassen; </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s776">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>171</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.45</nummer>
		<titel>sierteeltbedrijf:</titel>
		<objectType>begripsbepaling</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>een bedrijf gericht op sierteelt, eventueel met hieraan ondergeschikte functies voor het vervoer, de opslag, de oppervlakkige bewerking, de handel en/of de afzet van het sierteeltbedrijf verwante producten; </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s873">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>172</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.46</nummer>
		<titel>sierteeltondersteunend bedrijf:</titel>
		<objectType>begripsbepaling</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>bedrijven die zich toeleggen aan sierteelt gerelateerde producten en diensten, onderverdeeld in vijf groepen: (handels)kwekerijen en ondersteunende bedrijvigheid voor de landbouw; bouw/ aanleg van bedrijfsopstallen en -installaties; groothandel, bewerking en handelsbemiddeling; vervoer, opslag, overslag en dienstverlening voor vervoer; zakelijke dienstverleners en onderzoekswerk;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s581">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>173</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.47</nummer>
		<titel>uitbouw:</titel>
		<objectType>begripsbepaling</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>een gebouw dat als vergroting van een bestaande ruimte is gebouwd aan een hoofdgebouw, welk gebouw door de vorm kan worden onderscheiden van het hoofdgebouw en dat in architectonisch opzicht ondergeschikt is aan het hoofdgebouw;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s582">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>174</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.48</nummer>
		<titel>voorgevel:</titel>
		<objectType>begripsbepaling</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>de naar de weg gekeerde gevel van een gebouw of, indien het een gebouw betreft met meer dan één naar de weg gekeerde gevel, de gevel die op het moment van ter inzagelegging van het ontwerp van het plan kennelijk als zodanig diende te worden aangemerkt;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s811">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>175</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.49</nummer>
		<titel>wonen:</titel>
		<objectType>begripsbepaling</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>het houden van een verblijf of het gehuisvest zij in een woning;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s583">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>176</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.50</nummer>
		<titel>woning:</titel>
		<objectType>lid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>een complex van ruimten, geschikt en bestemd voor de huisvesting van één afzonderlijk huishouden;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s584">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>177</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>1.51</nummer>
		<titel>wijziging:</titel>
		<objectType>lid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s534</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>een wijziging als bedoeld in artikel 3.6 lid 2 van de Wet ruimtelijke ordening.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s585">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>178</volgnummer>
		<objectLabel>artikel</objectLabel>
		<nummer>2</nummer>
		<titel>Wijze van meten</titel>
		<objectType>wijze van meten</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s533</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten:</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s586">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>179</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>2.1</nummer>
		<titel>afstand tot de zijdelingse bouwperceelgrens:</titel>
		<objectType>lid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s585</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>tussen de zijdelingse grens van het bouwperceel en een bepaald punt van een bouwwerk, waar de afstand het kortst is;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s587">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>180</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>2.2</nummer>
		<titel>bouwdiepte van een bouwwerk:</titel>
		<objectType>lid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s585</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>vanaf peil tot aan het laagste punt van het bouwwerk, met uitzondering van de fundering of onderschikte onderdelen van het bouwwerk;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s588">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>181</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>2.3</nummer>
		<titel>bouwhoogte van een bouwwerk:</titel>
		<objectType>lid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s585</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s589">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>182</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>2.4</nummer>
		<titel>dakhelling:</titel>
		<objectType>lid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s585</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s590">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>183</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>2.5</nummer>
		<titel>goothoogte van een bouwwerk:</titel>
		<objectType>lid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s585</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot c.q. de druiplijn, het boeibord of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s591">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>184</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>2.6</nummer>
		<titel>inhoud van een bouwwerk:</titel>
		<objectType>lid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s585</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s592">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>185</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>2.7</nummer>
		<titel>oppervlakte van een bouwwerk:</titel>
		<objectType>lid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s585</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk;</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s593">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>186</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>2.8</nummer>
		<titel>verticale diepte van een bouwwerk:</titel>
		<objectType>lid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s585</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>vanaf het peil tot aan het laagste ondergrondse punt van een gebouw of van een bouwwerk geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, gemeten loodrecht vanaf de gevel waaraan wordt gebouwd.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s594">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>187</volgnummer>
		<objectLabel>hoofdstuk</objectLabel>
		<nummer>2</nummer>
		<titel>Bestemmingsregels</titel>
		<objectType>bestemmingsregels</objectType>
		<objectNiveau>2</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s532</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s685">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>188</volgnummer>
		<objectLabel>artikel</objectLabel>
		<nummer>3</nummer>
		<titel>Bedrijf</titel>
		<objectType>bestemming</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s594</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s778">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>189</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>3.1</nummer>
		<titel>Bestemmingsomschrijving</titel>
		<objectType>bestemmingsomschrijving</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s685</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>De voor <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s685">Bedrijf</imropt:interneVerwijzing> aangewezen gronden zijn bestemd voor bedrijven zoals genoemd onder de categorieën 1 tot en met 3.2 van de <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s863">Staat van Bedrijfsactiviteiten</imropt:interneVerwijzing>, </p>
			<p>alsmede:</p>
			<ol type="lower-alpha">
				<li>ter plaatse van de aanduiding 'kantoor (k)' tevens een zelfstandig kantoor;</li>
				<li>voor de daarbij behorende erven en tuinen, (achter)paden, verkeers- en groenvoorzieningen en water, parkeervoorzieningen, nutsvoorzieningen.</li>
			</ol>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s777">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>190</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>3.2</nummer>
		<titel>Bouwregels</titel>
		<objectType>bouwregels</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s685</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s779">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>191</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>3.2.1</nummer>
		<titel>Algemeen</titel>
		<objectType>sublid</objectType>
		<objectNiveau>5</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s777</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Ter plaatse van de aanduiding ‘specifieke bouwaanduiding - onbebouwd [sba-ob]’ mogen geen bouwwerken worden gebouwd.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s780">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>192</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>3.2.2</nummer>
		<titel>Gebouwen</titel>
		<objectType>sublid</objectType>
		<objectNiveau>5</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s777</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Binnen deze bestemming mogen gebouwen ten dienste van deze bestemming worden gebouwd met inachtneming van de volgende bepalingen:</p>
			<ol type="lower-alpha">
				<li>het bebouwingspercentage van een bouwperceel zal ten hoogste 80% bedragen;</li>
				<li>de goothoogte van gebouwen mag maximaal 7 meter bedragen en de bouwhoogte mag maximaal 12 meter bedragen;</li>
				<li>hoofdgebouwen dienen te worden afgedekt met een kap van minimaal 15 en maximaal 60 graden;</li>
				<li>de minimaal aan te houden afstand tot de zijdelingse perceelsgrens bedraagt 3 m.</li>
			</ol>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s782">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>193</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>3.2.3</nummer>
		<titel>Bouwwerken, geen gebouwen zijnde</titel>
		<objectType>sublid</objectType>
		<objectNiveau>5</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s777</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Binnen deze bestemming mogen gebouwen ten dienste van deze bestemming worden gebouwd met inachtneming van de volgende bepalingen:</p>
			<ol type="lower-alpha">
				<li>de hoogte van lantaarnpalen mag maximaal 6 meter bedragen;</li>
				<li>de hoogte van reclamezuilen mag maximaal 5 meter bedragen;</li>
				<li>de hoogte van hekwerken mag maximaal 2 meter bedragen;</li>
				<li>de hoogte van vlaggenmasten mag maximaal 8 meter bedragen;</li>
				<li>de hoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde mag maximaal 2 meter bedragen.</li>
			</ol>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s843">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>194</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>3.3</nummer>
		<titel>Nadere eisen</titel>
		<objectType>nadere eisen</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s685</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Het bevoegd gezag kan nadere eisen stellen aan:</p>
			<ol type="lower-alpha">
				<li>de situering van de voorgevel van hoofdgebouwen, met dien verstande, dat in verband met de versterking van de ontsluitingsstructuur van het plangebied en/of sociale veiligheid geëist kan worden, dat de voorzijde van de hoofdgebouwen aan de hoofdontsluitingswegen of hoofdgroenstructuur wordt gebouwd;</li>
				<li>de situering van hoofdgebouwen tot een zijdelingse perceelsgrens, indien die noodzakelijk is in verband met de gebruiksmogelijkheden van gronden en bouwwerken op het aangrenzende perceel en het handhaven van parkeergelegenheid op het betreffende perceel, met dien verstande, dat een maximale afstand van 3 meter geëist kan worden;</li>
				<li>de situering en het aantal parkeervoorzieningen op eigen terrein van kantoren, bedrijven en overige voorzieningen;</li>
				<li>de afmeting van de bebouwing en situering, voorzover hier niet boven genoemd, indien dit noodzakelijk is in verband met de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en bouwwerken en de stedenbouwkundige en de landschappelijke karakteristiek van de omgeving.  </li>
			</ol>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s844">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>195</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>3.4</nummer>
		<titel>Afwijken van de bouwregels</titel>
		<objectType>ontheffing van de bouwregels</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s685</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Het bevoegd gezag kan bijomgevingsvergunning afwijken van:</p>
			<ol type="lower-alpha">
				<li>het bepaalde in lid <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s778">3.1</imropt:interneVerwijzing> voor een bedrijfsactiviteit die niet in de <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s863">Staat van </imropt:interneVerwijzing>
					<imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s863">Bedrijfsactiviteiten</imropt:interneVerwijzing> is opgenomen, dan wel uit een hogere categorie, met inachtneming van de volgende regels:<ol type="decimal">
						<li>de bedrijfsactiviteit valt onder een categorie die maximaal 1 categorie hoger is dan de categorie die volgens de regels is toegestaan; </li>
						<li>de milieu-invloed van de bedrijfsactiviteit is vergelijkbaar met die van bedrijven uit de milieucategorie die volgens de regels is toegestaan;</li>
						<li>de stedenbouwkundige structuur niet onevenredig wordt aangetast;</li>
						<li>de verkeersveiligheid en brandveiligheid is gewaarborgd;</li>
					</ol>
				</li>
				<li>het bepaalde in lid <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s778">3.1</imropt:interneVerwijzing> voor sierteeltgerelateerde risicovolle activiteiten met inachtneming van de volgende regels:<ol type="decimal">
						<li>de plaatsgebonden risicocontour PR=10<sup>-6</sup> ligt binnen de terreingrens/ perceelsgrens van het risicovolle bedrijf, dan wel over gebieden met de bestemming verkeer, groen en/ of water;</li>
						<li>risicovolle activiteiten liggen minimaal op 200 meter afstand van een (bedrijfs)woning;</li>
						<li>het calamiteitenscenario van de activiteit bedraagt maximaal 10 dodelijke slachtoffers in omliggende woongebieden;</li>
					</ol>
				</li>
				<li>het bepaalde in lid <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s780">3.2.2</imropt:interneVerwijzing> sub b voor een goothoogte van maximaal 11 meter en een bouwhoogte van maximaal 16 meter, indien zulks voor een doelmatige bedrijfsuitvoering noodzakelijk is en overwegingen van landschapsbelang zich daartegen niet verzetten;</li>
				<li>het bepaalde in lid <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s780">3.2.2</imropt:interneVerwijzing> sub c voor een andere dakhelling met een maximum van 50% van het dakvlak of een platte afdekking, indien zulks voor een doelmatige bedrijfsvoering noodzakelijk blijkt, overwegingen van landschapsbelang zich daarentegen niet verzetten en de stedenbouwkundige structuur niet wordt aangetast;</li>
				<li>het bepaalde in lid <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s780">3.2.2</imropt:interneVerwijzing> sub d voor een kortere afstand tot de zijdelingse perceelsgrens aan 1 zijde van de bebouwing indien zulks voor een doelmatige bedrijfsvoering noodzakelijk blijkt, overwegingen van landschapsbelang zich daarentegen niet verzetten en de stedenbouwkundige structuur niet wordt aangetast.</li>
			</ol>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s683">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>196</volgnummer>
		<objectLabel>artikel</objectLabel>
		<nummer>4</nummer>
		<titel>Bedrijf - Sierteelt</titel>
		<objectType>bestemming</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s594</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s684">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>197</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.1</nummer>
		<titel>Bestemmingsomschrijving</titel>
		<objectType>bestemmingsomschrijving</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s683</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>De voor <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s683">Bedrijf - Sierteelt</imropt:interneVerwijzing> aangewezen gronden zijn bestemd voor het uitoefenen van sierteeltondersteunende bedrijven én sierteeltbedrijven zoals genoemd onder de categorieën 1 tot en met 3.2 van de <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s863">Staat van Bedrijfsactiviteiten</imropt:interneVerwijzing>.</p>
			<p>alsmede:</p>
			<ol type="lower-alpha">
				<li>ter plaatse van de aanduiding 'bedrijfswoning (bw)' een bedrijfswoning;</li>
				<li>ter plaatse van de aanduiding 'bedrijfswoning (bw)': aan-huis-gebonden beroepen en kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten met een maximaal vloeroppervlak dat niet meer bedraagt dan 25% van het vloeroppervlakte van het hoofdgebouw inclusief aan- en uitbouwen en in de omvang van ten hoogste 50 m².</li>
				<li>ter plaatse van de aanduiding 'kantoor (k)': tevens een zelfstandig kantoor;</li>
				<li>ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf -1'; <ol type="decimal">
						<li>tevens ondersteunende horecavoorzieningen ondergeschikt aan- en ten dienste van de bestemming zoals genoemd in de aanhef van artikel <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s684">4.1</imropt:interneVerwijzing> tot ten hoogste de categorie 'lichte horeca' uit de <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s936">Staat van Horeca activiteiten</imropt:interneVerwijzing>;</li>
						<li>sierteeltgerelateerd onderwijs;</li>
						<li>een onderzoeksinstituut;</li>
						<li>een congrescentrum;</li>
						<li>een beursgebouw;</li>
					</ol>
				</li>
				<li>ter plaatse van de aanduiding 'verkooppunt motorbrandstoffen zonder lpg (vm)': een verkooppunt van motorbrandstoffen zonder lpg en daarbij behorende doeleinden;</li>
				<li>ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf – koikarperkwekerij (sb-kkw)' een koikarperkwekerij; </li>
				<li>ter plaatse van de aanduiding 'parkeerterrein (p)' een parkeerterrein;</li>
				<li>voor de daarbij behorende erven en tuinen, (achter)paden, verkeers- en groenvoorzieningen en water, parkeervoorzieningen, nutsvoorzieningen.</li>
			</ol>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s701">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>198</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.2</nummer>
		<titel>Bouwregels</titel>
		<objectType>bouwregels</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s683</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s763">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>199</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.2.1</nummer>
		<titel>Algemeen</titel>
		<objectType>sublid</objectType>
		<objectNiveau>5</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s701</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Ter plaatse van de aanduiding ‘specifieke bouwaanduiding - onbebouwd [sba-ob]’ mogen geen bouwwerken worden gebouwd.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s702">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>200</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.2.2</nummer>
		<titel>Gebouwen</titel>
		<objectType>sublid</objectType>
		<objectNiveau>5</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s701</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Binnen deze bestemming mogen gebouwen ten dienste van deze bestemming worden gebouwd met inachtneming van de volgende bepalingen:</p>
			<ol type="lower-alpha">
				<li>het bebouwingspercentage van een bouwperceel zal ten hoogste 80% bedragen;</li>
				<li>de goothoogte van gebouwen mag maximaal 7 meter bedragen en de bouwhoogte mag maximaal 12 meter bedragen;</li>
				<li>hoofdgebouwen dienen te worden afgedekt met een kap van minimaal 15 en maximaal 60 graden;</li>
				<li>de minimaal aan te houden afstand tot de zijdelingse perceelsgrens bedraagt 3 m;</li>
				<li>ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - koikarperkwekerij' mag bebouwing alleen worden opgericht binnen het bouwvlak; </li>
				<li>ter plaatse van het maatvoeringssymbool 'maximale bouwhoogte (m) en maximum bebouwingspercentage (%)' is de maximale bouwhoogte 5 meter en het maximale bebouwingspercentage 25%;</li>
				<li>ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - koikarperkwekerij' mogen individuele gebouwen maximaal 200 m<sup>2</sup> groot zijn;</li>
				<li>ten aanzien van de genoemde gebouwen in sub g geldt dat deze op een onderlinge afstand moeten staan van minimaal 15 meter in de lengterichting en minimaal 10 meter in de breedterichting;</li>
				<li>de bouw van bedrijfswoningen, met daarbij behorende garages, bergplaatsen, andere gebouwen ten dienste van de woningen, erven en tuinen, is uitsluitend toegestaan op de gronden die zijn aangeduid met de nadere aanduiding 'bedrijfswoning' en onder de volgende voorwaarden:<ol type="decimal">
						<li>per aanduiding mag één bedrijfswoning worden gebouwd waarvan de inhoud niet meer mag zijn dan 750 m³ en de goot- en bouwhoogte niet meer dan 3 respectievelijk 8,5 meter;</li>
						<li>de voorgevel van de woning dient naar de weg gekeerd te worden gebouwd;</li>
						<li>bij iedere woning mogen bijbehorende bouwwerken worden gebouwd, waarvan de oppervlakte niet meer dan 50 m² mag zijn.</li>
					</ol>
				</li>
				<li>de zelfstandige kantoorvestiging als bedoeld in lid <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s684">4.1</imropt:interneVerwijzing> sub c is toegestaan mits:<ol type="decimal">
						<li>deze plaatselijk verzorgend en/of plaatselijk gevestigd is en is gericht op activiteiten ten behoeve van de landbouw en de ontwikkeling daarvan;</li>
						<li>de bruto-vloeroppervlakte niet meer dan 1.000 m² bedraagt;</li>
					</ol>
				</li>
				<li>de ondersteunende horecavoorziening ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - 1' als bedoeld in lid <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s684">4.1</imropt:interneVerwijzing> sub d is toegestaan tot een maximale oppervlakte van 200 m<sup>2</sup>.</li>
			</ol>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s703">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>201</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.2.3</nummer>
		<titel>Bouwwerken, geen gebouwen zijnde</titel>
		<objectType>sublid</objectType>
		<objectNiveau>5</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s701</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Binnen deze bestemming mogen gebouwen ten dienste van deze bestemming worden gebouwd met inachtneming van de volgende bepalingen:</p>
			<ol type="lower-alpha">
				<li>de hoogte van lantaarnpalen mag maximaal 6 meter bedragen;</li>
				<li>de hoogte van reclamezuilen mag maximaal 5 meter bedragen;</li>
				<li>de hoogte van hekwerken mag maximaal 2 meter bedragen;</li>
				<li>de hoogte van vlaggenmasten mag maximaal 8 meter bedragen;</li>
				<li>de hoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde mag maximaal 2 meter bedragen.</li>
			</ol>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s847">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>202</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.3</nummer>
		<titel>Nadere eisen</titel>
		<objectType>nadere eisen</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s683</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p> Het bevoegd gezag kan nadere eisen stellen aan:</p>
			<ol type="lower-alpha">
				<li>de situering van de voorgevel van hoofdgebouwen, met dien verstande, dat in verband met de versterking van de ontsluitingsstructuur van het plangebied en/of sociale veiligheid geëist kan worden, dat de voorzijde van de hoofdgebouwen aan de hoofdontsluitingswegen of hoofdgroenstructuur wordt gebouwd;</li>
				<li>de situering van hoofdgebouwen tot een zijdelingse perceelsgrens, indien die noodzakelijk is in verband met de gebruiksmogelijkheden van gronden en bouwwerken op het aangrenzende perceel en het handhaven van parkeergelegenheid op het betreffende perceel, met dien verstande, dat een maximale afstand van 3 meter geëist kan worden;</li>
				<li>de situering en het aantal parkeervoorzieningen op eigen terrein van kantoren, bedrijven en overige voorzieningen;</li>
				<li>de afmeting van de bebouwing en situering, voorzover hier niet boven genoemd, indien dit noodzakelijk is in verband met de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en bouwwerken en de stedenbouwkundige en de landschappelijke karakteristiek van de omgeving. </li>
			</ol>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s848">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>203</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.4</nummer>
		<titel>Afwijken van de bouwregels</titel>
		<objectType>ontheffing van de bouwregels</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s683</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van:</p>
			<ol type="lower-alpha">
				<li>het bepaalde in lid <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s684">4.1</imropt:interneVerwijzing> voor een bedrijfsactiviteit die niet in de <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s863">Staat van </imropt:interneVerwijzing>
					<imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s863">Bedrijfsactiviteiten</imropt:interneVerwijzing> is opgenomen, dan wel uit een hogere milieucategorie, met inachtneming van de volgende regels:<ol type="decimal">
						<li>de bedrijfsactiviteit valt onder een categorie die maximaal 1 categorie hoger is dan de categorie die volgens de regels is toegestaan; </li>
						<li>de milieu-invloed van de bedrijfsactiviteit is vergelijkbaar met die van bedrijven uit de milieucategorie die volgens de regels is toegestaan;</li>
						<li>de stedenbouwkundige structuur niet onevenredig wordt aangetast;</li>
						<li>de verkeersveiligheid en brandveiligheid is gewaarborgd;</li>
					</ol>
				</li>
				<li>het bepaalde in lid <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s684">4.1</imropt:interneVerwijzing> voor sierteeltgerelateerde risicovolle activiteiten met inachtneming van de volgende regels:<ol type="decimal">
						<li>de plaatsgebonden risicocontour PR=10<sup>-6</sup> ligt binnen de terreingrens/ perceelsgrens van het risicovolle bedrijf, dan wel over gebieden met de bestemming verkeer, groen en/ of water;</li>
						<li>risicovolle activiteiten liggen minimaal op 200 meter afstand van een (bedrijfs)woning;</li>
						<li>het calamiteitenscenario van de activiteit bedraagt maximaal 10 dodelijke slachtoffers in omliggende woongebieden;</li>
					</ol>
				</li>
				<li>het bepaalde in lid <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s702">4.2.2</imropt:interneVerwijzing> sub b voor een goothoogte van maximaal 11 meter en een bouwhoogte van maximaal 16 meter, indien zulks voor een doelmatige bedrijfsuitvoering noodzakelijk is en overwegingen van landschapsbelang zich daartegen niet verzetten;</li>
				<li>het bepaalde in lid <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s702">4.2.2</imropt:interneVerwijzing> sub c voor een andere dakhelling met een maximum van 50% van het dakvlak of een platte afdekking, indien zulks voor een doelmatige bedrijfsvoering noodzakelijk blijkt en overwegingen van landschapsbelang zich daarentegen niet verzetten;</li>
				<li>het bepaalde in lid <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s702">4.2.2</imropt:interneVerwijzing> sub d voor een kortere afstand tot de zijdelingse perceelsgrens aan 1 zijde van de bebouwing indien zulks voor een doelmatige bedrijfsvoering noodzakelijk blijkt, overwegingen van landschapsbelang zich daarentegen niet verzetten en de stedenbouwkundige structuur niet wordt aangetast.</li>
			</ol>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s950">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>204</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>4.5</nummer>
		<titel>Specifieke gebruiksregels</titel>
		<objectType>specifieke gebruiksregels</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s683</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Ter plaatse van de specifieke functieaanduiding 'parkeerterrein (p)' dienen in totaal 25 parkeerplaatsen te worden gerealiseerd.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s686">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>205</volgnummer>
		<objectLabel>artikel</objectLabel>
		<nummer>5</nummer>
		<titel>Groen</titel>
		<objectType>bestemming</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s594</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s690">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>206</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>5.1</nummer>
		<titel>Bestemmingsomschrijving</titel>
		<objectType>bestemmingsomschrijving</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s686</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>De voor <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s686">Groen</imropt:interneVerwijzing> aangewezen gronden zijn bestemd voor:</p>
			<ol type="lower-alpha">
				<li>beplantingen;</li>
				<li>bermen;</li>
				<li>voetpaden;</li>
				<li>nutsvoorzieningen;</li>
				<li>water;</li>
				<li>ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van verkeer - parkeerterrein 1 (sv-p1)' een parkeerterrein;</li>
				<li>in- en uitritten ten behoeve van aangrenzende functies.</li>
			</ol>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s691">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>207</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>5.2</nummer>
		<titel>Bouwregels</titel>
		<objectType>bouwregels</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s686</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Op deze gronden mag worden gebouwd en gelden de volgende regels:</p>
			<ol type="lower-alpha">
				<li>op deze gronden mogen ten behoeve van de bestemming uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden gebouwd;</li>
				<li>de hoogte van lantaarnpalen mag maximaal 6 meter bedragen;</li>
				<li>de hoogte van vlaggenmasten mag maximaal 8 meter bedragen;</li>
				<li>de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, bedraagt ten hoogste 3 meter. </li>
			</ol>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s814">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>208</volgnummer>
		<objectLabel>artikel</objectLabel>
		<nummer>6</nummer>
		<titel>Horeca</titel>
		<objectType>bestemming</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s594</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s832">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>209</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>6.1</nummer>
		<titel>Bestemmingsomschrijving</titel>
		<objectType>bestemmingsomschrijving</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s814</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>De voor  '<imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s814">Horeca</imropt:interneVerwijzing>' aangewezen gronden zijn bestemd voor horeca activiteiten tot ten hoogste de categorie 'lichte horeca' uit de <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s936">Staat van Horeca activiteiten</imropt:interneVerwijzing>, alsmede een hotel. En tevens voor bij deze bestemming behorende voorzieningen zoals (ontsluitings)wegen, nutsvoorzieningen, groenvoorzieningen, parkeervoorzieningen en water ten behoeve van wateraanvoer en -afvoer, waterberging en sierwater.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s855">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>210</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>6.2</nummer>
		<titel>Bouwregels</titel>
		<objectType>bouwregels</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s814</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s857">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>211</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>6.2.1</nummer>
		<titel>Gebouwen</titel>
		<objectType>sublid</objectType>
		<objectNiveau>5</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s855</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Binnen deze bestemming mogen gebouwen ten dienste van deze bestemming worden gebouwd met inachtneming van de volgende bepalingen:</p>
			<ol type="lower-alpha">
				<li>het bebouwingspercentage van een bouwperceel zal ten hoogste 80% bedragen;</li>
				<li>de goothoogte van gebouwen mag maximaal 7 meter bedragen en de bouwhoogte mag maximaal 12 meter bedragen;</li>
				<li>hoofdgebouwen dienen te worden afgedekt met een kap van minimaal 15 en maximaal 60 graden;</li>
				<li>de minimaal aan te houden afstand tot de zijdelingse perceelsgrens bedraagt 3 m;</li>
				<li>het aantal hotelkamers mag ten hoogste 20 bedragen.;</li>
				<li>de hotelkamers mogen per kamer maximaal 30 m<sup>2</sup> groot zijn;</li>
				<li>de hotelfunctie is alleen toegestaan op de 1<sup>e</sup> en 2<sup>e</sup> verdieping van het pand.</li>
			</ol>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s856">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>212</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>6.2.2</nummer>
		<titel>Bouwwerken, geen gebouwen zijnde</titel>
		<objectType>sublid</objectType>
		<objectNiveau>5</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s855</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Binnen deze bestemming mogen gebouwe n ten dienste van deze bestemming worden gebouwd met inachtneming van de volgende bepalingen:</p>
			<ol type="lower-alpha">
				<li>de hoogte van lantaarnpalen mag maximaal 6 meter bedragen;</li>
				<li>de hoogte van reclamezuilen mag maximaal 5 meter bedragen;</li>
				<li>de hoogte van hekwerken mag maximaal 2 meter bedragen;</li>
				<li>de hoogte van vlaggenmasten mag maximaal 8 meter bedragen;</li>
				<li>de hoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde mag maximaal 2 meter bedragen.</li>
			</ol>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s687">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>213</volgnummer>
		<objectLabel>artikel</objectLabel>
		<nummer>7</nummer>
		<titel>Verkeer</titel>
		<objectType>bestemming</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s594</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s692">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>214</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>7.1</nummer>
		<titel>Bestemmingsomschrijving</titel>
		<objectType>bestemmingsomschrijving</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s687</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>De voor <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s687">Verkeer</imropt:interneVerwijzing> aangewezen gronden zijn bestemd voor:</p>
			<ol type="lower-alpha">
				<li>wegen en fiets- en voetpaden;</li>
				<li>parkeerplaatsen;</li>
				<li>in- en uitritten ten behoeve van aangrenzende functies;</li>
				<li>abri's;</li>
				<li>bermen met bijbehorende beplantingen en water.</li>
			</ol>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s693">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>215</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>7.2</nummer>
		<titel>Bouwregels</titel>
		<objectType>bouwregels</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s687</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Op deze gronden mogen ten behoeve van de bestemming uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden gebouwd en gelden de volgende regels: </p>
			<ol type="lower-alpha">
				<li>de hoogte van lantaarnpalen mag maximaal 6 meter bedragen;</li>
				<li>de hoogte van vlaggenmasten mag maximaal 8 meter bedragen;</li>
				<li>de bouwhoogte van overige gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, bedraagt ten hoogste 3 meter;</li>
				<li>de oppervlakte van abri's bedraagt maximaal 6 m.²</li>
			</ol>
			<p>Het bevoegd gezag kan ten behoeve van de verkeersveiligheid, de sociale veiligheid of het straatbeeld nadere eisen stellen aan de plaats en afmetingen van de bebouwing. </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s689">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>216</volgnummer>
		<objectLabel>artikel</objectLabel>
		<nummer>8</nummer>
		<titel>Water</titel>
		<objectType>bestemming</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s594</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s694">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>217</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>8.1</nummer>
		<titel>Bestemmingsomschrijving</titel>
		<objectType>bestemmingsomschrijving</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s689</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>De voor <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s689">Water</imropt:interneVerwijzing> aangewezen gronden zijn bestemd voor:</p>
			<ol type="lower-alpha">
				<li>de wateraanvoer en -afvoer;</li>
				<li>waterberging;</li>
				<li>oevers en taluds;</li>
				<li>perceelsontsluitingen ten behoeve van de aangrenzende functies.</li>
			</ol>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s695">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>218</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>8.2</nummer>
		<titel>Bouwregels</titel>
		<objectType>bouwregels</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s689</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Op deze gronden mogen uitsluitend keermuren voor de waterbeheersing, oeverbeschoeiingen, duikers en bruggen worden gebouwd. </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s762">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>219</volgnummer>
		<objectLabel>artikel</objectLabel>
		<nummer>9</nummer>
		<titel>Leiding - Water</titel>
		<objectType>dubbelbestemming</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s594</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s771">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>220</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>9.1</nummer>
		<titel>Bestemmingsomschrijving</titel>
		<objectType>bestemmingsomschrijving</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s762</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>De voor 'Leiding - Water' aangewezen gronden zijn - behalve voor de andere aldaar voorkomende bestemming(en) - mede bestemd voor een waterleiding.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s772">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>221</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>9.2</nummer>
		<titel>Bouwregels</titel>
		<objectType>bouwregels</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s762</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Op deze gronden mag worden gebouwd en gelden de volgende regels:</p>
			<ol type="lower-alpha">
				<li>op deze gronden mogen ten behoeve van de in lid <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s771">9.1</imropt:interneVerwijzing> genoemde bestemming uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden gebouwd met een bouwhoogte van ten hoogste 3 m;</li>
				<li>ten behoeve van de andere, voor deze gronden geldende bestemming(en) mag - met inachtneming van de voor de betrokken bestemming(en) geldende (bouw)regels - uitsluitend worden gebouwd, indien het bouwplan betrekking heeft op vervanging, vernieuwing of verandering van bestaande bouwwerken, waarbij de oppervlakte, voor zover gelegen op of onder peil, niet wordt uitgebreid en gebruik wordt gemaakt van de bestaande fundering.</li>
			</ol>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s773">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>222</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>9.3</nummer>
		<titel>Afwijken van de bouwregels</titel>
		<objectType>ontheffing van de bouwregels</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s762</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Het bevoegd gezag kan bijomgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s772">9.2</imropt:interneVerwijzing> lid 2 onder a en b, indien de bij de betrokken bestemming behorende bouwregels in acht worden genomen en het belang van de leiding(en) door de bouwactiviteiten niet onevenredig wordt geschaad.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s774">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>223</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>9.4</nummer>
		<titel>Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden</titel>
		<objectType>aanlegvergunning</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s762</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><ol type="lower-alpha">
				<li>Het is verboden op of in de gronden met de dubbelbestemming Leiding - Water zonder of in afwijking van een door het bevoegd gezag afgegeven omgevingsvergunnings de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren:<ol type="decimal">
						<li>het aanleggen van wegen of paden en het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen; </li>
						<li>het veranderen van het huidige maaiveldniveau door ontginnen, bodemverlagen, egaliseren, afgraven of ophogen; </li>
						<li>het aanbrengen van diepwortelende beplantingen en bomen; </li>
						<li>het aanleggen van andere kabels en leidingen dan in de bestemmingsomschrijving is aangegeven, en het aanbrengen van daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur; </li>
						<li>het indrijven van voorwerpen in de bodem; </li>
						<li>het uitvoeren van grondbewerkingen, waartoe worden gerekend afgraven, woelen, mengen, diepploegen, egaliseren, ontginnen, ophogen en aanleggen van drainage; </li>
						<li>het aanleggen, vergraven, verruimen of dempen van sloten, vijvers en andere wateren.</li>
					</ol>
				</li>
				<li>Het verbod van <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s774">9.4</imropt:interneVerwijzing> lid a is niet van toepassing op werken of werkzaamheden die:<ol type="decimal">
						<li>noodzakelijk zijn voor de uitvoering van een bouwplan waarvoor is afgeweken van het bestemmingsplan, zoals in lid <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s773">9.3</imropt:interneVerwijzing> bedoeld;</li>
						<li>normaal onderhoud en beheer ten dienste van de bestemming betreffen; </li>
						<li>reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van de inwerkingtreding van het plan.</li>
					</ol>
				</li>
				<li>De werken en werkzaamheden, zoals in lid <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s774">9.4</imropt:interneVerwijzing> onder a bedoeld, zijn slechts toelaatbaar, indien het leidingbelang daardoor niet onevenredig wordt geschaad.</li>
			</ol>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s731">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>224</volgnummer>
		<objectLabel>artikel</objectLabel>
		<nummer>10</nummer>
		<titel>Waarde - Archeologie</titel>
		<objectType>dubbelbestemming</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s594</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s732">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>225</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>10.1</nummer>
		<titel>Bestemmingsomschrijving</titel>
		<objectType>bestemmingsomschrijving</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s731</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>De voor <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s731">Waarde - Archeologie</imropt:interneVerwijzing> aangewezen gronden zijn - behalve voor de andere aldaar voorkomende bestemming(en) - mede bestemd voor de bescherming en veiligstelling van archeologische waarden.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s733">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>226</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>10.2</nummer>
		<titel>Bouwregels</titel>
		<objectType>bouwregels</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s731</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Op deze gronden mag worden gebouwd en gelden de volgende regels:</p>
			<ol type="lower-alpha">
				<li>op deze gronden mogen ten behoeve van de in lid <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s732">10.1</imropt:interneVerwijzing> genoemde bestemming uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden gebouwd met een bouwhoogte van ten hoogste 3 m; </li>
				<li>ten behoeve van de andere, voor deze gronden geldende bestemming(en) mag - met inachtneming van de voor de betrokken bestemming(en) geldende (bouw)regels - uitsluitend worden gebouwd, indien: <ol type="decimal">
						<li>de aanvrager van de omgevingsvergunning een rapport heeft overlegd waarin de archeologische waarde van de betrokken locatie naar het oordeel van het bevoegd gezag in voldoende mate is vastgesteld; </li>
						<li>de betrokken archeologische waarden, gelet op dit rapport, door de bouwactiviteiten niet worden geschaad of mogelijke schade kan worden voorkomen door aan de omgevingsvergunning regels te verbinden, gericht op het behoud van de archeologische resten in de bodem, het doen van opgravingen dan wel het begeleiden van de bouwactiviteiten door een archeologische deskundige;</li>
					</ol>
				</li>
				<li>het bepaalde in dit lid onder b.1 en b.2 is niet van toepassing, indien het bouwplan betrekking heeft op een of meer van de volgende activiteiten of bouwwerken:<ol type="decimal">
						<li>vervanging, vernieuwing of verandering van bestaande bebouwing, waarbij de oppervlakte, voor zover gelegen op of onder peil, niet wordt uitgebreid en waarbij gebruik wordt gemaakt van de bestaande fundering; </li>
						<li>een bouwwerk met een oppervlakte van ten hoogste 100 m²; </li>
						<li>een bouwwerk dat zonder graafwerkzaamheden dieper dan 30 cm en zonder heiwerkzaamheden kan worden geplaatst.</li>
					</ol>
				</li>
			</ol>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s875">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>227</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>10.3</nummer>
		<titel>Afwijken van de bouwregels</titel>
		<objectType>ontheffing van de bouwregels</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s731</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Burgemeester en wethouders zijn bevoegd af te wijken  van het bepaalde in sublid <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s733">10.2</imropt:interneVerwijzing> lid b, ten behoeve van het bouwen, met inachtneming van het volgende:</p>
			<ol type="lower-alpha">
				<li>de aanvrager van de omgevingsvergunning blijkens archeologisch onderzoek heeft aangetoond dat op de betrokken bouwlocatie geen archeologische waarden aanwezig zijn;</li>
				<li>de aanvrager van de omgevingsvergunning een rapport heeft overlegd waarin wordt aangetoond dat de archeologische waarden van het terrein naar het oordeel van burgemeester en wethouders in voldoende mate worden veiliggesteld;</li>
				<li>de betrokken archeologische waarden door de bouwactiviteiten niet worden geschaad of mogelijke schade wordt voorkomen door aan de ontheffing regels te verbinden, gericht op:<ol type="decimal">
						<li>het treffen van maatregelen, waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden;</li>
						<li>het doen van opgravingen;</li>
						<li>begeleiding van de bouwactiviteiten door de archeologisch deskundige.</li>
					</ol>
				</li>
			</ol>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s734">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>228</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>10.4</nummer>
		<titel>Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde of van werkzaamheden</titel>
		<objectType>aanlegvergunning</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s731</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s735">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>229</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>10.4.1</nummer>
		<titel>Omgevingsvergunning</titel>
		<objectType>sublid</objectType>
		<objectNiveau>5</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s734</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Het is verboden op of in de gronden met de bestemming <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s731">Waarde - Archeologie</imropt:interneVerwijzing> zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning afgegeven door het bevoegd gezag de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren:</p>
			<ol type="lower-alpha">
				<li>het uitvoeren van grondbewerkingen op een grotere diepte of hoogte dan 30 cm, waartoe worden gerekend afgraven, woelen, mengen, diepploegen, egaliseren, ontginnen, ophogen en aanleggen van drainage;</li>
				<li>het uitvoeren van heiwerkzaamheden en het op een of ander wijze indrijven van voorwerpen;</li>
				<li>het verlagen of verhogen van het waterpeil;</li>
				<li>het aanleggen of rooien van bos of boomgaard waarbij stobben worden verwijderd;</li>
				<li>het aanleggen van ondergrondse kabels en leidingen en het aanbrengen van daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur.</li>
			</ol>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s736">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>230</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>10.4.2</nummer>
		<titel>Uitzondering</titel>
		<objectType>sublid</objectType>
		<objectNiveau>5</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s734</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Het verbod van lid <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s735">10.4.1</imropt:interneVerwijzing> is niet van toepassing, indien de werken en werkzaamheden:</p>
			<ol type="lower-alpha">
				<li>noodzakelijk zijn voor de uitvoering van een bouwplan waarbij lid <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s733">10.2</imropt:interneVerwijzing> in acht is genomen; </li>
				<li>een oppervlakte beslaan van ten hoogste 100 m²; </li>
				<li>reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van de inwerkingtreding van het plan; </li>
				<li>ten dienste van archeologisch onderzoek worden uitgevoerd.</li>
			</ol>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s737">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>231</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>10.4.3</nummer>
		<titel>Voorwaarden voor een omgevingsvergunning</titel>
		<objectType>sublid</objectType>
		<objectNiveau>5</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s734</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>De werken en werkzaamheden, zoals in <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s735">10.4.1</imropt:interneVerwijzing> bedoeld, zijn slechts toelaatbaar, indien de aanvrager van de omgevingsvergunning aan de hand van nader archeologisch onderzoek kan aantonen dat op de betrokken locatie geen archeologische waarden aanwezig zijn. Voorts zijn de werken en werkzaamheden toelaatbaar, indien:</p>
			<ol type="lower-alpha">
				<li>de aanvrager van de omgevingsvergunning een rapport heeft overlegd waarin de archeologische waarde van de betrokken locatie naar het oordeel van het bevoegd gezag in voldoende mate is vastgesteld; </li>
				<li>de betrokken archeologische waarden, gelet op dit rapport, door de activiteiten niet worden geschaad of mogelijke schade kan worden voorkomen door aan de omgevingsvergunning regels te verbinden, gericht op het behoud van de archeologische resten in de bodem, het doen van opgravingen dan wel het begeleiden van de bouwactiviteiten door een archeologische deskundige.</li>
			</ol>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s877">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>232</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>10.4.4</nummer>
		<titel>Advies</titel>
		<objectType>sublid</objectType>
		<objectNiveau>5</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s734</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Alvorens een besluit te nemen omtrent het verlenen van een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel  <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s737">10.4.3</imropt:interneVerwijzing> winnen burgemeester en wethouders advies in van een archeologisch deskundige. </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s874">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>233</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>10.5</nummer>
		<titel>Wijzigingsbevoegdheid</titel>
		<objectType>wijzigingsbevoegdheid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s731</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Het bevoegd gezag is bevoegd:</p>
			<ol type="lower-alpha">
				<li>de archeologische dubbelbestemming geheel of gedeeltelijk van de verbeelding te verwijderen, indien:<ol type="decimal">
						<li>uit nader archeologisch onderzoek is gebleken dat ter plaatse geen archeologische waarden aanwezig zijn;</li>
						<li>het op grond van nader archeologisch onderzoek niet meer noodzakelijk wordt geacht dat het bestemmingsplan ter plaatse in bescherming en veiligstelling van archeologische waarden voorziet. </li>
					</ol>
				</li>
			</ol>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s761">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>234</volgnummer>
		<objectLabel>artikel</objectLabel>
		<nummer>11</nummer>
		<titel>Waterstaat - Waterkering</titel>
		<objectType>dubbelbestemming</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s594</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s786">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>235</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>11.1</nummer>
		<titel>Bestemmingsomschrijving</titel>
		<objectType>bestemmingsomschrijving</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s761</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>De voor <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s761">Waterstaat - Waterkering</imropt:interneVerwijzing> aangewezen gronden zijn - behalve voor de andere aldaar geldende bestemming(en) - tevens bestemd voor de waterkering.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s787">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>236</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>11.2</nummer>
		<titel>Bouwregels</titel>
		<objectType>bouwregels</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s761</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Op deze gronden mag worden gebouwd en gelden de volgende regels: </p>
			<ol type="lower-alpha">
				<li>op de gronden mogen ten behoeve van de in lid  <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s786">11.1</imropt:interneVerwijzing> genoemde bestemming uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden gebouwd;</li>
				<li>de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, bedraagt ten hoogste 3 m;</li>
				<li>ten behoeve van de andere, voor deze gronden geldende bestemming(en) mag - met inachtneming van de voor de betrokken bestemming(en) geldende (bouw)regels - uitsluitend worden gebouwd, indien het bouwplan betrekking heeft op vervanging, vernieuwing of verandering van bestaande bouwwerken, waarbij de oppervlakte,  voor zover gelegen op of onder peil, niet wordt uitgebreid en gebruik wordt gemaakt van de bestaande fundering.</li>
			</ol>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s788">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>237</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>11.3</nummer>
		<titel>Afwijken van de bouwregels</titel>
		<objectType>ontheffing van de bouwregels</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s761</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s787">11.2</imropt:interneVerwijzing> onder a indien: </p>
			<ol type="lower-alpha">
				<li>de bij de betrokken bestemming behorende bouwregels in acht worden genomen en het waterkeringbelang door de bouwactiviteiten niet onevenredig wordt geschaad; </li>
				<li>alvorens omgevingsvergunning te verlenen dient het bevoegd gezag schriftelijk advies in bij de waterbeheerder omtrent de vraag of aan het gestelde onder a wordt voldaan. </li>
			</ol>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s595">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>238</volgnummer>
		<objectLabel>hoofdstuk</objectLabel>
		<nummer>3</nummer>
		<titel>Algemene regels</titel>
		<objectType>algemene regels</objectType>
		<objectNiveau>2</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s532</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s596">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>239</volgnummer>
		<objectLabel>artikel</objectLabel>
		<nummer>12</nummer>
		<titel>Antidubbeltelregel</titel>
		<objectType>antidubbeltelregel</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s595</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing. </p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s597">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>240</volgnummer>
		<objectLabel>artikel</objectLabel>
		<nummer>13</nummer>
		<titel>Algemene bouwregels</titel>
		<objectType>algemene bouwregels</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s595</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s821">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>241</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>13.1</nummer>
		<titel>Overschrijding bouwgrenzen</titel>
		<objectType>lid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s597</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Bij de toepassing van het bepaalde ten aanzien van het bouwen worden ondergeschikte bouwonderdelen als plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen, schoorstenen, gevel- en kroonlijsten, luifels, balkons en overstekende daken buiten beschouwing gelaten, mits de overschrijding van bouwgrenzen niet meer dan 1,2 m bedraagt.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s822">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>242</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>13.2</nummer>
		<titel>Dakopbouwen t.b.v. noodtrappen, luchtbehandelings- en liftinstallaties</titel>
		<objectType>lid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s597</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Dakopbouwen ten behoeve van noodtrappen, luchtbehandelings- en liftinstallaties mogen niet hoger zijn dan 3,50 m en mogen geen grotere oppervlakte hebben dan 40% van de vloeroppervlakte van de bovenste laag van het gebouw waarop zij worden geplaatst.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s823">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>243</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>13.3</nummer>
		<titel>Ondergronds bouwen</titel>
		<objectType>lid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s597</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s824">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>244</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>13.3.1</nummer>
		<titel>Algemeen</titel>
		<objectType>sublid</objectType>
		<objectNiveau>5</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s823</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>De regels inzake de toelaatbaarheid, de aard, de omvang en de situering van gebouwen zijn in geval van ondergrondse bouw van overeenkomstige toepassing, met dien verstande, dat deze uitsluitend is toegestaan met inachtneming van de volgende voorwaarden:</p>
			<ol type="lower-alpha">
				<li>ondergrondse bouw is uitsluitend toegestaan onder de oppervlakte van bovengronds gelegen gebouwen, alsmede ter verbinding van gebouwen;</li>
				<li>gebouwd mag worden tussen peil en 3,50 m onder peil.</li>
			</ol>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s819">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>245</volgnummer>
		<objectLabel>artikel</objectLabel>
		<nummer>14</nummer>
		<titel>Algemene gebruiksregels</titel>
		<objectType>algemene gebruiksregels</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s595</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s826">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>246</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>14.1</nummer>
		<titel>Verbod</titel>
		<objectType>lid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s819</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Het is verboden gronden en bouwwerken te gebruiken of te laten gebruiken op een wijze of tot een doel strijdig met de aan de grond gegeven bestemming en de overige regels. Onder verboden gebruik als in artikel 2.1, lid 1 sub c van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht wordt in elk geval verstaan:</p>
			<ol type="lower-alpha">
				<li>een gebruik van gronden als stort- en/of opslagplaats van grond en/of afval, met uitzondering van een zodanig gebruik voor het normale op de bestemming gerichte gebruik en onderhoud;</li>
				<li>een gebruik van gronden als stallings- en/of opslagplaats van één of meer aan het gebruik onttrokken machines, voer-, vaar- of vliegtuigen, met uitzondering van een zodanig gebruik voor het normale op de bestemming gerichte gebruik en onderhoud;</li>
				<li>vestiging van seizoensarbeiders;</li>
				<li>een gebruik van gronden en bouwwerken voor een seksinrichting dan wel ten behoeve van prostitutie;</li>
				<li>een gebruik ten behoeve van detailhandel, anders dan productiegerichte detailhandel en bestaande perifere detailhandel.</li>
			</ol>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s827">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>247</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>14.2</nummer>
		<titel>Afwijken</titel>
		<objectType>lid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s819</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s826">14.1</imropt:interneVerwijzing>, indien strikte toepassing van het verbod leidt tot beperkingen in het meest doelmatige gebruik die niet door dringende redenen worden gerechtvaardigd.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s923">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>248</volgnummer>
		<objectLabel>artikel</objectLabel>
		<nummer>15</nummer>
		<titel>Algemene aanduidingsregel</titel>
		<objectType>algemene aanduidingsregels</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s595</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s925">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>249</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>15.1</nummer>
		<titel>Overig - beplantingszone</titel>
		<objectType>lid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s923</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Ter plaatse van de aanduiding <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s925">Overig - beplantingszone</imropt:interneVerwijzing> gelden de volgende aanvullende bepalingen:</p>
			<ol type="lower-alpha">
				<li>de beplantingszone moet voor 31 december 2013 worden aangelegd overeenkomstig het beplantingsplan en dient vervolgens in stand te worden gehouden;</li>
				<li>onder het beplantingsplan wordt in deze planregels verstaan het beplantingsplan Edo Koi, Belgiëlaan 1F, gedateerd maart 2012.</li>
			</ol>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s828">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>250</volgnummer>
		<objectLabel>artikel</objectLabel>
		<nummer>16</nummer>
		<titel>Algemene afwijkingsregels</titel>
		<objectType>algemene ontheffingsregels</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s595</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s829">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>251</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>16.1</nummer>
		<titel>Algemene afwijkingsregels ten behoeve van geringe afwijkingen</titel>
		<objectType>lid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s828</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Indien niet op grond van een andere bepaling van deze regels afgeweken kan worden van deze regels, is het bevoegd gezag bij een aanvraag om een omgevingsvergunning die betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, lid 1, onder a, b of c Wabo bevoegd af te wijken van de desbetreffende regels van het plan voor:</p>
			<ol type="lower-alpha">
				<li>geringe afwijkingen van het plan indien blijkt dat uitsluitend ten gevolge van onnauwkeurigheden in de verbeelding of in deze regels, deze geringe afwijkingen in het belang van een juiste verwerkelijking of toepassing van het plan gewenst of noodzakelijk zijn, of welke in het belang zijn van een ruimtelijk of technisch beter verantwoorde plaatsing van bouwwerken welke noodzakelijk zijn in verband met de werkelijke toestand van het terrein;</li>
				<li>afwijkingen van de bebouwingspercentages en in het plan voorgeschreven maten van ten hoogste 10% (gemeten ten opzichte van de totale in aanmerking te nemen oppervlakte), waarbij de in de bestemmingsregels voorzien afwijkingsmogelijkheden buiten beschouwing blijven;</li>
				<li>de oprichting van niet voor bewoning bestemde gebouwen en andere bouwwerken ten behoeve van voorzieningen van algemeen nut, zoals openbare toiletten, telefooncellen, wachthuisjes, (ondergrondse afval)inzamelcontainers, gasreduceerstations, rioolgemalen en transformatorstations, mits het bovengrondse oppervlak van ieder gebouw en ander bouwwerk niet meer bedraagt dan 15 m² en de hoogte niet meer dan 3 m¹. Het bevoegd gezag houdt onder andere rekening met mogelijke overlast, verkeersveiligheid en ruimtelijke kwaliteit;</li>
				<li>het plaatsen van zendmasten of -antennes voor telecommunicatie rondom infrastructuur dan wel in bebouwd gebied op gebouwen, met uitzondering van plaatsing op of zeer nabij gebouwen waar mensen permanent dan wel veelvuldig verblijven (zoals woongebouwen, basisscholen en dergelijke), tenzij plaatsing buiten een woongebouw redelijkerwijs onmogelijk is. Het bevoegd gezag houdt onder meer rekening met de veiligheid en mogelijke storing van elektronische apparaten zoals televisie, radio en dergelijke.</li>
			</ol>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s830">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>252</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>16.2</nummer>
		<titel>Voorwaarden</titel>
		<objectType>lid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s828</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>De in <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s829">16.1</imropt:interneVerwijzing> genoemde omgevingsvergunningen mogen slechts worden verleend indien hierdoor geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en bouwwerken. Voorts dient de stedenbouwkundige waarde van de omgeving te zijn gewaarborgd.</p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s820">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>253</volgnummer>
		<objectLabel>artikel</objectLabel>
		<nummer>17</nummer>
		<titel>Algemene wijzigingsregels</titel>
		<objectType>algemene wijzigingsregels</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s595</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s831">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>254</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>17.1</nummer>
		<titel>Algemene wijzigingsbevoegdheid</titel>
		<objectType>lid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s820</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Het bevoegd gezag is overeenkomstig het bepaalde in artikel 3.6, lid 1 onder a van de Wet ruimtelijke ordening, bevoegd het plan te wijzigen ten behoeve van:</p>
			<ol type="lower-alpha">
				<li>het oprichten van gebouwen ten dienste van (openbare) nutsvoorzieningen met een inhoud van ten hoogste 150 m³ en een goothoogte van ten hoogste 4 m, dit voor zover deze op grond van artikel <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s828">16</imropt:interneVerwijzing> niet kunnen worden gebouwd;</li>
				<li>het aanbrengen van wijzigingen in de plaats, richting en/ of afmetingen van bestemmingsgrenzen ten behoeve van de praktische uitvoering van het plan met dien verstande dat de afwijking ten hoogste 3 m mag bedragen en het bestemmingsvlak niet meer dan 10% mag worden vergroot, mits het wijzigingen betreft waarbij geen belangen van derden worden geschaad, dan wel ter correctie van afwijkingen of onnauwkeurigheden op de verbeelding;</li>
				<li>het aanpassen van opgenomen bepalingen in de voorafgaande artikelen, waarbij verwezen wordt naar bepalingen in wettelijke regelingen, indien deze wettelijke regelingen na het tijdstip van de tervisielegging van het ontwerpplan worden gewijzigd.</li>
			</ol>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s613">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>255</volgnummer>
		<objectLabel>hoofdstuk</objectLabel>
		<nummer>4</nummer>
		<titel>Overgangs- en slotregels</titel>
		<objectType>overgangs- en slotregel</objectType>
		<objectNiveau>2</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s532</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s614">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>256</volgnummer>
		<objectLabel>artikel</objectLabel>
		<nummer>18</nummer>
		<titel>Overgangsrecht</titel>
		<objectType>overgangsrecht</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s613</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s615">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>257</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>18.1</nummer>
		<titel>Overgangsrecht bouwwerken</titel>
		<objectType>lid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s614</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><ol type="lower-alpha">
				<li>Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot: <ol type="decimal">
						<li>gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; </li>
						<li>na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan.</li>
					</ol>
				</li>
				<li>Eenmalig kan door het bevoegd gezag worden afgeweken van lid <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s615">18.1</imropt:interneVerwijzing> sub a voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in lid <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s615">18.1</imropt:interneVerwijzing> sub a met maximaal 10%.</li>
				<li>Lid <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s615">18.1</imropt:interneVerwijzing> sub a is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.</li>
			</ol>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s616">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>258</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer>18.2</nummer>
		<titel>Overgangsrecht gebruik</titel>
		<objectType>lid</objectType>
		<objectNiveau>4</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s614</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><ol type="lower-alpha">
				<li>Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet.</li>
				<li>Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, als bedoeld onder lid <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s616">18.2</imropt:interneVerwijzing> onder a., te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind.</li>
				<li>Indien het gebruik, bedoeld in lid <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s616">18.2</imropt:interneVerwijzing> onder a., na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten.</li>
				<li>Lid <imropt:interneVerwijzing xl:type="simple" xl:href="#NL.IMRO.s616">18.2</imropt:interneVerwijzing> sub a is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.</li>
			</ol>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s618">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>259</volgnummer>
		<objectLabel>artikel</objectLabel>
		<nummer>19</nummer>
		<titel>Slotregel</titel>
		<objectType>slotregel</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s613</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"><p>Deze regels worden aangehaald als:</p>
			<p>Regels van het bestemmingsplan International Trade Centre (ITC) 2012 van de gemeente Rijnwoude.</p>
			<p>Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Rijnwoude in zijn openbare raadsvergadering van ……………………….</p>
			<p>De griffier, 			De voorzitter,</p>
			<p></p>
			<p></p>
			<p>....................			....................</p>
			<p></p>
		</tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s759">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>260</volgnummer>
		<objectLabel></objectLabel>
		<nummer></nummer>
		<titel>Bijlagen</titel>
		<objectType>bijlagen bij regels</objectType>
		<objectNiveau>2</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s532</ouderId>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s863">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>261</volgnummer>
		<objectLabel>bijlage</objectLabel>
		<nummer>1</nummer>
		<titel>Staat van Bedrijfsactiviteiten</titel>
		<objectType>bijlage bij regels</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s759</ouderId>
		<externeVerwijzingLink>rb_NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01_1.pdf</externeVerwijzingLink>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
	<plantekstObject identificatie="NL.IMRO.s936">
		<plangebied>NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01</plangebied>
		<volgnummer>262</volgnummer>
		<objectLabel>bijlage</objectLabel>
		<nummer>2</nummer>
		<titel>Staat van Horeca activiteiten</titel>
		<objectType>bijlage bij regels</objectType>
		<objectNiveau>3</objectNiveau>
		<ouderId>NL.IMRO.s759</ouderId>
		<externeVerwijzingLink>rb_NL.IMRO.1672.11BPHDitcterrein-VG01_2.pdf</externeVerwijzingLink>
		<tekst xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"></tekst>
	</plantekstObject>
</plantekst>
